`Mijn lichaam wil spelen, niet coachen'

De Groningse Parel uit het Oosten werkt aan een droom. In 2010 wil Singapore meedoen aan het WK voetbal. De beste voetballer die de stadstaat ooit heeft gehad, oud-FC-Groningenspeler Fandi Ahmad, moet die klus klaren.

Het tweede elftal van de Warriors, de FC van het Singaporese leger, loopt warm. Hun coach, Fandi Ahmad, de voetballer die tegen wil en dank trainer werd, wikt en weegt zijn spelers vanaf de sintelbaan. Want de vraag was of op het veld een Singaporese voetballer loopt die net zo goed is als hij ooit was. De ogen van oud-FC-Groningen-speler Fandi gaan van links naar rechts langs het rijtje spelers. Dan schudt hij zijn hoofd: ,,We hebben minstens zeven jonge jongens nodig die er nu al uit springen, maar in Singapore is er nu niet één.'' De komende jaren blijft Fandi, in Groningen beter bekend als `De Parel uit het Oosten', dan ook de beste speler die Singapore ooit heeft gehad.

En dat doorkruist de plannen van de stadstaat aanzienlijk en dan vooral die van de regering. Want de overheid heeft miljoenen dollars uitgetrokken voor de verwezenlijking van een droom: in 2010 moet het nationale voetbalelftal meedoen aan de eindronde van het WK voetbal. Willen is kunnen, geldt in Singapore, dat volgens de wereldvoetbalfederatie FIFA 114 naties vóór zich moet dulden op de wereldranglijst. Niet voor niets promoveerde het eiland in dertig jaar van de Derde naar de Eerste Wereld en met dezelfde typisch Singaporese aanpak zal het ook op het sportieve vlak de eigen bevolking trots maken. Hoe? Door uit het buitenland te halen wat in Singapore schaars is: talent.

,,Hij komt uit Thailand, hij uit Guinee-Bissau'', wijst Fandi, ,,en straks oefenen we tegen Chinezen die we misschien óók kunnen laten naturaliseren tot Singaporezen.'' De meeste buitenlanders op het voetbalveld hadden tot voor kort nog nooit van het Zuidoost-Aziatische land gehoord, maar zouden binnen acht jaar Singaporees staatsburger kunnen zijn. Ze dragen allemaal het logo van `Goal 2010' op de mouw. Rond dat jaar zijn ze tussen de 25 en 28 jaar oud. Te oud, vindt Fandi. ,,Eigenlijk komt 2010 te vroeg. Als we dan het niveau hebben van Japan en Korea nu, is dat al heel wat.'' Vorig jaar eindigde Singapore met twee punten als laatste in de eerste WK-voorronde achter Kirgizië, Koeweit en Bahrein.

Het ligt voor de hand dat Fandi de bondscoach wordt die Singapore naar `2010' moet leiden. ,,Het is mijn grootste droom, maar ik moet dat niveau nog bereiken.'' In 2000, zijn debuutjaar als coach, leidde hij de legerclub naar de landstitel waarom wordt gestreden door twaalf clubs die drie competitierondes per seizoen spelen. ,,Ik vind coaching nu nog zo saai'', bekent Fandi, die in mei veertig wordt. ,,Ik heb nog altijd de `spelersjeuk'. Mijn lichaam wil nu spelen, niet coachen.''

De stadions in Singapore zouden vollopen wanneer Fandi weer zou gaan voetballen, want nu valt er weinig te genieten en veel te lachen. ,,De mentaliteit is hier niet goed. Als we `Goal 2010' willen halen, moeten spelers ervaring opdoen in Europa, want hier hoeven ze niet te vechten voor hun plek zoals ik bij Groningen moest doen.''

Ach ja, Groningen. ,,Henk de Haan, Bud Brocken, Ron Jans'', mijmert Fandi over zijn teamgenoten en zijn gedachten dwalen af naar de terrasjes van de Grote Markt en naar het fietsen van zijn huis in Paddepoel naar het Oosterparkstadion. Fandi was een van de eerste voetballers uit Zuidoost-Azië die in een Europese competitie speelde. Toen hij in 1983 bij FC Groningen kwam, was hij dan ook een bezienswaardigheid. Zijn uitstraling: melancholieke heimwee. Een lichte, bescheiden jongen die ook op warme dagen met handschoenen en lange broek over het veld vlinderde. ,,In de rust dronk iedereen thee, maar ik gooide de mijne over mijn voeten. Die verschrikkelijke kou.''

Wat heeft een 20-jarige speler uit de tropen nu in Groningen te zoeken?, vroegen velen zich af. Totdat Fandi in zijn competitiedebuut scoorde tegen Go Ahead Eagles en een paar dagen later weer tegen Inter Milaan in de met 2-0 gewonnen UEFA-Cupwedstrijd. ,,Geen mooie goal, wel de beste uit mijn carrière. Jos Roossien zette voor van links en ik schoof de bal in de 89ste minuut langs Zenga. Moet je nagaan: Zenga. Én Altobelli én Bergomi.'' Twee jaar later was coach Han Berger uitgekeken op de vaak geblesseerde Fandi. Hij ging in Maleisië spelen, maar tekende in 1987 toch weer bij Groningen. ,,Helaas kreeg ik toen geen werkvergunning meer.''

De passen van de `alsdans' (áls ik niet zus, dán had ik zo) lopen ook door de sportcarrière van Fandi. Zijn `wals van het als' is: áls ik niet naar mijn familie had geluisterd, dán had ik misschien in 1987 de Europa Cup voor bekerwinnaars gewonnen. Met Ajax. Want die club wilde Fandi in 1982 maar al te graag hebben. Wat heet: na een stage van drie weken boden de Amsterdammers hem een driejarig contract aan. Inclusief een unieke heimwee-clausule waarmee Fandi zonder gevolgen op elk moment mocht vertrekken. ,,Ik heb er tot op de dag van vandaag spijt van dat ik ervoor koos om naar de club van Surabaya in Indonesië te gaan. Maar ik was zo jong en mijn familie vond dat ik dicht bij huis moest blijven.''

En weer dwalen de gedachten af. Ditmaal naar Søren Lerby, Jesper Olsen, Marco van Basten en vooral Johan Cruijff. ,,Hij speelde eigenlijk heel simpel buitenkant voet, zo mooi hij was overal en zijn brein was constant aan het werk. Ik kreeg van hem het meest simpele, maar beste advies ooit: `Play to your strength'. Dat zeg ik nu ook tegen mijn spelers, maar ja.''

De Chinezen die in 2010 voor de nationale ploeg van Singapore hopen uit te komen zijn gearriveerd om tegen Fandi's club te oefenen. Zijn eerste indruk is goed. ,,Ze zijn nog jong, maar nu al veel forser dan Singaporese voetballers'', zegt de aanstaande bondscoach, terwijl hij ondertussen een paar handtekeningen zet op voetballen en blocnotes. ,,Postuur, dat is ons grootste probleem. Singapore heeft helemaal geen voetbalcultuur, want we zijn veel te licht gebouwd voor deze sport.''