Theatercompagnie in geldnood

De Amsterdamse Theatercompagnie heeft in het eerste jaar van zijn bestaan een begrotingstekort van 900.000 euro (2 miljoen gulden) opgebouwd. Op last van het ministerie van OC&W is een interim-manager aangesteld die het bedrijf moet saneren.

Om de geldnood te bestrijden, verhuurt het gezelschap in de herfst het eigen Compagnietheater aan Joop van den Ende Theaterproducties. De producent brengt in het theater aan de Amsterdamse Kloveniersburgwal het toneelstuk Requiem voor een zwaargewicht met acteurs van de compagnie, die hij tijdelijk in dienst neemt.

Het tekort is ontstaan door een teveel aan producties, tegenvallende kosten, en tegenvallende bezoekcijfers. Verder begon de groep met een tekort van vier ton, een erfenis van de twee fusiepartners De Trust en Art& Pro. Het gezelschap heeft dertig vaste arbeidsplaatsen, krijgt jaarlijks 2,6 miljoen euro (5,8 miljoen gulden) subsidie, en de begroting bedraagt ruim drie miljoen euro (7 miljoen gulden). Het ministerie van OC&W weigert om meer geld aan de groep te geven.

Organisatie-deskundige Ocke Van Munster, van Bureau Beerenschot, is aan de directie toegevoegd om de problemen aan te pakken. Van Munster heeft vorig jaar een vergaande sanering uitgevoerd bij het Theater Instituut Nederland (,,Dat was pas echt een slachting''). Van Munster wil bezuinigen door minder producties te maken, en veel minder tijdelijk personeel in te huren: ,,Ik verwacht geen ontslagen, maar we moeten wel meer met eigen volk gaan werken. De problemen zijn te overzien, ze zijn niet structureel.''

De Theatercompagnie ontstond op 1 januari 2001 uit een fusie van De Trust en Art & Pro. Directeur Theu Boermans pakte de zaken groots aan. Naast de voorstellingen voor het eigen theater, begon hij ook een dependance voor jongeren in het Rozentheater. Verder toert hij met grote-zaalproducties langs de schouwburgen. Van Munster: ,,Achteraf kun je zeggen dat de zaak te groot is aangepakt. Er is iets te enthousiast theater gemaakt.''