Week voor WK zijn sprinters goed in vorm

In het Thialf-stadion in Heerenveen was gisteren grote behoefte aan een taxateur: wat was nou de exacte waarde van de suprematie van de Nederlandse sprinters op de 1.000 meter, op de derde en laatste dag van de wereldbekerwedstrijden? Op wat de meeste deelnemers als zwaar ijs beschouwden, werden Jan Bos en Erben Wennemars bij de mannen één en twee. Bij de vrouwen waren die ereplaatsen voor Marianne Timmer en Andrea Nuyt. Vrijdag maakte Gerard van Velde al indruk met een gedeelde eerste plaats op de 500 meter, vlak voor Bos.

De Nederlandse sprinters verkeren nog geen maand voor de Spelen in een uitstekende vorm. In de aanloop naar de WK sprint van komend weekend in Hamar behoren ze tot de favorieten. Al was het alleen maar omdat het Vikingschip (125 meter boven de zeespiegel) net als Thialf (0,4 meter) een laaglandbaan is; een nadeel voor de Noord-Amerikaanse en de Canadese sprinters. Die zijn de `snelle' olympische banen van Salt Lake City (1.425 meter) en Calgary (1.035 meter) gewend. Anderzijds: mochten de schaatsers uit de VS en Canada in Heerenveen nog last hebben gehad van jetlag, in Hamar kan het tijdverschil geen excuus meer zijn.

De meest constante sprinter uit het Nederlandse kamp van de afgelopen drie dagen was Nuyt. Vrijdag tweede op de eerste 500 meter, gisteren diezelfde klassering op de 1.000 meter, achter Timmer. Aangezien de WK sprint over die twee afstanden worden verreden, lijkt de 27-jarige schaatsster uit de ploeg van Gerard Kemkers op een podiumplaats in Hamar af te stevenen. Maar het WK komt dit jaar op het tweede plan. Een wereldtitel in het olympische seizoen is mooi meegenomen, weet bijvoorbeeld Bos (wereldkampioen sprint in '98), de fraaiste buit is goud op de Winterspelen. Dus beschouwen de sprinters de WK vooral als een laatste test voor Salt Lake City.

In een cruciale periode leeft Marianne Timmer weer op. De tweevoudig olympisch kampioene won gisteren de 1.000 meter. De smaak van de overwinning op die afstand had ze in een internationaal veld niet meer geproefd sinds december 1999, bij de wereldbekerwedstrijden op de buitenbaan in Warschau. Het oude gevoel komt terug, stelde Timmer opgetogen vast. Op de startstreep had ze weer die felle en vastberaden blik in haar ogen, hongerend naar succes.

Vooral haar mislukte poging een eigen ploeg te creëren, inclusief juridische nasleep, heeft Timmer dit seizoen naar eigen zeggen veel energie gekost. De verwikkelingen buiten de ijsbaan dreigden een verlammende werking op haar te hebben, maar een maand voor de Winterspelen demonstreerde ze in Thialf haar veerkracht. Haar overwinning beschouwde ze als een opsteker. ,,Ik voel me weer vrijer in m'n hoofd, ik zit beter in m'n vel en voel dat ik meer energie heb.'' Nu de ijskoningin van Nagano haar magie heeft hervonden, is er zelfs weer ruimte voor bravoure: ,,Als je in vorm bent, kun je alles.''

Jan Bos, die aan het begin van het seizoen zijn coach Leen Pfrommer inruilde voor de Oekraïense Nederlander Konstantin Poltavets, zit al wat langer goed in zijn vel. Dat resulteerde de afgelopen maanden in constante topprestaties. Zonder al te veel moeite kwalificeerde hij zich in december voor de 500, de 1.000 en de 1.500 meter op de Olympische Spelen, gisteren zette hij de voorlopige kroon op zijn werk met de overwinning op de 1.000 meter. In de laatste rit op die afstand keek hij met zijn Amerikaanse tegenstander Casey FitzRandolph aan tegen de tot dan toe snelste tijd (1.10,19 minuut), gerealiseerd door Wennemars. Bos was zevenhonderdste van een seconde sneller. Voor de sprinter was het de eerste zege op die afstand sinds de wereldbekerwedstrijden van november '99 in Berlijn. ,,Het is lang geleden dat ik zo goed heb gereden'', zei Bos. Aan zelfvertrouwen geen gebrek. ,,Als ik goed ben, kan ik iedereen zoek rijden.''

Wennemars krabbelde uit het emotioneel diepe dal waarin hij vrijdag was beland. Toen greep hij in Heerenveen tijdens een skate-off samen met Martin Hersman naast het olympische startbewijs op de 1.500 meter. Jochem Uytdehaage veroverde dat ticket. Met zijn tweede plaats op de 1.000 meter nam hij revanche op zichzelf. ,,Als het in Salt Lake City niet op de 1.500 kan, dan moet het maar op de 1.000'', sprak hij gedecideerd.

Aanvankelijk was Wennemars er niet zo blij mee dat zijn directe tegenstander Jeremy Wotherspoon heette, de Canadese wereldrecordhouder tegen wie hij in vorige rechtstreekse confrontaties geen schijn van kans had. Deze keer waren de rollen omgedraaid.

Behoedzaam schatte Wennemars na afloop de waarde van de Nederlandse sprintresultaten in. ,,Ik denk dat we allemaal goed in vorm beginnen te komen.''