Defibrillator kan meer levens redden

Het gebruik van automatische externe defibrillatoren om slachtoffers van een hartaanval het leven te redden moet worden bevorderd. Dit schrijft de Gezondheidsraad in een gisteren gepubliceerd advies aan minister Borst (volksgezondheid).

Ieder jaar overlijden in Nederland 15.000 door een plotselinge hartstilstand, meestal na een hartaanval waarbij één van de kransslagaderen rond het hart verstopt is geraakt. Door zo'n afsluiting gaat het hart fibrilleren: het beweegt ongecoördineerd en pompt het bloed niet meer rond. Dit kan binnen tien minuten tot ernstige hersenschade of de dood leiden. Fibrilleren is alleen op te heffen met defibrillatie: een elektrische schok, toegediend met twee op de borstkas geplaatste elektrodeplaten. In afwachting van een defibrillatie kunnen omstanders hartmassage toepassen. Iedere minuut dat hulp uitblijft zakt de kans om te overleven met tien procent.

Defibrillatie was specialistisch en riskant werk en mocht alleen door een arts worden uitgevoerd, maar 20 jaar geleden kwamen de eerste automatische defibrillatoren op de markt. Die apparaten controleren zelf of een patiënt echt aan hartfibrilleren lijdt en berekenen vervolgens de sterkte van de benodigde schok. De bediener van het apparaat hoeft alleen de elektroden op de borstkas te plaatsen. EHBO-ers en familieleden kunnen de apparaten na een eenvoudige training veilig bedienen. Onderzoek heeft uitgewezen dat 40 procent van de overledenen te redden is als steeds een automatische defibrillator beschikbaar is. In de Verenigde Staten hebben veel bedrijven, grote stadions of winkelcentra een defibrillator bij de eerste-hulpspullen liggen. De meeste vliegtuigen hebben er ook aan boord. In Nederland kost een defibrillator gemiddeld zo'n 2.000 euro.

De introductie van automatische defibrillatoren (AED's) is in Nederland vertraagd doordat in de wet op de beroepen in gezondheidszorg (BIG) staat dat alleen artsen mogen defibrilleren. Het ministerie heeft enkele initiatieven onderdrukt om het gebruik van de automatische defibrillatoren te propageren. De Gezondheidsraad constateert in haar advies echter dat de wettelijke belemmering eigenlijk nooit heeft bestaan. Leken mogen `incidenteel hulpverlening in gezinsverband' verlenen. Omstanders, ook als het bijvoorbeeld fysiotherapeuten zijn die onder het regime van de BIG vallen, mogen ingrijpen omdat handelen `zonder verwijl' nodig is.