`Politie ontbeert voorbereiding'

De Nederlandse politie is onvoldoende opgeleid om effectief op te treden in situaties waarbij grootschalig optreden geboden is. Ook beschikken leden van de mobiele eenheid in dergelijke situaties over onvoldoende middelen en materieel om de eigen veiligheid te beschermen. Verder moeten er strategieën worden ontwikkeld voor het geval er aanwijzingen zijn van mogelijk vuurwapengebruik door relschoppers tegen de politie.

Dat schrijft een werkgroep van ambtenaren van de ministeries van Binnenlandse Zaken en van Justitie en de politietop. De werkgroep evalueerde geruchtmakende gevallen van grootschalig politieoptreden, in Den Bosch, de Koerdendemonstratie, de rellen op Koninginnedag in Amsterdam, de ontruimingen langs de Betuweroute en de MKZ-crisis.

De uitrusting van de politie biedt onvoldoende bescherming bij grootschalige acties, terwijl bij rellen buitensporig geweld tegen de politie juist toeneemt.

De werkgroep noemt als voorbeeld het traangasmasker dat niet past op de nieuwe helmen waarmee ME'ers worden uitgerust. Bij politieoptreden op het platteland moeten volgens de werkgroep ME-pelotons structureel worden uitgerust met politiehonden.

Ook moet sneller duidelijk worden of en waar traangas, waterwerpers, paarden en shovels beschikbaar zijn.

Op het moment dat een rel escaleert in grootschalig verzet, blijkt de politie vaak onvoldoende op de hoogte te zijn van de plaatselijke situatie, zoals in Den Bosch, waar opgeroepen bijstandseenheden de weg niet konden vinden in de wirwar van straten en stegen van de Graafse Wijk. Daardoor konden ME'ers moeilijk insluitende bewegingen maken zonder de eigen veiligheid in gevaar te brengen.