Rechts in Israël wil nu afrekenen met Arafat

Na de nieuwe aanslag op Israëlische burgers, de eerste na een maand, wil rechts Israël afrekenen met Yasser Arafat.

Voor de regering-Sharon is de verschrikkelijke Palestijnse moordaanslag in Hadera een nieuwe impuls om het in Oslo begonnen Israëlisch-Palestijnse vredesproces dood te verklaren. Militairen, onder wie adjunct-stafchef generaal Moshe Yalon en politici uit de rechtervleugel van Sharons regering van nationale eenheid, bepleiten vurig de herbezetting van de autonome Palestijnse gebieden op de Westelijke Jordaanoever. Minister van Binnenlandse Veiligheid Uzi Landau zei vanmorgen dat ,,de lui van Oslo verantwoordelijk zijn voor alle ellende die over het Israëlische volk komt''. Auto's met stickers dat `de verantwoordelijken van Oslo moeten worden berecht', zijn geen uitzondering op de wegen. Vergeten wordt dat premier Yitzhak Rabin al berecht is: door zijn joods-radicale moordenaar Yigal Amir.

Het gevoel dat nu het moment is aangebroken om met Arafat af te rekenen, overheerst het debat vandaag. ,,We moeten de Palestijnse gebieden en steden heroveren, de Palestijnse politie ontwapenen, wapenopslagplaatsen vernietigen en bereid zijn de prijs daarvoor te betalen'', zei Michael Kleiner, een supernationalistische parlementariër. Hij zat met ex-topfiguren uit de inlichtingendiensten Mossad en Shin-Beth aan bij de ochtendshow op de televisie. De heren waren het met nuances hier en daar met elkaar eens. Dani Rubinstein, de Palestina-specialist van Ha'aretz, lag dwars. Hij waarschuwde dat het een illusie is te denken dat er een militaire oplossing voor de Palestijnse terreur is. Arafat is volgens hem een gematigde leider, met wie Israël zaken moet doen.

Voordat het nieuws over de aanslag in Hadera losbarstte, zeiden tv-commentatoren dat Arafat zich gisteren juist tot het uiterste had ingespannen om de Palestijnse organisaties op het hart te drukken zich van aanslagen te onthouden. Vandaag wordt dat niet meer gezegd. Sharons woordvoerders maken Arafat zo zwart mogelijk en geven hem als ,,vijand'' van Israël geen millimeter krediet. Verontwaardigd wijzen zij ieder verband tussen de liquidatie van de Palestijnse terrorist Raed Karmi in Tulkarem, maandag, en de daarop volgende hernieuwing van het Palestijnse geweld van de hand. ,,De terroristen maakten van het zogenaamde bestand gebruik om nieuwe aanslagen voor te bereiden'', zeggen ze.

De basisstelling van Sharon is dat er met de ,,aartsleugenaar'' Arafat geen zaken kunnen worden gedaan. Wat dan wel? ,,We zullen de Palestijnen een lesje lezen dat zij niet zullen vergeten'', zeiden zijn woordvoerders in Jeruzalem gisteravond. Het Israëlische opperbevel adviseert Sharon opdracht te geven tot buitengewoon scherpe militaire acties tegen de Palestijnen. Chef-staf generaal Shaul Mofaz peilt dezer dagen in Washington de speelruimte die Israël van de VS krijgt om het Palestijnse zelfbestuur ,,dat van top tot teen in de terreur is gedompeld'' te breken. Wat de Amerikanen tegen de Talibaan in Afghanistan hebben gedaan moet ons voorbeeld zijn, wordt hier in militaire en politieke kringen gezegd.

Waarschijnlijk hebben de Amerikanen een wat bredere regionale visie. Minister van Defensie Benjamin Ben Eliezer, sinds kort ook leider van de Arbeidspartij, heeft gisteren zijn partij uitgelegd dat hij in de regering blijft zitten om een oorlog te voorkomen. Dat is ook de argumentatie van Shimon Peres om als minister van Buitenlandse Zaken aan te blijven. Kennelijk zijn beide socialisten goed op de hoogte van een versie van de `Libanese oorlog' die Sharon op de Westelijke Jordaanoever tegen de Palestijnen wil voeren. Om Israël voor zo'n ramp te behoeden, laten zij zich door Jossi Beilin, een van de architecten van het akkoord van Oslo, uitmaken voor ,,het veiligheidsvest van Sharon''. Beilins voorstel om uit de regering te treden werd gisteren met grote meerderheid door het centrale comité van de Arbeidspartij verworpen.