Anderhalf uur lang sneeuw

Al twee keer heb ik het afgelopen jaar geschreven over het nieuwsjournaal op de Griekse televisie, een fenomeen dat zijn weerga niet heeft op de wereld. Een facet dat buiten beschouwing bleef is het alles-of-niets-effect dat zich bij dominerende actualiteiten voordoet. Deze maand hadden we vlak na elkaar weer twee gave voorbeelden: de euro en de sneeuw.

De euro deed haar intrede op de eerste dag van het jaar en meteen was het raak: er bestond niets anders meer voor het Griekse journaal dat anderhalf uur in beslag pleegt te nemen. Wat wij te zien kregen behelsde anderhalf uur geldhandelingen. Een beetje eentonig zou men denken maar niet voor de Grieken die geldbevlogen zijn – wat iets anders is dan geldwolven – en bovendien happig op alles wat nieuw is. Dus raakten ze letterlijk niet uitgekeken op hoe het toeging in de overgangsperiode tussen drachme en euro, of evro op z'n Grieks.

We zagen hoe oude vrouwtjes met de materie worstelden, hoe vlot de kioskhouders zich de problemen eigen hadden gemaakt, zoals de meeste Atheners trouwens, hoe het werkte in taxi's en bij de wegentollen, hoe de geldautomaten functioneerden of niet functioneerden, en vooral hoe vrolijk iedereen er bij bleef. Na 35 minuten in de hoofdstad werd overgeschakeld naar Thessaloniki en daar bleek alles van hetzelfde laken een pak. Vervolgens Kreta, Jannina en ga zo maar door. Eindeloze herhaling. Misdaden, verkeersongelukken, toegejuichte zangeressen, trouwende of scheidende filmsterren en al die schandaaltjes waarmee het journaal zich dagelijks vult, om nog te zwijgen van ontwikkelingen in Azië en Argentinië, leken tijdens de jaarwisseling niet te hebben plaatsgevonden. En op de tweede dag van het jaar was het al niet anders. Alleen voor het functioneren van de euro in de rest van Europa bestond nog enige plaatsruimte.

`De euro legde over Europa een allervriendelijkst sneeuwtapijt', aldus de Sunday Times. Maar vlak daarna kwam hier de echte sneeuw, en op het Griekse nieuwsjournaal was het wéér alles of niets. Alleen nog maar sneeuw, anderhalf uur lang. De vrolijkheid bleef beperkt tot de sneeuwgevechten van de kinderen. Voor de rest nam boosheid de overhand, vooral op het particuliere kanaal Alfa, dat zich bij alle rampen en tegenslagen die zich voordoen, automatisch een schampere toon aanmeet.

Het brengt dan uitsluitend slachtoffers in beeld die schelden op de instanties. Dit was voor Griekenland de zwaarste sneeuvval in veertig jaar, maar volgens Alfa hadden de autoriteiten zich weer eens laten verrassen. ,,Waar blijft het zout?'' riepen vastgelopen autopassagiers langs de autostrada Athene-Thessaloniki, die, geheel ingesneeuwd, al uren niet meer verder konden en ook niet meer terug. Alsof het enige zin heeft zout te strooien terwijl de sneeuwstorm nog aan de gang is. ,,Waar blijven de sneeuwruimers, waar blijft de brandweer, waar blijft de staat?'' Dat laatste is de gangbare vraag die Alfa en in mindere mate de andere particuliere stations erin pompen. Anderhalf uur woede, en geen ander nieuws, zelfs geen berichten uit Polen en Turkije waar het allemaal nog veel erger was met de sneeuw en de kou (elf doden in Turkije en niet één in Griekenland).

Ministers en provincieprefecten die de moed hadden zich aan vraaggesprekken te onderwerpen werden afgeblaft – het was al mooi als ze één zin ononderbroken konden afmaken. Verwijzingen naar het `geciviliseerde' Duitsland waar twee weken tevoren nog veel meer weggebruikers waren ingesneeuwd – een file van 150 kilometer werden weggelachen.

Maar nu het heuglijke: misnoegde reacties bleven dit keer niet uit. Het kanaal blijkt zich met al zijn onbeschoftheid deze keer belachelijk te hebben gemaakt. De eerste die mij daarvan de volgende morgen deelgenoot maakte was mijn kapper, een trouw Alfa-kijker bij wie de huidige regering doorgaans geen goed kan doen. ,,Het is onzinnig hiervan de autoriteiten de schuld te geven'', zei hij tot mijn verbazing, ,,waarom zijn al die idioten op weg naar Thessaloniki gegaan met kinderen en zonder sneeuwkettingen? Drie dagen tevoren was er al gewaarschuwd dat het bar en boos zou worden!''

En de kranten bleven niet achter. Eindelijk bleken ze oog te hebben gekregen voor de botheid van Manolis Kapsís en andere omroepers op dit kanaal. ,,Het leek Theofiloyannákos wel'', schreef een commentator. Dat was tijdens de kolonelsjunta een berucht ondervrager bij de militaire politie die later twintig jaar kreeg wegens foltering. De kreet `waar blijft de staat' is inmiddels een soort grap geworden die iedereen te pas en te onpas gebruikt. En het meest bevredigende: uit kijkcijfers is gebleken dat Alfa, eens het meest bekeken journaal, in de sneeuwperiode is gezakt tot de vierde plaats, nog onder de staatstelevisie, die over alle ellende rustig en objectief berichtte.