Naar de stad

Rintje logeert bij oma. Vandaag gaan ze samen naar de stad. ,,Het is buiten koud en nat'', zegt oma. ,,We gaan maar met de tram.'' Als ze instappen ruikt het naar natte vachten en jassen.

,,Jij mag bij het raam'', zegt oma.

,,Hoeveel haltes?'' vraagt Rintje.

,,Nog vijf, tel ze maar'', zegt oma.

Als ze er bijna zijn mag Rintje op het knopje drukken. De tram stopt. Ze stappen uit bij een groot gebouw. Boven de deuren staat in grote rode letters: MAGAZIJN DE HONDENDROOM.

,,Wat ga je kopen?'' vraagt Rintje als ze naar binnen lopen. ,,Ik heb een nieuwe hoed nodig'', zegt oma. ,,Kom we gaan met de lift.'' In de lift staat een klein poedeltje met een rode pet. Hij drukt op een knopje en de lift gaat omhoog.

,,1ste verdieping; borstels, kammen, vlooienshampoos, en halsbanden!'' roept het poedeltje. De lift zoeft weer verder. Rintje voelt het in zijn buik.

,,2de verdieping; worsten, hammen, botten en brokken!'' De liftdeur gaat open en weer dicht.

,,3de verdieping; jasjes, jurken, hoeden en hemden!'' Het poedeltje opent de deuren. ,,Kom'', zegt oma, ,,We zijn er.''

,,Kan ik u ergens mee helpen?'' vraagt een dalmatiër in een wit schortje. ,,Ja zeker'', zegt oma. ,,Ik zoek een warme hoed voor de winter.'' ,,Ik heb de nieuwste modellen, komt u maar mee!'' zegt de winkeljuffrouw.

Op een plank staan de mooiste hoeden uitgestald. Hoeden met veren, zachte hoeden van fluweel, hoeden met warme wollen kleppen voor je oren. Oma past ze allemaal.

,,Wat duurt dat lang'', denkt Rintje en kijkt om zich heen. Hij loopt op een grote kast af. ,,Wat een deftige hoge hoeden, zou ik die ook passen?'' Rintje zet een grote hoed op. Hij ziet niets meer. De hoed zakt helemaal over zijn oren. Hij legt de hoed weer terug op de plank en loopt verder.

,,Stoere ijsmutsen zijn dat'', denkt Rintje. Hij past een rode met een lichtblauwe bies en een oranje met bruine ruiten. ,,Welke vind jij mooi, oma?'' Rintje draait zich om. Hij schrikt.

Oma is weg. Waar hij ook kijkt ,oma ziet hij nergens.

,,Wat kijk jij beteuterd'', zegt een juffrouw die een plank staat af te stoffen.

,,Ik ben mijn oma kwijt'', zegt Rintje.

,,Kom maar met mij mee'', zegt de juffrouw vriendelijk. Ze loopt naar een microfoon en zegt; ,,Op de afdeling ijsmutsen is een klein wit hondje gevonden, hij heet Rintje en is zijn oma kwijt!''

Even later komt oma aanlopen. ,,Gelukkig!'' denkt Rintje en kwispelt blij. ,,Zal je dat nooit meer doen!'' zegt oma en ze geeft Rintje een dikke kus. Als oma een mooie hoed gekocht heeft gaan ze naar het restaurant.

,,Zo, nu mag jij iets lekkers uitzoeken!'' zegt oma.

Rintje kiest een heerlijk taartje van hondenbrokjes en spek. Oma neemt een leverworstje.

,,Dat was een gedenkwaardige middag'', zegt oma.

,,Ik zal nooit meer weglopen!'' zegt Rintje en hij kruipt dicht tegen oma aan.