Fiscus

Het invullen van mijn belastingformulieren was tot dusver bevredigend geregeld. Wegens een vruchtbare combinatie van domheid en gemakzucht mijnerzijds heb ik al bij het begin van mijn beroepsleven gekozen voor een belastingconsulent.

Eenmaal per jaar ga ik met een schoenendoos, gevuld met kassabonnetjes en bankafschriften, naar hem toe. Het duurt nooit lang. Hij weet dat hij mijn papieren kan vertrouwen, omdat ik te laf ben voor fraude.

Gelukkig leven houdt in dat je de vervelendste klussen zoveel mogelijk uitbesteedt, dat is mijn diepste overtuiging. Het kost een aardige duit, maar je krijgt er veel zielenrust voor terug.

Tientallen jaren heb ik dit fiscale bestaan kunnen volhouden, maar nu dreigt het helemaal mis te gaan. Ik werd er al bang voor toen ik de eerste geluiden hoorde over herziening en vereenvoudiging van ons belastingstelsel.

Uiterlijk is de ambtenaar altijd heel begaan met ons burgers. ,,Natuurlijk, we hebben het ook veel te ingewikkeld gemaakt'', roept hij schuldbewust via zijn minister naar ons. ,,Jullie hebben gelijk, het kan veel gemakkelijker, om niet te zeggen transparanter. Wacht maar af! We zijn bezig!''

Bij de presentatie van hun nieuwe plannen doen ze alsof het voortaan een kwestie is van fluitend een A-viertje invullen. Iedereen kan het, ook je dementerende grootmoeder. Je zou wel gek zijn als je nog naar een consulent ging – schaam je!

Ik voelde me er heel onbehaaglijk onder. Ik werd uitgedaagd, maar ik wilde helemaal niet uitgedaagd worden. Ik wilde gewoon naar die bedaarde consulent, zonder me te moeten verdedigen tegenover al die gewiekste luitjes die me een dief van eigen portemonnee noemden.

Toen kwam de zending van de fiscus. ,,Geachte meneer, mevrouw (gelukkig nog wel in die volgorde F.A.), vanaf 1 januari 2001 is er een nieuw belastingstelsel in Nederland'', begon de begeleidende brief triomfantelijk. ,,Misschien is het nieuwe stelsel even wennen; de aangifte 2001 ziet er iets anders uit en kent een aantal nieuwe begrippen.''

Daar gaan we, dacht ik meteen. Er zat een toelichting bij die me omvangrijker voorkwam dan in voorgaande jaren. Ik las er vijf minuten in en belde toen in paniek mijn consulent.

We hebben ons eerste gesprek inmiddels achter de rug. Hij keek bedrukt en was weinig mededeelzaam. Vanmorgen ontving ik zijn brief. Het nieuwe belastingplan riep veel vragen op, bij belastingplichtigen én adviseurs, schreef hij. Die vragen waren moeilijk te beantwoorden, omdat er ,,mede bij de belastingdienst veel onduidelijkheid bestaat over de uitleg en de interpretatie van de nieuwe belastingwet''.

Het kostte hem allemaal meer werk, en daarom zag hij zich genoodzaakt zijn declaratie te verhogen.

Natuurlijk, ik betaal, ik zal wel moeten. Maar hoeveel fiscale vereenvoudigingen kan ik nog fraudeloos in plaats van frauduleus overleven? Straks moet ik op zoek naar een louche consulent. Hij zal mijn schoenendoos opzijschuiven en vragen: ,,Gaan we naar de Antillen of de Kaaimaneilanden?''