Voor altijd onmisbaar

6.673 `misbaren' bij ABN Amro hebben er vrijwillig voor gekozen de bank te verlaten. Vinden ze weer makkelijk een andere baan? Vanmorgen werd bekend dat het aantal vacatures in Nederland in het derde kwartaal van vorig jaar voor het eerst sinds zeven jaar is gedaald, van 183.000 in het derde kwartaal van 2000, tot 171.000 in het derde kwartaal 2001.

Die daling met 7 procent lijkt mee te vallen, maar de zaken liggen op de arbeidsmarkt dramatischer dan ze op het eerste gezicht lijken. In het tweede kwartaal van 2001 piekte het aantal vacatures nog op 216.000. Van kwartaal op kwartaal bedraagt de daling 21 procent. Dat gaat hard.

Het berekende aantal is een saldo van het aantal bestaande vacatures, aangevuld met nieuwe vacatures, waarvan het aantal vervulde vacatures weer wordt afgetrokken. In een verslechterende arbeidsmarkt moet vooral worden gelet op het aantal nieuw ontstane vacatures. Dat nam in het derde kwartaal af met 9 procent ten opzichte van een jaar eerder. Ten opzichte van het tweede kwartaal bedraagt de daling bijna een kwart. Daar komt nog bij dat de cijfers een achterstand hebben van 3,5 maand.

Het verlies van werkgelegenheid loopt sterk achter op de conjunctuur. Bedrijven wachten liever even af of ze hun `menselijk kapitaal' echt op straat moeten zetten. Tussen aankondiging van banenverlies, zoals door Philips, ABN Amro en KPN, en het daadwerkelijk beëindigen van het dienstverband zit makkelijk een half jaar. Met name in de IT-sector lijkt het banenverlies pas de laatste maanden echt te versnellen.

Dat betekent dat het aantal openstaande vacatures in het vierde kwartaal van vorig jaar en in het huidige eerste kwartaal van 2002 verder zal zijn afgenomen. Of die sterk afnemende krapte op de arbeidsmarkt al te zien zal zijn in de werkloosheidscijfers over november, die vrijdag bekend worden, is de vraag. Maar de trend komt er aan.

Wie nu de arbeidsmarkt opstapt komt in een heel andere wereld terecht dan een jaar geleden. Er is een branche die profiteert, en dat is de non-profitsector. Die wordt relatief aantrekkelijker. Bedroeg de banengroei in de niet-commerciële dienstverlening (zorg en onderwijs) in 1999 nog niet eens de helft van het landelijk gemiddelde, in het derde kwartaal van vorig jaar was de banengroei er juist al bijna het dubbele. Het aantal vacatures steeg er in een jaar tijd van 21 procent naar 26 procent van het totale aantal vacatures.

Als genoeg voormalige commerciële werknemers flexibiliteit tonen, kunnen daar de tekorten verder worden aangezuiverd. Eén voordeel kunnen ze in onderwijs en zorg tegemoet zien: voor altijd onmisbaar.