Keuringsarts bezorgd over nieuwe WAO

De rol van keuringsartsen bij de uitvoering van de nieuwe aanpak van de WAO wordt volgens de SER cruciaal. ,,De arbeidsongeschikte wil financiële zekerheid'', zegt keuringsarts Van Duijn.

De huidige praktijk dat zieke werknemers bij hun WAO-keuring na een jaar zullen proberen om in een zo hoog mogelijk schaal van arbeidsongeschiktheid te komen, zal met de nieuwe WAO-aanpak van de SER verder toenemen.

Dat voorspelt verzekeringsarts en vice-voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde (NVVG), F.L. van Duijn. ,,De arbeidsongeschikte wil financiële zekerheid'', aldus van Duijn, ,, en die is het grootst bij volledige arbeidsongeschiktheid.''

Als de plannen van de SER doorgaan, krijgen straks alleen nog die zieke werknemers een WAO-uitkering (75 procent van het gemiddelde loon over de laatste drie jaar), die volgens de keuringsarts minimaal vijf jaar niet meer kunnen werken. ,,Het zal voor zieke werknemers moeilijk te accepteren zijn dat ze op bijstandsnivau moeten gaan leven als ze niet duurzaam arbeidsongeschikt zijn.''

Wie niet volledig wordt afgekeurd krijgt slechts WW en later en IOAW-uitkering. Deze laatste is een `aangeklede' bijstandsuitkering, die niet wordt verrekend met het inkomen van de partner en het vermogen.

Van Duijn: ,,Het is aan de keuringsarts om hun dat uit te leggen. Dat is niet altijd eenvoudig. Zeker nu, met de recessie in de economie, de slapte op de arbeidsmarkt weer toeneemt, wat het opnieuw aan de slag komen van gedeeltelijk arbeidsongeschikten bemoeilijkt.''

De vice-voorzitter van de NVVG, die sinds 1987 keuringsarts is in Den Haag, onderschrijft dat met de nieuwe WAO-aanpak van de SER de werknemers die nu om psychische reden arbeidsongeschikt raken, niet meer in de WAO maar in de bijstand terecht zullen komen. Want van hen zal een belangrijk deel binnen vijf jaar weer geheel of gedeeltelijk kunnen werken.

Maar Van Duijn maakt zich grote zorgen over de positie van de chronisch zieken in de nieuwe regeling. ,,Wat doen we met deze groep als blijkt dat ze steeds zieker worden en uiteindelijk na verloop van tijd duurzaam arbeidsongeschikt raken? Worden ze dan alsnog uit de bijstand gehaald en overgeheveld naar de WAO?'' Van Duijn eist van de SER en van de politiek duidelijkheid over juist dit soort zaken, voordat de keuringsartsen met de uitvoering van de nieuwe regeling kunnen worden belast.

Volgens de Haagse keuringsarts is het in veel gevallen moeilijk in te schatten of een werknemer zo ziek is dat hij de komende vijf jaar niet aan de slag zal kunnen. ,,Op basis van medische kennis is redelijk in te schatten hoe een ziekte verloopt. Maar per individu kan het toch erg verschillen. De natuur is grillig.''

Een goede beoordeling van het ziektepatroon van een arbeidsongeschikte vraagt volgens Van Duijn ook om een betere samenwerking tussen bedijfsartsen en keuringsartsen. ,,We komen nu pas na een jaar met de zieke werknemer in contact. Maar dat eerste jaar is wel cruciaal voor het vervolg van ziekte. ''

Bovendien hebben volgens Van Duijn ook andere zaken, zoals de wachtlijsten in de zorg, een negatieve invloed op het genezingsproces. ,,Nu komt het voor dat we een zieke met psychische klachten pas na een half jaar bij bijvoorbeeld het RIAGG kunnen onderbrengen. Dat schiet natuurlijk niet écht op.''

Van Duijn denkt dat de discussie onder de verzekeringsgeneeskundingen weer zal oplaaien over het nut van een team van twee à drie keuringsartsen die zich met een gecompliceerd dossier bezighouden. ,,Hierdoor sta je sterker in je opstelling naar de arbeidsongeschikte.''

Een andere voorwaarde is volgens hem dat ,,het productie draaien'' van keuringsartsen minder moet worden. Er bestaat door de grote instroom van arbeidsongeschikten een tekort aan keuringsartsen. Daardoor zijn er grote achterstanden en heeft een arts soms maar een half uur voor een keuring en moeten zieke werknemers langer wachten op een keuring.