`Adviseurs' VS in achtertuin Filippijnen

Amerikaanse troepen zijn geland in de Filippijnen. Ze moeten helpen een groep moslimextremisten uit te schakelen. De president van het land neemt een risico.

Grace Sablaya is lid van de zwijgende meerderheid in de voor 95 procent christelijke Filippijnen: ,,Geef toe: zelf kunnen we onze problemen niet oplossen'', zegt de lerares uit de hoofdstad Manila. ,,Amerikaanse soldaten zullen die moslimrebellen in het zuiden wél wegvagen.''

Filippino's zijn overwegend enthousiast over de uitbreiding van de Amerikaanse mondiale oorlog tegen het terrorisme naar Basilan, een minuscuul eiland in het zuiden van de archipel. Daar hebben de zelfverklaarde moslimrebellen van Abu Sayyaf alles in hun gewelddadige greep en houden ze een Amerikaans missionarissenechtpaar gegijzeld. De groep van hooguit 200 man onderhoudt contacten met Al-Qaeda, de organisatie waaraan de aanslagen van 11 september in de VS worden toegeschreven.

En dus zijn Amerikaanse soldaten geland op Filippijnse bodem. Het zijn adviseurs van het Filippijnse leger, maar ze blijven niet in de kazerne als hun collega's op patrouille gaan. Ze zijn gewapend, maar zullen alleen uit zelfverdediging schieten. De grondwet van 1987 verbiedt de aanwezigheid van buitenlandse troepen op Filippijnse bodem. Om die bepaling te omzeilen spreekt president Gloria Arroyo dan ook van Filippijns-Amerikaanse ,,legeroefeningen''. Een vreemd etiket, want de president erkent dat het einde van Abu Sayyaf het gemeenschappelijke doel is. ,,Ze vormen niet langer een interne bedreiging, maar een internationale. Het gaat hier echter om slechts 600 Amerikaanse adviseurs, die steeds áchter onze soldaten zullen zitten.''

,,Amerikaanse adviseurs'', zegt Arroyo's oppositie – de schreeuwende minderheid – ,,waar hebben we dat toch eerder gehoord.'' Oppositieleider Juan Ponce Enrile, ooit minister van Defensie onder dictator Ferdinand Marcos en notoir couppleger, vergeleek de landing van Amerikaanse soldaten deze week dan ook met het begin van de voor Amerika rampzalig verlopen Vietnam-oorlog. Begin jaren zestig stuurde president John F. Kennedy een beperkt aantal adviseurs. Enkele jaren later vond een half miljoen Amerikaanse soldaten zichzelf terug in een jungleoorlog die ze alleen maar konden verliezen.

Arroyo zegt zich te hebben ingesteld op forse kritiek, maar gelooft dat ze op handen gedragen zal worden als Abu Sayyaf dankzij de Amerikanen verdwijnt. Met het balanceren op grondwettelijke bepalingen, precies een jaar nadat ze na een volksopstand in het zadel kwam, neemt ze een risico. Critici die haar gebrek aan leiderschap verwijten, zien mogelijk hun kans schoon als de Amerikaanse militairen falen. Ze menen dat onder deze doctor in de economie 's lands economie en de orde- en vredessituatie er op achteruit zijn gegaan. En volgens voormalig senator Francisco Tatad kan Arroyo, nu ze buitenlandse troepen heeft toegelaten, worden afgezet wegens schending van de grondwet.

Maar veel anders dan buitenlandse hulp inroepen kan de Filippijnse president niet doen. Vanaf maart 2000, toen Abu Sayyaf met zijn eerste gijzelingsacties begon, beloofde haar voorganger, Joseph Estrada, de bandieten binnen een week met wortel en tak uit te roeien. Hij herhaalde zijn belofte elke maand, maar hij noch Arroyo kreeg de rebellen op Basilan en het buureiland Jolo eronder. Redenen: een falende militaire inlichtingendienst, onbekendheid van het terrein, tegenwerking van de moslimbevolking, corruptie onder officieren en het `verraad' van moslimsoldaten die in 1996 op grond van een vredesakkoord met de regering in ruil voor autonomie opgingen in regeringsleger en politie.

Het zijn die `geïntegreerden' die samen met Abu Sayyaf op Jolo in opstand zijn gekomen tegen leger en politie ten koste van zo'n 120 doden. Arroyo heeft bovendien te maken met militante, bommenleggende communisten in het midden en noorden van het land, hetgeen haar verzoek om Amerikaanse hulp enigszins begrijpelijk maakt. De opstandige `geïntegreerden' menen dat het akkoord van 1996 de Filippijnse moslimminderheid meer kwaad dan goed heeft gedaan. Gevolg is dat soldaten uit hetzelfde leger met elkaar vechten en politiemannen collega's beschieten. Geen wonder dat een deelnemer aan de internet-discussie van de krant The Philippine Inquirer schrijft: ,,Goed dat de Amerikanen komen om onze falende strijdkrachten wakker te schudden. Ze zullen hun ogen niet geloven als ze ons leger zien.''