Het interview 2

Ondanks hun leeftijd blijken Willem-Alexander en Máxima nog niet zelfstandig te oordelen over de rol die de (schoon-)vader speelde in de pijnlijke geschiedenis van het Argentijnse volk.

Eerst verwijst Willem-Alexander naar de mening van de dictator, wat zij achteraf ,,een beetje dom'' noemt. Nu hechten ze samen meer geloof aan de `mening' die vader Zorreguieta vertelt dan aan de dagelijkse demonstraties van Dwaze Moeders en de vele (inter)nationaal gepubliceerde artikelen; feiten die iedereen die ze niet opzettelijk negeerde, kon kennen. Het valt op dat Willem-Alexander en Máxima in hun oordeel over de vader veel verder gaan dan wat er redelijkerwijs van hen als zelfstandige volwassenen kan worden gevraagd. Ze houden zich niet op de vlakte met de stelling dat ze zelf ook nog veel onbevredigend beantwoorde vragen hebben over die periode en de rol van Zorreguieta daarin. In plaats daarvan spreken ze onomwonden hun `geloof' uit in de `mening' van de vader. Zulk `respect' voor een evident ongeloofwaardige mening lijkt vooral naïeve, onvolwassen angst voor een vader die elk volwassen en zelfstandig oordeel in de weg staat.