`Louvre wordt slecht beheerd'

Het Louvre, met 5,5 miljoen bezoekers per jaar één der grootste musea ter wereld, wordt dramatisch slecht beheerd. De veiligheid laat veel te wensen over, het beheer en de inventarisatie van de collectie deugt niet en het slechtste van alles is het personeelsbeleid.

Dit zijn de conclusies van `één van de laatste versies' van een rapport van de Franse Rekenkamer waar dagblad Le Figaro de hand op heeft weten te leggen en waarvan de definitieve versie eind deze maand verschijnt. De Rekenkamer wil de inhoud bevestigen noch ontkennen, maar wijst er op dat in defintieve rapporten altijd de reactie van de gekritiseerde instelling wordt opgenomen. Die ontbreekt in deze versie. Het ministerie van Cultuur, dat veel blaam zou treffen voor de wantoestand, heeft laten weten dat ,,bepaalde misstanden paradoxaal genoeg te wijten zijn aan het succes van het museum''.

De belangrijkste oorzaak voor het wanbeheer is volgens de Rekenkamer de verhouding met het ministerie. Hoewel het museum in 1992 zelfstandig werd valt 60 procent van de 1900 werknemers onder het ministerie, met alle verworven ambtenarenrechten vandien. Deze situatie leidt met name bij de 200 werknemers die de kassa's, de garderobe en de informatiebalies beheren veelvuldig tot werkonderbreking. Volgens de CAO moeten er minimaal zes employés aanwezig zijn om de loketten open te houden. Dat aantal wordt vaak niet gehaald, temeer omdat volgens een ongeschreven regel een half uur werken recht geeft op een half uur pauze.

Een andere `abonormaliteit' is dat het museum 45 procent van zijn inkomsten aan de Vereniging van Nationale Musea moet afdragen, waarna het een `onevenredig' klein deel weer terugkrijgt. Ook het bezit van vierhonderdduizend stukken zou slechts een zeer grove schatting zijn, omdat onder één nummer wel honderd andere schuil kunnen gaan. Deze chaotische inventarisatie wordt niet in de laatste plaats veroorzaakt door het hanteren van vier verschillende automatiseringssystemen.

De Rekenkamer bekritiseert voorts de dubbele honorering van de conservatoren, die voor het beheer van de collectie worden betaald door het ministerie en voor het organiseren van tentoonstellingen door het museum. Ook de bewaking laat zeer te wensen over.