Naar de plee

In 1889 schreef Lodewijk van Deyssel in De kleine republiek: ,,De moeder stond op en haar stoel schoof kners-steunend naar achteren, de moeder ging langzaam naar de plee, de vader nam de krant weêr en stak een sigaar op.'' Voorzover bekend is dit de vroegste vindplaats van het woord plee. De meeste mensen beschouwen plee nu als een plat woord, dat je alleen in huiselijke kring of onder vrienden kunt gebruiken (,,Zeg jongens, ik ben effe naar de plee.'') Maar indertijd werd plee juist als een fatsoenlijk woord beschouwd. Zo schreef F. Buitenrust Hettema in 1892 in het tijdschrift Taal en Letteren, in de eerste taalkundige publicatie waarin plee wordt genoemd: ,,De beteekenis weet elke Nederlander wel; het is een fatsoendelijke term, min of meer eufemistisch.''

Buitenrust Hettema kende het woord in drie varianten: als plèti, als plè en als plé. Hij beschouwde die laatste twee vormen als verkortingen van plèti. De woorden werden met een on-Nederlandse klank uitgesproken, schreef hij. ,,Ik houd het woord dan ook niet voor Hollands.''

De herkomst van plee is niet helemaal zeker. De meeste hedendaagse woordenboeken brengen het in verband met het Franse petit (cabinet), het `klein(st)e kamertje'. Maar ja, het is niet duidelijk hoe die l in het woord is terechtgekomen. Daarom hebben anderen gedacht aan een verkorting van het Engelse place, een van de vele Engelse eufemismen voor `toilet'.

Buitenrust Hettema herleidde het woord tot het Franse plaît-il `wat belieft u'. In betere kringen was het in de 19de eeuw nog heel gewoon om Frans te spreken. Om aan te tonen hoe het woord zou kunnen zijn ontstaan, schetste Buitenrust Hettema een Frans dialoogje tussen een dame en een bediende in een openbare gelegenheid. Dame: ,,Waar is hier de..., de...'' Waarop de bediende: ,,Plaît-il?, wat belieft u?'' Om na een kleine pauze te vervolgen: ,,Ah, u zoekt de plaît-il.''

Dit klinkt nogal geforceerd, maar toch zou plaît-il heel goed de bron voor plee kunnen zijn. Zeker is dat plee en pleti aanvankelijk door elkaar werden gebruikt. Koenen beschouwde deze woorden in 1907 nog als gelijkwaardig. Volgens dit woordenboek sprak men indertijd onder meer van pletipapier en pletiruimer (voor iemand die de plees schoonmaakte).

Zeker is ook dat dit soort volkse vervormingen van Franse frasen vaker voorkwamen, zelfs in dezelfde context. Zo werd het toilet in de volkstaal ook wel de piesemopsantee genoemd, een verbastering van puis-je m'absenter? (`mag ik mij even verwijderen?'). Aan het begin van de twintigste eeuw zei men ook wel op rettet gaan voor `naar het toilet gaan', met een verbastering van het Franse `retrait'. En voor `kont, achterste' zeggen sommigen keskedie, een verbastering van qu'est-ce que tu dis (vrij te vertalen als `wat zeg je me nou?').

Hoe dan ook: plee was aanvankelijk een fatsoenlijk woord, maar in 1942 noemde Koenen het `gemeenzaam' (volks) en tien jaar later zelfs `plat'.

Toch is het in sommige kringen altijd chic gebleven, en wel onder de adel. Althans, dat is in de literatuur verschillende keren opgemerkt en ik vroeg u laatst of dat nog wel klopte, dat zeer welopgevoede luitjes ook in het openbaar rustig aankondigen dat ze naar de plee gaan, in plaats van bijvoorbeeld naar het toilet (dat volgens sommige lezers erg Non-U is) of naar de wc.

Het antwoord is volmondig: ja, dat komt nog voor. Lezers bekenden zelf altijd plee te gebruiken, zij het dat zij daar soms enige schroom voor hadden moeten overwinnen. En zij maakten melding van kasteelheren, hofdames, adelborsten, een staatssecretaris en een minister die met evenveel gemak plee zeggen als bijvoorbeeld motten.

Inmiddels is ook duidelijk wanneer toilet begon door te dringen in de betekenis `wc', want in 1969 schreef het tijdschrift Onze Taal: ,,Toilet is de nieuwste term in opgang voor dit soort installaties.'' Hetzelfde artikel merkte op dat wc het ,,eens zeer nette woord plee'', had verdrongen ,,naar een lagere trap van de maatschappelijke ladder''.

Maar dat blijkt dus iets gecompliceerder te liggen.

Reacties naar de Achterpagina of naar sanders@nrc.nl. Voor meer pleetaal zie op vrijdag a.s. www.nrc.nl