Leroy Burgess

Terwijl architecten en vormgevers nog volop de voortbrengselen van de jaren zeventig recyclen, is men in de popmuziek al lang in de jaren tachtig beland. De belangstelling voor dit tijdvak is zelfs zo groot, dat muziek van toen onbekend gebleven musici opnieuw wordt uitgebracht. Zoals er in de jaren negentig muziek van allerlei vergeten soulzangers op cd verscheen, zo worden nu compilaties uitgebracht van disco-muzikanten als Leroy Burgess uit het begin van de jaren tachtig.

Leroy Burgess: anthology volume 1: the voice is het eerste deel van een tweedelig overzicht van een disco-muzikant uit Harlem die alleen onder diskjockeys enige faam verwierf. Uit dit eerste deel blijkt dat zijn faam ten onrechte zo klein is gebleven: het is een raadsel waarom Burgess nooit een hit heeft gehad. Alle negen nummers, die, zoals het hoort bij disco, een lengte hebben van zes, zeven minuten of nog langer, zijn superieure, zorgeloze, zonnige muziek.

Burgess' disco is opvallend rijk. Natuurlijk hebben alle nummers een onverbiddelijke beat, maar deze wordt omgeven door gevarieerde percussie, vrouwenkoortjes, synthesizerbassen en andere elektronische klanken. Maar het is vooral Burgess zelf die met zijn zang laat horen dat disco in wezen niet meer dan uitgesponnen soul met een stevige beat is.

Leroy Burgess: Anthology. Volume 1: the voice (Passion Music cd sbpj 6)