Wel een talentendag, geen jeugdbeleid

De enige Nederlandse wielerprofploeg gaat zich versterken met buitenlanders. De veelgeprezen jeugdopleiding van Rabobank gaat op de helling. De sponsor wil een Tourzege.

Op de jaarlijkse wielerpresentatie van Rabobank stond een klimtijdrit voor jongeren op het programma. In de drooggelegde Haarlemmermeer waren een paar bulten gevonden om het parcours te verzwaren. De 250 jongeren waren nauwelijks uitgereden, of ze zagen de beroepsrenners in levenden lijve door een bouwkeet van de Floriade wandelen. Het grote nieuws van de sponsor was in strijd met de talentendag; de nationale jeugd maakt plaats voor buitenlandse sterren.

De Amerikaan Levi Leipheimer werd gisteren geïntroduceerd als de nieuwe kopman in de Tour de France. De kleine, kalende klimspecialist spreekt een beetje Nederlands, nadat hij een paar jaar geleden bij een Hollands gastgezin had gelogeerd. De 28-jarige Leipheimer leerde fietsen in de Verenigde Staten, waar hij in de schaduw van Lance Armstrong tot een internationale subtopper uitgroeide. De kopman van US Postal is onbetaalbaar, ook voor de Nederlandse sponsor die zijn begroting heeft opgekrikt van circa zeven naar ongeveer tien miljoen euro.

Rabobank heeft het wielercontract met drie jaar verlengd, maar stelde nieuwe voorwaarden aan de verbintenis. Wereldbekerzeges en dagprijzen in de grote rondes zouden publicitair niet meer interessant zijn. De pers en het publiek zouden verzadigd raken. Met de invoering van de euro zijn de landsgrenzen vervaagd en vervaagt ook het gezicht van een nationale wielerploeg. Kortom: binnen drie jaar moet een (buitenlandse) renner van de Nederlandse ploeg de Tour gaan winnen.

Met de aankoop van internationale toppers – Leipheimer is nog maar het begin – verloochent Rabobank de ideële doelstelling van 1996. De debuterende wielersponsor wilde toen de teloorgang van het nationale cyclisme tegengaan. Met een eigen jeugdopleiding, een eigen amateurafdeling en een Nederlands getinte profploeg maakte de oranje brigade goede sier in het peloton. Erik Dekker en Michael Boogerd wonnen klassiekers en behaalden ritzeges in de grote rondes. En de sponsor kreeg door de aanvallende rijstijl veel publiciteit.

Voorzitter Hans Smits van de hoofddirectie verdedigde gisteren het nieuwe beleid. Hij sprak over ,,ambiëren in plaats van eisen''. Volgens Smits, die in tegenstelling tot zijn voorganger Herman Wijffels geen affiniteit met wielrennen heeft, zijn de doelstellingen van de vorige topman bewerkstelligd. ,,Nederland is weer aangeschoven bij de wereldtop. We hadden de geldkraan kunnen dichtdraaien, maar hebben besloten de lat nog een stukje hoger te leggen.''

Een Nederlandse ronderenner van formaat dient zich voorlopig niet aan, weten de beleidsbepalers van de enige Nederlandse profploeg. Boogerd was voorbestemd opvolger van Joop Zoetemelk te worden. De Tourwinnaar van 1980, die parttime ploegleider is, wordt opgenomen in een scoutingsapparaat dat met name Oost-Europese talenten moet opsporen. Manager Jan Raas, de klassiekerkoning van weleer, heeft meer oog voor renners die net als hij uitblinken in eendaagse wedstrijden.

Boogerd werd een keer vijfde en een keer tiende in de Tour. Voor een plaats op het erepodium in Parijs komt hij tekort in de tijdritten. Leipheimer werd vorig jaar derde in de Vuelta, tijdens zijn debuut in een grote wielerronde. Het is nog maar de vraag of hij deze prestatie in de zwaardere Tour kan evenaren of zelfs verbeteren. Boogerd zei, net als zijn ploeggenoot Erik Dekker, blij te zijn met de Amerikaanse aanwinst. ,,We kunnen elkaar naar een hoger niveau tillen.''

Boogerd verklaarde de slechte doorstroming van de Nederlandse wielerjeugd aan een gebrekkige mentaliteit. Het gros rijdt volgens hem liever anoniem in het peloton en mijdt verantwoordelijkheid. ,,Ook als ze de kans krijgen, laten ze het liggen.'' Volgens Boogerd wordt de jongeren te veel in de watten gelegd bij Rabobank. ,,Wij werden op jonge leeftijd naar de kloten gereden. Ik heb keihard moeten knokken om beter te worden. Dat mis ik nu een beetje bij de jeugd. Er is veel wetenschappelijke kennis aanwezig, maar er zijn geen capabele renners om die kennis over te dragen.''

Manager Raas sprak gisteren over een ,,hoger ambitieniveau'' en een ,,grotere zichtbaarheid in het eindklassement van de Tour''. Met zijn Zeeuwse tongval verslikte hij zich bijna in het deftige taalgebruik. Hij leek voorgeprogrammeerd door een communicatieadviseur. Raas heeft zich bij Rabobank achter de schermen vooral beziggehouden met het opleiden van jonge renners. Op voorspraak van de directie sprak hij nu over ,,het recht van de sterkste''. Zijn juniorenploeg wordt binnen een paar jaar overheveld naar de wielrenunie KNWU. ,,Wij zitten een beetje in de overgang'', zei Raas.

Ploegleider Adri van Houwelingen kon niet verhullen dat hij reserves heeft bij de nieuwe koers. ,,Als men iets van hogerhand wil, heb je te luisteren'', formuleerde hij voorzichtig. ,,Ik kon me eerlijk gezegd beter vinden in het oorspronkelijke beleid, waarin de jeugd centraal stond. Nu kunnen we diep vallen. Net als Van Gaal, die riep dat hij wereldkampioen werd met Oranje.''