Internet via kabel

Het hardnekkigste misverstand is, zoals Marie-José Klaver beweert (NRC Handelsblad, 14 januari), dat ,,kabelproviders geen snelheidsgarantie geven. Zodra er (op de kabel, N.R.) meer klanten bijkomen, zal de snelheid afnemen en in sommige gevallen zakken tot onder het niveau van een ADSL-aansluiting''.

Het eerste deel van deze bewering is maar half waar omdat ook ADSL-providers geen enkele garantie kunnen en zullen geven over download- of surfsnelheden. Een zogenaamd basis ADSL-abonnement van minimaal 47,35 euro per maand wordt dan wel geleverd met de specificaties 512 kb/s downstream en 64 kb/s upstream, maar alle ADSL-providers zullen hierbij vermelden dat het hier een maximaal haalbare snelheid betreft, geen gegarandeerde.

Het tweede deel van de bewering, dat de snelheid via de kabel afneemt naarmate er meer klanten komen, komt voort uit een vooronderstelling die niet, zeker niet op dit moment in Nederland, met feiten kan worden onderbouwd.

Zo hebben de gezamenlijke kabelproviders al honderdduizenden abonnees en toch is de kabel op dit moment sneller dan ADSL, zoals blijkt uit een persbericht van onafhankelijk meetinstituut Speedtest.nl van 7 januari j.l. Kennelijk zijn de kabelproviders er inmiddels prima op voorbereid om grote aantallen gebruikers met hoge snelheden over het web te laten surfen.

Een ander misverstand betreft de vermeende superioriteit van ADSL boven de kabel omdat men bij ADSL de beschikking heeft over een zogenaamde `eigen oprit' naar het internet en dat dit weer leidt tot een constante snelheid. Nu is het zeker waar dat de snelheid via de kabel iets meer variatie zal laten zien, maar voorlopig is dit een variatie in snel en heel snel.