Voorbeeldfunctie

Ik ben een geharde pleitbezorger van de scheiding der machten. Niet alleen de scheiding tussen kerk en staat, maar ook de separatie tussen privé en openbaar. Of om nog concreter te zijn: tussen het stadion en de slaapkamer dient een nieuwe, glanzende Berlijnse muur te worden opgetrokken. Wat aan beide kanten van deze barrière geschiedt moet volkomen los van elkaar worden gezien. Dat de sporter tussen de lakens de beest uithangt zal me een zorg zijn zolang hij zich op de grasmat correct gedraagt.

Had Ronald Koeman deze scheiding ook maar in zijn hoofd aangebracht. Door de beschuldigingen van overspel (die het roddelblad Weekend al twee weken over hem uitstort) met alle middelen die een beroemde trainer van een beroemde ploeg tot zijn beschikking heeft te willen pareren, is Ronald Koeman een gevaarlijke weg ingeslagen. Nu zit hij verstrikt in een web van leugens en ongeloofwaardige ontkenningen die hij in lange interviews door het bevriende dagblad De Telegraaf laat publiceren.

Toegegeven, het is nooit prettig om door de ratten van de rioolpers te worden gebeten. Maar als dit toch gebeurt moet je van je wondjes geen staatszaak gaan maken. Geen dure advocaat en processen, geen plechtige interviews en wettige echtgenote die je aan het front van je misstapjes laat opdraven. Beter lijkt het me op zo 'n moment om aan zelfonderzoek te beginnen. Als je toch een maîtresse wilt nemen, dan geen ordinaire snol die later halfnaakt in Aktueel je bedgeheimpjes prijs geeft. Die het voyeurvolk vertelt hoe ze in je slaapkamer constateerde dat je vrouw altijd links slaapt. Neem allereerst een lieflijke en gedweeë minnares die zich uitsluitend in de schaduw van je schaduw beweegt.

Maar in het hoofd van Koeman heerst nog altijd een bedrieglijk mélange des genres: `Als bekende sporter heb je toch een voorbeeldfunctie', zei hij tegen De Telegraaf. Wat een puriteinse onzin. En welke voorbeeldfunctie dient die bekende sporter voor mij, eenvoudige toeschouwer, te vervullen? Moet hij soms mijn civiele gedrag beïnvloeden door zijn onberispelijkheid tot aan de slaapkamer te etaleren? Ik zit absoluut niet te wachten op welk voorbeeld ook gevist uit het privé-leven van de heer Koeman, hoofdtrainer van een hoofdstedelijke voetbalploeg. De enige voorbeeldfunctie van bekende sporter Koeman die ik me kan indenken, dient zich tot het stadion te beperken. En wat dit betreft is Ronald Koeman tijdens zijn profcarrière een volstrekt verkeerd voorbeeld geweest. Een speler van weinig moraliteit, doordrenkt door cynisme, wraakzucht en vulgariteit.

Hoezo overdreven? Mij schieten twee voorbeelden uit hetzelfde jaar te binnen. Ik zie nog dat onvergetelijke gebaar dat de kwaadaardige domheid van de man typeert. Dinsdag 21 juni 1988, Oranje heeft zojuist thuisploeg Duitsland in de halve finale van het EK uitgeschakeld. Koeman neemt het Duitse shirt van Olaf Thon in ontvangst en veegt ostentatief zijn kont ermee af. Vol trots legt hij later uit: `Dit gebaar was puur voor het Duitse volk bedoeld. Er waren echt haatgevoelens bij ons.'

Nog maar een paar maanden ervoor had Koeman het publiek een blik gegund in de ingewikkelde materie van zijn duistere moraliteit. Tijdens een duel in de kwartfinale van de Europacup I tussen PSV en Bordeaux wordt Jean Tigana door PSV-er Gillhaus met opzet geblesseerd. Na afloop van de wedstrijd roemt Koeman de aanslag die door zijn medespeler is gepleegd: `Die doodschop van Gillhaus op Tigana was mooi werk. Na de wedstrijd hebben we hem hiervoor gefeliciteerd. Tigana was de beste speler van Bordeaux en werd na die doodschop geneutraliseerd.' Voor even werd Koeman in heel Europa het afschrikwekkende model van ongeveer alles wat de ethiek en moraal verbiedt.

Ik zal zijn voorbeeld niet volgen. Ben nooit van plan geweest om me aan `model' Koeman op te treken. Daarom zal ik niet op deze plek kraaien dat de doodschop die Ronalds vermeende maîtresse Devi van Gogh hem verkocht, mooi werk was.