Weah blijft de held van Afrika

George Weah (35) was de opvallendste speler in het eerste weekeinde van het toernooi om het Afrikaans kampioenschap, dat tot en met 10 februari wordt gehouden in Mali. De Liberiaanse stervoetballer maakte tegen het gastland het eerste doelpunt van zijn laatste grote toernooi.

Plotseling stokten de werkzaamheden in het zaaltje waar de accreditaties verstrekt werden. George Weah trad binnen en van het ene op het andere moment leek de kleine ruimte een gewijde plaats waar alleen op fluistertoon gesproken mag worden. `George Weah, George Weah, George Weah', zoemde het rond. Het leek wel of Koning Voetbal tot vlees was geworden om in hoogsteigen persoon het toernooi om de Afrika Cup te kunnen bezoeken.

Weah is de coach en captain van het kleine voetballand Liberia, maar hij is wel de grootste voetballer die het Afrikaanse continent heeft voortgebracht. De speler die in 1995 werd uitgeroepen tot Afrikaans, Europees en wereldvoetballer van het jaar, staat in populariteit op gelijke voet met Nelson Mandela en om die reden geniet hij alom veel respect. Zelfs in Mali, waar hij tijdens de Afrika Cup tot het kamp van de `vijand' behoort.

In de openingswedstrijd was Liberia de tegenstander van het gastland, maar geen van de 60.000 in en rondom het stadion aanwezige Malinezen die het zaterdag in zijn hoofd haalde om Weah onheus te bejegenen. Op het moment dat hij het veld betrad voor zijn warming-up staakte het gezang vanaf de tribunes en zwegen voor even de fluitjes waar de supporters massaal op plegen te blazen. De kakofonie van geluid maakte plaats voor een klaterend applaus, door Weah minzaam zwaaiend beantwoord.

De Malinese voetbalsupporter onderscheidt zich meer opzichten van zijn West-Europese soortgenoten. Neem alleen al het verschil in benadering. Men wil een feestje vieren zonder de bedoeling het feestje van de tegenstander te verzieken. En men getroost zich nog enige moeite om de nationale voetbalhelden te kunnen aanmoedigen. Uitbundig uitgedost werd de vijf kilometer van Bamako's centrum naar het `Stadion van de 26ste Mei' door het merendeel van de toeschouwers ogenschijnlijk zonder klagen te voet afgelegd.

De weg naar het stadion vormde zaterdag één lint van voetbalpassie, dat door politie en leger en een belangrijk deel van de intelligentsia overigens met argusogen werd bekeken. Die laatste groep heeft sowieso al weinig op met het geldverslindende toernooi en vreesde een omslag van euforie in geweld in het geval Mali zou verliezen van Liberia. De minst sombere voorspelling in die kring luidde, dat er dan geen stoplicht, verkeersbord en lantaarnpaal meer in Bamako overeind zou blijven.

Zover kwam het niet, want Mali en Liberia speelde met 1-1 gelijk. Een resultaat waar de voetbalminnende Malinezen vrede mee konden hebben, zij het dat Weah hun incasseringsvermogen zwaar op de proef stelde. De levende legende versteende de Malinese supporters door op slag van rust Liberia met een rake kopbal op voorsprong te zetten. Het kwam niet in de hoofden van de supporters op om Weah uit te fluiten, maar in dit uitzonderlijke geval ging het hen ook weer te ver om enige blijken van waardering te tonen. Dus bleef het een poosje doodstil. Zelfs het respect voor Weah kent zijn grenzen.

Gelukkig voor Mali scoorde Seydou Keita vijf minuten voor het eindsignaal de gelijkmaker en bracht hij het stadion tot ontploffing. De eer van het land was gered en de schande van een nederlaag was voorkomen. Alle reden dus om het feest nog uitbundiger voort te zetten.

Het deerde de dolgelukkige Malinezen vanzelfsprekend niet, dat Keita hét verhaal van de wedstrijd verstoorde. Het zou wat zijn geweest: Weah die in de openingswedstrijd tegen het gastland het nietige Liberia de overwinning had bezorgd. Dat had de speler zelf ook wel geleken, zij het dat hij na afloop vrede met de uitslag kon hebben.

Tijdens een chaotische persconferentie waar hij alle aandacht naar zich toezoog, riep Weah nog maar eens de miserabele voorbereiding van Liberia op de Afrika Cup in herinnering. In een trainingskamp met weinig faciliteiten in Ivoorkust hadden de spelers hun voorbereiding drie dagen onderbroken met een staking. Zij eisten een premie voor het toernooi van 15.000 dollar per speler. De Liberiaanse voetbalfederatie kon wegens gebrek aan geld niet op die eis ingaan, zodat de internationals mokkend de bondsbijdrage van 6.500 dollar per persoon accepteerden. Een actie die van harte werd ondersteund oor Weah, al is het maar omdat hij allerminst een vriend is van de federatievoorzitter Edward Snowe.

Of Weah uit eigen portemonnee die premie opschroeft wilde hij niet vertellen, hoewel het bekend is dat de speler/coach uit eigen zak wel eens kleding en schoeisel bekostigt. Weah doet dat uit liefde voor zijn land, dat hij via het voetbal weer een goede naam wil bezorgen. Liberia was tot 1996 een door burgeroorlog verscheurd land, waar zelfs de icoon Weah zijn leven niet veilig was. Zijn huis in de hoofdstad Monrovia werd ten tijde van de strijd geplunderd en in brand gestoken. Ten tijde van de oorlog sponsorde Weah in zijn eentje het nationale elftal, dat zijn wedstrijden grotendeel in Ghana afwerkte. Dat heeft hem indertijd vele miljoenen dollars gekocht. Maar het tekent de persoon Weah, dat hij daartoe bereid was.

Inmiddels is de vrede in Liberia getekend en poogt het land zich te herstellen van jarenlange zelfdestructie. En Weah neemt op zijn manier het voortouw. ,,Maar dat valt me zwaar'', wond hij er zaterdag geen doekjes om. ,,Ik ben met 35 jaar op een leeftijd gekomen, dat het me soms allemaal te veel wordt. Sinds ik bij Al-Jazira in de Verenigde Arabische Emiraten speel, is het op en neer reizen naar Liberia er ook nog een stuk vermoeiender op geworden. En in het nationale team komt wel erg veel neer op mijn schouders. Ik ben coach, speler en leider van het team. De spelers verwachten dat ik hen aanmoedig, corrigeer en inspireer. En dat is alleen nog op te brengen, omdat de Afrika Cup mijn laatste grote toernooi is.''

Maar voor het Liberiaanse voetbal moet de dag worden gevreesd dat Weah afscheid neemt. Het Liberiaanse elftal bestaat uit goede voetballers en prachtige atleten, maar geen van de spelers heeft de klasse van Weah. Het team zal zijn inbreng straks node missen. Hij heeft in het veld een vrije rol en bemoeit zich in feite zijdelings met het spel, maar als inspirator is Weah onovertrefbaar en onmisbaar. En Weah kiest zijn momenten. Zodra hij aan de bal is, treedt de betovering in en doet hij er prompt iets goeds mee. Of hij speelt een medespeler vrij of hij scoort, zoals tegen Mali. En de vreugde over dat laatste kunststukje was aandoenlijk om te zien. Rondom Weah werd een soort rituele dans uitgevoerd, waarna hij door elke medespeler bijkans werd doodgeknuffeld.

Het afscheid van Weah maakt de Afrikaanse voetballiefhebber weemoedig. Hij geldt als een voorbeeld voor velen. Weah leverde het bewijs dat een arme Afrikaanse jongen het tot de beste voetballer van de wereld kan schoppen. En er is in Afrika zoveel talent, dat er ooit ergens een nieuwe Weah zal opstaan. Maar de huidige blijft uniek, als voetballer en als mens.