Vredesproces in Colombia weer op gang

De regering van Colombia heeft afspraken gemaakt met de linkse rebellen van de FARC, de Gewapende revolutionaire strijdkrachten van Colombia, om tot een staakt-het-vuren te komen.

De overeenkomst tussen beide partijen, die al 38 jaar in een bloedige burgeroorlog zijn verwikkeld, is een belangrijke stap voorwaarts in het vredesproces.

De regering en de leiding van de FARC kwamen de afspraken over het bereiken van een staakt-het-vuren overeen met minder dan vier uur te gaan tot het aflopen van een ultimatum. Dat ultimatum werd vorige week onder grote internationale druk ingesteld nadat de FARC zich blijvend onbereid had getoond te praten over vrede. De Colombiaanse president dreigde toen de zogenaamde gedemilitariseerde zone, een gebied zo groot als Zwitserland, terug te vorderen van de FARC. Met het uitstel van het ultimatum bleek de FARC alsnog bereid tot onderhandelen.

Regeringsonderhandelaar Camilo Gomez en rebellenleider Raul Reyes lieten gisteren op een gezamenlijke persconferentie weten dat de door Bogota ingestelde deadline voor het bereiken van een overeenkomst is uitgesteld en dat beide partijen een communiqué zijn overeengekomen op grond waarvan een definitief staakt-het-vuren moet worden bereikt.

In het communiqué van twaalf punten zeggen beide partijen dat op 7 april uiterlijk een staakt-het-vuren moet worden bereikt. Is dat er dan nog steeds niet dan nemen de regeringstroepen drie dagen later de gedemilitariseerde zone alsnog in. Die zone, Farcolandia in de volksmond, werd ruim drie jaar geleden door Pastrana ingesteld in de hoop daarmee een bestand af te dwingen. Het rebellenleger van Reyes toonde zich evenwel weinig bereid tot serieuze onderhandelingen. De regering heeft de FARC beschuldigd van misbruik van de zone voor het onderbrengen van ontvoerde politici en burgers, en de productie van en handel in verdovende middelen.

Ook na het bereiken van het tussentijdse bestand, vorige week, voerden rebellen van de FARC aanvallen uit op burgerdoelen in het land. En tijdens botsingen tussen de FARC en het regeringsleger kwamen in de week dat er onderhandeld is ten minste 47 mensen om. Desondanks hebben de rebellen nu beloofd zich te onthouden van ontvoeringen. De regering op haar beurt heeft toegezegd ultrarechtse paramilitaire groeperingen aan te pakken. Die groeperingen zijn op eigen initiatief een uiterst bloedig offensief tegen de FARC begonnen.

Tien ambassadeurs en de VN-onderhandelaar voor Colombia, James LeMoyne, bereikten vorige week te elfder ure de overeenkomst met de FARC die door de regering werd geaccepteerd. Daarmee voorkwamen zij een vrijwel zekere uitbereiding van de burgeroorlog. Volgens de Colombiaanse media is de kans op vrede echter klein. Ze meldden dat de FARC niet bereid is bolwerken buiten de gedemilitariseerde op te geven. Voorts eisen het guerrillaleger vrijlating van gevangen rebellen. Pas dan zouden zij bereid zijn nog ontvoerde Colombianen vrij te laten. Tevens zou de FARC werkloosheidsuitkeringen hebben geëist voor ex-rebellen. De Colombiaanse regering zou alleen bereid zijn tot concessies wanneer een permanent bestand is veilig gesteld, vrede zeker is en de ontvoeringen definitief tot het verleden behoren.