Eén kuchje is antwoord A

Voorzeggen vanaf de tribune, hulp vanachter de camera: volgens Stine Jensen is fraude bij quizshows op televisie al bijna normaal.

`Wat is de mathematische naam voor een getal dat gevolgd wordt door 100 nullen?' Om die vraag ging het. De 38-jarige majoor Charles Ingram koos na zeer lang nadenken het juiste antwoord uit de vier mogelijkheden: `Googol'. Daarmee werd hij enkele maanden geleden de derde in de geschiedenis van Who Wants To Be A Millionaire? die een 1 miljoen pond won. Lang heeft hij niet van zijn overwinning kunnen genieten. Direct na de opnames deden geruchten de ronde dat hij zich door een `kucher' op de tribune had laten assisteren.

De fraude kwam per toeval aan het licht. Bij het gereedmaken van de uitzending ontdekte een producer dat er opvallend vaak werd gekucht in morsecode-stijl. Het aantal kuchjes correspondeerde met het juiste multiple-choice-antwoord. Scotland Yard nam alle banden in beslag om de Mysterieuze Kucher te vinden, door op zoek te gaan naar mogelijke connecties tussen het publiek en Ingram. De 51-jarige universitair docent Tecwen Whittock bleek een week voor de show telefonisch contact gehad te hebben met Ingram. Behalve Whittock werd ook Ingrams echtgenote Diana Pollock gearresteerd. Zij schreef samen met haar broer het boek Win a Million! met daarin tips hoe een quizshow te winnen, en ze had zelf eerder hoge geldbedragen in de quiz gewonnen, mogelijkerwijs ook met frauduleuze praktijken.

De pers smulde van het schandaal, maar van een diepe schok was geen sprake. ,,TV is een wereld van halve waarheden, manipulatie en fictie, daar moeten we zo langzamerhand toch aan gewend zijn'', oordeelde een Britse tv-criticus laconiek. Niet zozeer het bedrog frappeerde, alswel de lachwekkende eenvoud ervan. Een middelbare scholier had het kunnen bedenken. Eén kuchje voor antwoord A, twee kuchjes voor antwoord B, enzovoort. ,,Ik ben onschuldig. Ik heb niet vals gespeeld'', verklaarde Ingram tijdens de persconferentie.

Ging je er `vroeger' van uit dat iemand op de televisie niet stond te liegen, tegenwoordig is het andersom: je gaat er bijna automatisch van uit dat iemand niet de waarheid spreekt. Rituele ontkenningszinnen lijken inmiddels een standaardprocedure in allerhande zaken van bedrog. Met een `ja ja, dat zal wel' wuiven we ze geamuseerd terzijde. We grinniken om het formidabele mediaoptreden van Ingram, zoals we ons massaal vermaakten om het bedrog van Stefan uit het Nederlandse tv-programma Ja, ik wil een miljonair, de miljonair die geen miljonair bleek te zijn en bovendien schoorvoetend moest toegeven dat hij `seksuele relaties met mannen' had gehad. Sensatienieuws, dat is het, leuke vulling voor de achterpagina van de krant, maar een criminele zaak met hoge nieuwswaarde waarop Scotland Yard zijn mensen moet zetten?

Quizschandaal verfilmd

Hoe anders was dat in de jaren vijftig, toen in de Verenigde Staten bekend werd dat de meeste quizzen en spelletjes doorgestoken kaart waren. Robert Redford baseerde zijn film Quiz Show (1995) op het waargebeurde Twenty One-quizschandaal. Quizheld Charles van Doren schakelde tegenstander na tegenstander uit, totdat een verongelijkte quizkandidaat, zijn tegenstander Herbert Stempel, uit de school klapte.

Stempel vertelde dat Van Doren, net als hijzelf, geholpen werd door de producer die van tevoren de antwoorden doorspeelde. Omdat Van Doren sympathieker overkwam, moest Stempel van hem verliezen. De kandidaten kregen bovendien instructies hoe ze spanning konden veinzen, door bijvoorbeeld op de lip te bijten, de wenkbrauwen op te trekken en af en toe het zweet van het voorhoofd met een zakdoek weg te wissen. Op verzoek van de producer droeg Van Doren zelfs een wit overhemd. Het bedrog werkte; miljoenen kijkers zagen hoe de sympathieke vrijgezel Van Doren wekenlang grote geldsommen in de wacht sleepte. ,,Charles van Doren was the most talked-about young man to arrive on the American cultural scene since Elvis Presley'', merkt de historicus Kent Anderson op in zijn boek Television Fraud (1978).

Toen het bedrog uitkwam luidde de verdediging van de producer van Twenty One dat hij het programma in de eerste plaats als een quizshow had beschouwd, als een vorm van entertainment. ,,Wij zijn geen criminelen. Wij maken showbizz.'' Van Doren had intussen zijn geweten gesust door het bedrog als een vorm van educatie te zien, zoals een van de producenten van Twenty One hem in tijden van gewetensnood had gerustgesteld: ,,Wat is oneerlijk? Het is opvoedkundig! TV is het grootste klaslokaal in de wereld.'' Maar het kwaad was geschied. Had de televisie in de naoorlogse jaren in Amerika een positieve rol vervuld van gezinsbinding, optimisme en geloof in de American Dream van het maakbare fortuin – de gewone man kan miljonair worden met hersengymnastiek – nu sloeg het vertrouwen in het bewegende beeld om in pessimisme en cynisme. Televisie zou volgens sommigen nooit meer zijn wat het geweest was. ,,America had lost its TV innocence'', aldus Quiz Show. Zelfs president Eisenhower zag zich in 1959 genoodzaakt enkele woorden aan het schandaal te wijden. Hij sprak zijn hoop uit dat de Amerikanen zich niet zouden laten verleiden door hebberigheid en egoïsme.

Rijk én sexy

Wat beweegt de bedrieger? Het grote geld? De aandacht die een winnaar krijgt? Of gewoon, de stiekeme lol van het valsspelen? Verklaringen voor quizfraude worden vaak gezocht in de enorme geldbedragen die tegenwoordig bij quizzen worden uitgekeerd en die tot oneerlijkheid zouden verleiden. We kijken allang niet meer naar De 64.000 gulden vraag maar naar Miljoenenjacht, waar 10 miljoen kan worden gewonnen. Met de komst van de euro is het prijzengeld zelfs meer dan verdubbeld, omdat je nu euromiljonair wordt. De maximale verlokking is de combinatie van de twee succesvolste quizspelingrediënten: seksuele en materiële begeerte. Een winnaar is rijk én sexy. Het best bekeken spelprogramma ooit was het Amerikaanse Who Wants to Marry a Multimillionaire, uitgezonden in 2000: 23 miljoen Amerikanen keken naar de uitzending. Volgens de makers was het een ultieme combinatie van Who Wants to be a Millionaire (geld) en Blind Date (seks).

Amerikaanse toestanden

Zijn dergelijke `Amerikaanse toestanden' denkbaar in Nederland? Journalist Pieter Steinz karakteriseerde onlangs de Hollandse cultuur, in een essay-serie in deze krant, als een 'verliezercultuur' bij uitstek, vol 'verliezersverheerlijking'. Niet de winnaar maar de verliezer spreekt tot de verbeelding van de Nederlander. Of het nu gaat om de Nederlandse populaire cultuur, de literatuur of het voetbal, onze sympathie gaat uit naar de falende en lijdende hoofdpersoon. Mogelijkerwijs, aldus Steinz, is dat een erfenis van het calvinisme, waarbij het geld je niet zomaar in de schoot komt vallen maar je er hard voor moet werken.

Toch is ook de Nederlandse quizwereld niet vrij van bedrog. Niet voor niets bouwen verzekeringsmaatschappijen voor quizprogramma's een clausule in die aangeeft dat bij bedrog het geld niet wordt uitgekeerd. De film Quiz Show leidde er bovendien toe dat ook de Nederlandse quizwereld in retrospectief aan een onderzoek werd onderworpen. NRC-Handelsblad-journalist Frank Westerman belde kort na verschijning van de film met quizmaster Berend Boudewijn, die toegaf dat zijn BB-shows deels doorgestoken kaart waren. Wanneer onsympathieke kandidaten de BB-show dreigden te winnen, kreeg hij instructies vanuit de regiekamer om een extra moeilijke vraag op te diepen uit het borstzakje. De vragen waren van tevoren afgestemd op de culturele achtergrond van de kandidaat, zodat het niet moeilijk was vervelende kandidaten te `elimineren'.

,,Sinds Twenty One en de BB-show is er niets ten goede veranderd. Producenten van televisie, of het nu gaat om talkshows, quizzen of om Oprah Winfrey-achtige `bekentenis-televisie', scheppen nog steeds hun eigen werkelijkheid. Ze verdraaien en verfraaien en daar worden ze voor betaald'', concludeerde Westerman mismoedig. Spelletjesmaker Joep Zwaan, die ook door Westerman werd gebeld, zag dat wat luchtiger: ,,Televisie is gewoon kermis en op de kermis word je ook beetgenomen.'' Dat vindt ook veelvuldig quizdeelnemer en -winnaar (`quizhopper') Juliaan Wouters. Telefonisch zegt hij ondermeer: ,,Groot bedrog heb ik nooit meegemaakt, maar manipulatie is aan de orde van de dag. Televisie is schone schijn. De werkelijkheid wordt naar de hand gezet om de spanning op te hogen. Meedoen aan De zwakste schakel betekent in werkelijkheid bijvoorbeeld urenlang wachten. Presentratrice Chazia Mourali krijgt haar venijnige opmerkingen van de redactie ingefluisterd en moet ze soms een aantal keer overdoen.''De BB-show-onthullingen kwamen te laat om nog echt te kunnen shockeren. Over gevangenisstraffen is niet gerept, noch werden de uitgedeelde droomkeukens van de sympathiekste stellen teruggevorderd. Sterker nog, tegenwoordig zijn we als kijker gewend om deelnemers van televisiespelletjes te beoordelen op de mate waarin ze sympathiek zijn. Wie niet leuk is, wordt weggestemd en daar kunnen we als kijker over meebeslissen, zoals bij Big Brother. Bovendien is bedrog het onderwerp bij uitstek van veel televisiespelletjes geworden. Wie is de Mol? draait om het ontmaskeren van de `leugenaar' in het gezelschap en in het overspeldating-programma Blind Vertrouwen is de manipulatie van het beeld onderdeel van het spel geworden. Toegegeven, hier gaat het om doe-shows, en niet om de denksportquizzen. Maar ook bij denksportquizzen is het `geholpen worden' tegenwoordig vaak een expliciet onderdeel van de show: hulplijnen kunnen worden ingeschakeld en bij Met het mes op tafel gaat het niet alleen om wie het meeste weet, maar wie het handigste kan veinzen veel te weten.

Als televisie nog altijd het grootste klaslokaal ter wereld is, dan leren wij op jonge leeftijd de fijne kneepjes van het liegen en bedriegen. Wie zal het Britse leerlingen kwalijk nemen als zij dit examenjaar kuchend en proestend de eindexamens ingaan met hun verdedigingsspeech op zak? ,,Ik ben onschuldig. Heb geen verboden voedingssupplementen geslikt. Ook geen seksuele relaties gehad met de meester. Ik kijk gewoon veel televisie, that's all.'' Life imitates tv more than tv imitates life, zou de wijsneus er lachend met een variant op Oscar Wilde aan kunnen toevoegen.

Toch lacht niet iedereen. Een enkele bezorgde criticus voorspelt de totale verloedering van de Nederlandse televisie, met Blind Vertrouwen als voorlopig dieptepunt.

Het Blauwe Licht

Gelukkig heeft de televisiewereld er iets op gevonden om haar onschuld terug te winnen: het inbouwen van zelfreflectie door televisie over televisie te maken. Het Blauwe Licht was een voorloper in dit genre. Onder leiding van Stephan Sanders en Anil Ramdas werden met twee (intellectuele) gasten televisiebeelden geanalyseerd. In een van de afleveringen ontmaskerde Judith Herzberg kijkersbedrog in het 8-Uur Journaal, dat beelden vertoonde waarop te zien zou zijn hoe orthodoxe joden protesteerden tegen de deelname van de travestiet Dana International op het Eurovisie Songfestival. Deze beelden bleken afkomstig uit het archief en er achteraf ingemonteerd. De leugen regeert van de VARA heeft een heuse `mediacommissie' met deskundigen die goed van fout mogen onderscheiden, waarheid van leugen. Hier kan de journalist zijn rol als traditionele bewaker van de waarheid, zoals we die kennen uit de film All the President's Men over het Watergate-schandaal, in stand houden

Het zijn boeiende, informatieve en geloofwaardige programma's. Toch knaagt er iets. Waarom zou televisie over televisie 'waarder' of 'betrouwbaarder' zijn dan 'gewone' televisie? Een programma over leugens is toch ook een soort show die hoge kijkcijfers moet scoren? Met gelijkhebberige programma's als De leugen regeert wordt de naïeve schijn hooggehouden dat de `waarheid' toch altijd in beeld gebracht kan worden, zelfs in een land waarin `de leugen regeert'. Je hoeft alleen maar goed te kijken naar de beelden. Maar het web tussen feit en fictie is meestal ondoorzichtig. Soms blijf je gevangen in beelden die naar andere beelden verwijzen. Interessant in dit verband is bijvoorbeeld de vergelijking die in de Britse kuchfraudezaak veelvuldig door journalisten werd gemaakt tussen de prachtige `acteerprestatie' van Charles Ingram tijdens de persconferentie en de sympathieke gentleman-bedrieger Charles van Doren uit Redfords Quiz Show. Maar deze Charles van Doren wordt in de film gespeeld door Ralph Fiennes, en is dus een fictief personage die veinst dat hij veinst.

Behalve de reactie van het publiek op het bedrog, is er nog een verschil tussen beide quizschandalen. In de jaren vijftig pleegden de tv-bazen het bedrog door quizkandidaten om te kopen. De tv-bazen en de televisiewereld bleven echter buiten schot; de individuele quizkandidaten werden gestraft. Ingram werd ook als individu gepakt, maar hij had dan ook in zijn eentje fraude gepleegd zonder hulp van de producenten of tv-bazen. Beiden lieten zich verleiden door de aandacht en het geld, maar kun je Ingram, net als Van Doren ook een slachtoffer van televisie noemen? Niet echt. Het lijkt er eerder op dat hij de quizbazen heeft gemanipuleerd in plaats van andersom: hij nam de televisie te grazen.

De bewuste uitzending van Who Wants to Be a Millionaire is niet uitgezonden, en dat is jammer. Want eigenlijk willen we niets liever dan met eigen ogen de beelden van de bewuste frauduleuze uitzending zien, of, in dit geval, het kuchen met eigen oren horen. Desnoods onder de deskundige begeleiding van Felix Meurders. Is niet iedere televisiekijker inmiddels een ervaren bedrogdeskundige? Eigenlijk voel ik me een beetje beledigd dat de beelden ons onthouden worden. Normaal mogen we als kijkers toch altijd meebeslissen of inbellen?