Nog een mening

Het is jammer dat kroonprins Willem-Alexander in het televisie-interview van vrijdagavond de indruk wekte het rapport van professor M. Baud niet helemaal serieus te nemen, met zijn observatie dat het hier om `een mening' gaat.

De conclusie van Baud dat de schoonvader van het aanstaande staatshoofd van de gruwelen van het regime-Videla, waarvan hij deel uitmaakte, moet hebben geweten, is namelijk meer dan dat. Het is op basis van Bauds gefundeerde historische interpretatie dat de Nederlandse regering politieke conclusies trok over het aanstaande huwelijk van de troonopvolger. Baud achtte het ondenkbaar dat het Zorreguieta pas in 1984 begon te dagen dat het regime van Videla werd gekenmerkt door ontvoeringen, moord en verdwijningen. Op basis van de mening van Baud achtte de regering de aanwezigheid van Zorreguieta bij het huwelijk van zijn dochter ongewenst. Deze conclusie is pijnlijk voor het bruidspaar, maar vormt het politieke antwoord op een dreigende constitutionele crisis. Er kwam met het rapport tevens een einde aan de discussie over de achtergrond van Máxima zelf, die sindsdien door iedereen volledig geaccepteerd wordt. Eindelijk lag met het rapport-Baud de vermoedelijke waarheid op tafel en konden de liefde en het staatsbelang hun gezamenlijke loop krijgen.

Kroonprins Willem-Alexander verklaarde in het interview echter zijn schoonvader te geloven, die immers zelf had waargenomen hoe drie personen wier verdwijning was gemeld toch weer terugkwamen. Nu is het best mogelijk om zaken te geloven die niet met elkaar sporen – het is maar net hoe diep je je ergens in wilt verdiepen. Maar het is bepaald niet handig om de politiek meest relevante en voorlopig historisch meest gezaghebbende opvatting over deze episode te relativeren. Dat Máxima intussen haar vader gelooft kan haar niet euvel worden geduid; het siert haar eerder nog. Dat Willem-Alexander achter zijn vrouw staat is eveneens te prijzen. Maar in deze kwestie doet hij er toch goed aan niet helemaal zijn hart, maar ook zijn hoofd te volgen. Voor hem dient het rapport-Baud een ijkpunt te zijn.