Ik ben juist heel hard

Seth Gaaikema schreef de tekst voor de musicals `Kuifje' en `Grace'. ,,Eigenlijk was de verhouding tussen Grace en Hitchcock een gluurders- verhouding.''

,,Mijn leven is veranderd'', zegt Seth Gaaikema. Hij zit aan de keukentafel, met weids uitzicht over de Brabantse landerijen, en begint over de hartaanval die hem een jaar geleden trof. ,,Ik wil er niet dramatisch over doen, en al helemáál niet sentimenteel, maar het was pittig. De onzin valt weg. Het ligt niet langer voor de hand dat je 93 zult worden, dus je vraagt je af wat je nog wilt. Ik treed niet meer op; ik zeg niet dat ik er voorgoed mee ben gestopt, maar voorlopig is dat voorbij. Ik wil graag nog een paar mooie dingen schrijven.''

Seth Gaaikema (62) is dit seizoen de auteur van twee musicals. Tot het eind van deze maand staat Kuifje in de Stadsschouwburg van Antwerpen, terwijl Grace nog altijd wordt gespeeld in een speciaal gebouwd, paleisachtig theater bij de Arena in Amsterdam-Zuidoost. Kuifje is goed ontvangen; de stripfiguren zijn tot leven gebracht in een feestelijk spektakel. Grace viel bij de kritiek veel minder in de smaak, ondanks de muziek van Broadway-routinier Cy Coleman. De vraag of Grace Kelly, als prinses van Monaco zal ingaan op een verzoek van Alfred Hitchcock om nog één keer in een film te spelen, was tijdens de première nog niet spannend genoeg uitgewerkt.

,,De première kwam veel te vroeg'', meent Gaaikema. ,,De voorstelling is al enorm verbeterd. Ik vind nog steeds dat het een goed idee van mij is geweest om het verhaal van Grace Kelly samen te vatten in de drie maanden waarin dat verzoek van Hitchcock – ook in werkelijkheid – de gemoederen bezig heeft gehouden. En ik ben trots dat ik prins Rainier laat lijden onder een vloek die op zijn familie rust. Zo heb ik hem een karakter gegeven. Aanvankelijk wist ik niet wat ik met hem moest; hij bleef een operetteprins.

,,Karakteropbouw wordt bij musicals te vaak vergeten. Ik kan pas gaan schrijven als ik om de karakters héén kan lopen. Ik lees me suf over zo'n onderwerp en toch kan het soms maanden duren voordat er iets gaat leven. Dan moet ik wachten tot ik een van de personages een zin hoor zeggen. Die zin heb ik dan natuurlijk zelf bedacht, maar hij moet aanvoelen alsof hij niet van mij komt. Ik begrijp heel goed dat de schrijfster van Harry Potter alle zeven boeken al in haar hoofd heeft: het moet inderdaad in je hoofd al bestaan voordat je kunt gaan schrijven.''

Maar bij `Grace' gold de kritiek nu juist de constructie van de twee belangrijkste karakters: er broeide niets tussen Grace Kelly en Alfred Hitchcock.

,,Daar heb ik over nagedacht. Cy Coleman en ik zijn nog steeds aan het verfijnen, want we willen ermee naar het buitenland. Ik heb in Hitchcock voornamelijk mijn cabaret-kant de ruimte gegeven, maar dat is niet genoeg. Hij moet veel meer een concurrent van Rainier worden. Drie nachten geleden bedacht ik opeens dat er méér te doen is met het citaat uit de film Rear Window dat al in de musical zit. Rear Window was een gluurdersverhaal en eigenlijk was de verhouding tussen Grace en Hitchcock een gluurdersverhouding. Hij was de voyeur. Dat idee van de gluurthriller ben ik nu aan het uitwerken, waardoor het in het script een diepere betekenis gaat krijgen.''

Terwijl ik me bij Kuifje afvroeg waarom hij te midden van alle slapstick een emotionele ode aan de zon in de mond gelegd kreeg.

,,Het soort musicals dat ik schrijf heeft een emotionele kern. Zonder emotie spreekt het mij niet aan. Ik heb Chicago vertaald, waarin ik wel weer even virtuoos kon uitpakken, maar je gaat niet naar Chicago voor de emotie – er is in die show geen enkel personage dat je aangrijpt.

,,Er was maar één Kuifje-album dat zich leende voor een theatrale vorm, en dat was De Zonnetempel. Het licht dat wordt weggenomen, de warmte die verdwijnt, de wereld die wordt belaagd – dat gaat ons allemaal aan. En daar hoort een credo bij: het eeuwige verlangen naar de zon. Pas toen dat lied er was, had ik de kerstboom waar ik de rest van de voorstelling, de toeters en de bellen, in kon ophangen. Toen had de musical een hart:

Altijd weer verlang je

naar het licht van de zon

Wil je je koesteren

in die warmtebron

,,Voor mij is het in 1990 begonnen met de vertaling van Les Misérables. Eerder had ik Swingpop en Publiek al geschreven, maar dat waren cabaret-musicals in de traditie van Annie M.G.Schmidt. Les Misérables was drie uur emotie, waar ik heldere Nederlandse lyriek van moest maken zonder dat het kitsch werd. Dat heeft me opengebroken. De meeste indruk maakte op mij The dream I dreamed. Vera Mann zong dat, als een meisje in wier leven geen enkele hoop meer gloort: `Het leven heeft mijn droom vermoord'. Technisch vind ik het sterk dat ik dat harde `moord' heb weten uit te stellen tot de allerlaatste syllabe. Belangrijker is dat het me ontroerde: de totale kwetsbaarheid van de mens in de jungle waarin we leven. Ik heb eindeloos achter in Carré gestaan om het haar te horen zingen.

,,Als cabaretier ben ik vaak zwaar bekritiseerd vanwege het laatste kwartier, waarin ik de mensen toch beter de zaal uit wilde laten gaan dan ze erin waren gekomen. Dat was de dominee in me. Ik had het mezelf veel makkelijker kunnen maken door dat weg te laten, maar ik wilde nu eenmaal een saamhorigheidsgevoel tot slot – en ik geloof ook wel dat het me af en toe is gelukt. Eén keer, in 1976, ben ik zelfs heel kwaad geweest op Wim Kan, toen hij eindigde met een lied over Menten. Maar dat is het kwáád, dacht ik, daar kun je de mensen toch niet mee naar huis sturen? Dat zou ik zelf nooit hebben gedaan.''

Maar is het niet veel te naïef om nu nog naar zo'n wij-gevoel te streven?

,,Ik ben juist heel hard. Ik ben vlak voor de oorlog geboren, en op mijn vierde, vijfde jaar heb ik nog net bewust kunnen meemaken hoe slecht de mensen zijn. Natuurlijk niet tot in details, maar wel in grote lijnen: het verraad, het verzet, de onderduikers. Vrede is geen natuurlijke situatie, maar een kunstmatige afspraak. Als je niet voor het positieve opkomt, gaan we eráán. Zeker in deze tijd kunnen we ons geen cynisme veroorloven. Dat heb ik steeds willen zeggen – en ik heb altijd gedacht: als ze dat sentimenteel vinden, dan bèn ik maar sentimenteel.

,,Het meeste commentaar kreeg ik altijd op de sentimentele liedjes. In mijn laatste shows deed ik ook een paar gedichten, en daarbij heb ik gemerkt hoe sterk de spanning uit de zaal aanzoog.

Hang niet zo aan me,

druk niet zo op me,

laat me vrij.

Als je me vrij laat

zul je me binden.

Als je opzij gaat

zul je me vinden...

Veertig jaar lang heb ik opgetreden, honderd tot honderdtwintig voorstellingen per jaar, en altijd ging het over die ene vierkante meter van de Nederlandse politiek. Op een gegeven moment, na 1971, was het zó Nederlands geworden, dat het zelfs voor Vlaanderen niet geschikt meer was. Dat wil ik niet meer. Als ik ooit weer op het toneel zou gaan staan, dan wil ik niets meer met politiek.

,,Intussen ben ik ook weer bezig met het vertalen van Heine. Eerder heb ik zijn Nieuwe lente al vertaald, maar ik verbeter nu wat ik bij nader inzien een beetje krom vind. Met de vroege Heine kan ik goed uit de voeten, de latere ligt me niet. Ik kan zelfs bijna zeggen tot wèlk gedicht ik met hem meega. Daarna komt de tragiek in zijn leven, het gevoel mislukt te zijn. Dan is er een Carmiggelt-achtige bezeerdheid. Hij weet daar enorme schoonheid uit te putten, maar die kan ik niet weergeven. Sommige levens hebben dat – die gaan de tragiek in, en daaraan hebben we prachtige schrijvers te danken. Maar als dat bij jezelf niet het geval is, en als je ook niet gelooft in het lijden als credo, dan kun je er je ziel niet in leggen. Als lezer kan ik het goed begrijpen, maar als schrijver heb ik het niet in huis.

,,Ik blijf het interessant vinden om musicals te vertalen. Het aardige is dat je geen kant op kunt; het kader waarin je woorden moeten passen staat volkomen vast. Als het je lukt om dan toch de kern te raken, is dat een moment van groot geluk. Maar natuurlijk heb ik nu wel de smaak van de eigen musicals te pakken. Zonder opdracht, puur voor mezelf ben ik begonnen aan een musical over koning Arthur. Dat is op dit moment mijn speeltje.

,,Ik ga heel vaak naar Grace kijken en elke week naar Kuifje. Dat zijn mooie avonden. Je ziet op het toneel gebeuren wat jij hebt bedacht. Het is de wereld waarin je tijdens het schrijven maandenlang hebt verkeerd, de wereld die je zelf hebt gemaakt – jouw wereld, en die is dáár, op dat toneel, tot een levende wereld geworden.''

Kuifje t/m 31 jan. Stadsschouwburg Antwerpen. Inl. 0032 0900 84900 of www.musicalkuifje.com Grace, GRACE Theater Arena Boulevard, Amsterdam. Inl. 0900 300 1250 of www.ticketservice.nl