Arbeidsvoorwaarden NS zijn obstakel

Een buitenstaander zou het niet zijn opgevallen, maar toen ik enige jaren geleden onderzoek verrichtte naar de functie en de werkdruk van de dienstindeler bij een productie-eenheid van NS-Reizigers, drong zich bij mij het beeld op van een organisatie die zich verstrikt had in een web van verstarde regels. Met name op arbeidsvoorwaardelijk terrein stapelden regels zich op die onderling niet op elkaar waren afgestemd. Daardoor wordt elke vorm van flexibilisering en elke aanpassing van de werkorganisatie ofwel meteen door het personeel en de bonden als `onacceptabel' betiteld ófwel voor het bedrijf ongelooflijk kostbaar vanwege de inbedding in de bestaande regelgeving.

Vrijwel alle ontwikkelingen op algemeen maatschappelijk en arbeidsvoorwaardelijk terrein, zoals variabele dienstlengte of functionele flexibiliteit blijken binnen de NS onbespreekbaar te zijn.

Tijdens mijn onderzoek werden ziekte, verlof en opleiding tezamen berekend op 30 procent (`dat is zo bij ons'), zonder enig besef dat dat percentage elders in het bedrijfsleven veel lager ligt. Bedraagt de werkelijke afwezigheid 40 procent dan raakt men in paniek (`hoe nu de treinen te bemannen'), maar als blijkt dat de werkelijke afwezigheid achteraf 20 procent was, dan vormt die `bespaarde 10 procent' een kostenpost.

Bovendien werkte gedurende de bestudeerde periode een machinist slechts 40 procent van zijn werktijd in de trein. Dat gegeven spoort heel aardig met de berekening van een ingezonden brievenschrijver (tot voor kort controller bij de NS) die berekend had dat een machinist bij de NS op jaarbasis per werkdag 83 kilometer aflegt. Dan zijn er nog het gemak en de vanzelfsprekendheid waarmee het personeel alle ooit overeengekomen vormen van verlof opneemt.

Ongetwijfeld hadden personeelsleden van de NS bij de aankondiging van de nieuwe dienstroosters snel in de gaten dat invoering daarvan het hoge vrijetijdsrendement van het bestaande systeem zou aantasten, en dat bij invoering van `het rondje om de kerk' gesneden zou gaan worden in het huidige starre en vergaand gedetailleerde arbeidsvoorwaardensysteem. Wanneer dat systeem niet op de helling gaat, zal ook de nieuwe directie weinig kunnen uitrichten.

A.J.M. van Riel is organisatie-adviseur.