Zeker en vast

Nederlandse auto's lopen vaak vast in de sneeuw. Sneeuwkettingen of winterbanden. Valse zuinigheid of onbekendheid?

Vlak voor kerst was het al raak. Duizenden auto's liepen letterlijk vast in de sneeuw op de Duitse autobanen. Een opmerkelijk aantal droeg een Nederlandse kentekenplaat. De ADAC, de Duitse zusterorganisatie van de ANWB, zei verbaasd te zijn dat zo veel Nederlanders onvoorbereid – zonder winterbanden – naar de wintersport rijden. Alsof een set sneeuwkettingen achterin de kofferbak voldoende is om de winterse elementen te kunnen trotseren. Valse zuinigheid? Of onbekendheid met het fenomeen winterband, dat in Duitsland veel bredere acceptatie en toepassing vindt, en in sommige wintersportgebieden zelfs wettelijk is voorgeschreven?

Waarschijnlijk is het een combinatie van beide. Winterbanden zijn geen speciale banden die oncomfortabel zijn en daarom alleen bruikbaar in dikke pakken sneeuw. Het zijn seizoenbanden die van oktober tot maart het volwaardige alternatief vormen voor het van fabriekswege gemonteerde rubber. Al kan dat pas sinds halverwege de jaren negentig worden gezegd, omdat sindsdien een snelle technologische ontwikkeling de eigenschappen van de winterband sterk verbeterde. Tot die tijd boden M&S banden – Modder & Sneeuw – op besneeuwde wegen uitstekende grip in vergelijking met standaardbanden. Maar hun grove profiel veroorzaakte veel lawaai. Bovendien waren ze slipgevoelig op natte wegdekken. Onderzoek leidde naar een nieuw profiel: een minder grove blokvorm en in plaats daarvan fijne lamellen in de rubber profielblokken zelf. Dat gaf winterbanden behalve optimale grip in vaste sneeuw ook meer comfort plus een betere afvoer van water of natte sneeuw.

De veelzijdigheid van tegenwoordige winterbanden vindt zijn oorsprong bovendien in een nieuwe, sinds de vroege jaren negentig voor het eerst toegepaste rubbersamenstelling. Door toevoeging van silica plus een nieuwe generatie polymeren als vulmiddel (in plaats van roet, traditioneel een toevoeging aan rubber om de eigenschappen van de band te verbeteren) is het loopvlakrubber van winterbanden van dien aard dat bij buitentemperaturen van 7˚ C en lager de grip beter is dan met normale standaard gemonteerde banden en de rolweerstand minder. Vooral wanneer het regent. ABS-remmen (anti-blokkeer) werken dan ook beter. Dat rechtvaardigt de term winterbanden, want ze kunnen ongeacht de weersomstandigheden van oktober tot maart worden gebruikt, zo lang de temperatuur maar niet te ver boven de 7˚ uitstijgt. In dat geval neemt de slijtage, die onder normale gebruiksomstandigheden hooguit 15 procent groter is dan bij normale banden, verder toe. In zijn algemeenheid draagt een winterband dus bij aan een grotere veiligheid, alleen is de gemiddelde Nederlander zich daarvan nog niet bewust. Zolang de sneeuwkettingen achterin liggen, waant men zich veilig. Kettingen moet men in wintersportlanden overigens altijd bij zich hebben, ook indien winterbanden zijn gemonteerd. Want onder extreme omstandigheden – wanneer de ondergrond onder de sneeuw is bevroren – heb je kettingen gewoon nodig om vooruit te komen.

Zijn winterbanden een extra kostenpost? Nauwelijks, want wie op winterbanden rijdt spaart zijn zomerbanden. De garage bewaart ze vanaf oktober tot maart, tot de zomertijd weer is aangebroken. Winterbanden zijn niet of nauwelijks duurder, maximaal 15 procent. Voor een Peugeot 206 kost een set winterbanden, afhankelijk van het merk, tussen de 440 en 542 euro. Wel moeten tweemaal per jaar de banden worden gewisseld, al is het een trend om met de banden ook een extra set wielen aan te schaffen. Dat is op termijn goedkoper. Voor montage, balanceren en opslag van een set banden rekent de dealer ongeveer 60 euro.

Een categorie die – geheel onterecht – denkt geen winterbanden nodig te hebben is die van de terreinwagens, de Sports Utility Vehicles, kortweg SUV's. Sommige berijders daarvan denken dat hun vierwielaandrijving ze onder alle omstandigheden door de sneeuw helpt. Dat klopt zolang ze de berg oprijden en de vier aangedreven wielen moeiteloos door de sneeuw ploegen. Maar bergaf geeft de vierwielaandrijving geen extra grip en glijden de terreinwagens even hard door als normale personenwagens met vóór- of achterwielaandrijving. Ook hun wordt dus serieus aangeraden winterbanden te monteren. Winterbanden zijn ook voor snelle auto's toepasbaar, omdat ze inmiddels voor de meeste snelheidscategorieën zijn vrijgegeven – tot 240 km/uur toe, voor wie zich in Duitsland wil uitleven.

De belangstelling groeit in Nederland inmiddels gestaag. De afgelopen vijf jaar bedroeg de groei ongeveer 15 procent per jaar, zegt Vredestein, marktleider in het Nederlandse winterbandensegment. Van de ruim 4 miljoen banden die jaarlijks als vervanging worden verkocht is maar 5 tot 10 procent winterband. Grote merken zijn Michelin, Continental of Pirelli, maar ook het Japanse Toyo. Er zijn ook enkele kleine, onbekende Scandinavische fabrikanten die veel lokale ervaring hebben. De Nederlandse verkoop is een schijntje vergeleken met die in Duitsland, waar het marktaandeel van winterbanden ruim boven de 40 procent ligt. Naast het vaak slechtere winterweer spelen ook andere factoren een rol. Verzekeringsmaatschappijen moedigen daar gebruik van winterbanden aan met lagere premies. In Nederland gaat dat ook gebeuren. Nog niet voor de particuliere automobilist, maar sommige leasemaatschappijen hebben al een deal gesloten met verzekeraars om hun wagenparken in de winter op andere banden te zetten, ongeacht of de berijders naar wintersportgebieden rijden.