`Zelfbedrog bij personeel Enron'

Is het personeel van Enron `erin geluisd'? Heeft de top op tijd zijn schaapjes op het droge gezet? Daarover is in Amerika het laatste woord nog niet gezegd. `Waarom hebben die arme werknemers hun aandelen Enron niet eerder verkocht?'

Van alle aantijgingen tegen Enron zijn er ten minste twee van mogelijk criminele aard: handel met voorkennis en het bewust blokkeren van in Enron belegde pensioenen van werknemers.

Beide aantijgingen tegen het topmanagement worden onderzocht door diverse commissies van het Amerikaanse Congres. Beide staan centraal bij de tientallen schadeclaims die zijn ingediend door beleggers, beleggingsfondsen en (voormalige) werknemers.

Het lijkt of Enron ten onder is gegaan aan het grote graaien. Toch was niet alleen het management hebzuchtig, ook de werknemers wilden almaar meer. In het naïeve geloof dat de bomen tot aan de hemel reikten, hielden ze tot het laatste moment, toen de koers helemaal verschrompeld was, hun aandelen vast.

Aandelenbezit onder het personeel wordt gewoonlijk gerechtvaardigd met het argument dat hen dit meer bij hun bedrijf betrekt. De topfunctionarissen van alle grote bedrijven in de Verenigde Staten worden beloond in opties. Dat zijn altijd `call-opties', die het recht geven aandelen te kopen tegen een bepaalde prijs op een bepaalde datum. Als de optie wordt uitgeoefend, betekent dit niet dat dan ook winst wordt gemaakt. Dat gebeurt pas als het aandeel hoger staat dan de prijs. Het kan dan met winst worden verkocht.

In 2000 zag Kenneth Lay, de topman van Enron, zijn opties met 189 miljoen dollar (214,5 euro) in waarde stijgen – van alle opties van CEO's van grote Amerikaanse ondernemingen de op een na grootste waardestijging.

Als aandelen in het eigen bedrijf de betrokkenheid moet vergroten, is het dan geen slecht – of dubieus – teken als de leiding van het bedrijf massaal aandelen verkoopt, zoals bij Enron gebeurd is?

,,Uit het feit dat insiders (topmanagers, red.) vaak hun opties uitoefenen of aandelen verkopen kun je op zichzelf nog niets afleiden'', zegt beloningsdeskundige Rhoda Edelman van het Newyorkse bureau Pearl Meyer & Partners. ,,Het betekent simpelweg dat ze hun beleggingen actief beheren, of laten beheren. Veel insiders willen niet hun hele vermogen in het bedrijf hebben zitten. Met andere woorden, ze volgen een oud beleggingsadvies: spreiding van risico's.''

Edelman noemt als voorbeeld Bill Gates, die regelmatig aandelen Microsoft verkoopt, bijvoorbeeld om zijn charitatieve werken te bekostigen. ,,Dat betekent toch niet dat Gates niet meer in Microsoft gelooft?''

Edelman wijst erop dat er bedrijven zijn die `insider-trading' verbieden zolang de aandeelhouder er ook werkzaam is, bijvoorbeeld Citigroup. Dat is om belangenconflicten te voorkomen. Sowieso zijn er bij alle bedrijven vrij strenge regels over de handel in eigen aandelen, en elke transactie moet worden gerapporteerd aan de beurstoezichthouder, de Security & Exchange Commission.

Een vaak gebruikt argument tegen het belonen van insiders met opties is dat dit hun beoordelingsvermogen aantast. Immers, iemand wiens beloning in hoge mate afhankelijk is van de koers van zijn bedrijf, is minder snel geneigd negatieve, koersgevoelige informatie prijs te geven. Dat zou de koers maar doen dalen. Edelman: ,,Wij hebben altijd gezegd dat bedrijven in Amerika moeten afkicken van opties. Je moet het doseren. Zeker nu de `bull-markt' voorbij is.''

Een bijkomend voordeel van het uitkeren in opties, waar Enron gretig gebruik van maakte, is dat de winst die wordt gemaakt bij het uitoefenen van de optie kan worden afgetrokken van de belasting.

Deze week bleek dat Enron de laatste jaren nauwelijks belasting heeft betaald.

Enron gaf niet alleen opties aan zijn topmanagement, ook aan de rest van het personeel, dat wil zeggen in de vorm van pensioenen. Of preciezer: in de vorm van zogeheten `matching-funds' voor hun `401 (k)'. Dat is het standaardpensioenplan voor werknemers, vernoemd naar artikel 401 (k) uit de Amerikaanse belastingwet (pensioenen worden pas belast als ze worden uitgekeerd).

Volgens management-consultant William Mercer hebben werknemers bij de meeste bedrijven de vrijheid om dit plan op steeds meer manieren samen te stellen. Ze kunnen zelf uitmaken hoe ze het werkgeversdeel van de pensioenpremie willen hebben. Ze kunnen daarbij kiezen voor uiteenlopende beleggingsfondsen. Maar velen bij Enron kozen voor Enron-aandelen.

,,Wat wil je, als je collega naast je op kantoor precies hetzelfde doet?'', zegt Sean Hanna, die er een website over aan het maken is.

Sommige bedrijven stellen een grens aan het percentage van het pensioen dat wordt belegd in het eigen bedrijf. Ted Benna, de man die ooit de 401 (k) bedacht, zegt nu dat werknemers nooit aandelen van hun bedrijf in hun pensioen zouden mogen stoppen. Een grens aan het percentage valt namelijk onmogelijk te controleren, is de redenering van Benna.

Edelman maakt bezwaar tegen de suggestie dat de pensioenhouders van Enron `erin zijn geluisd', terwijl de top van het bedrijf, al dan niet met voorkennis, zijn schaapjes op het droge heeft. ,,Ik vind de Enron-affaire zwaar overtrokken. Waarom hebben de werknemers niet eerder hun aandelen verkocht, bijvoorbeeld toen de koers van Enron van 80 naar 50 zakte? Of van vijftig naar dertig?''

Edelman heeft een sterk argument: ,,De `lockdown'-periode [dat om puur administratieve redenen niet in de eigen aandelen gehandeld mag worden] gold maar een paar weken en was tevoren aangekondigd.'' Van bewust blokkeren door het topmanagement was dus geen sprake. ,,Die arme werknemers hebben gewoon twee basisregels van het beleggen in de wind geslagen: zet nooit al je geld in op één fonds, en ga er op tijd uit.''