Hoogbegaafd als scheldwoord

Het zal niet lang meer duren of de uitgever van de grote Van Dale krijgt een dagvaarding in de bus met de eis om het lemma hoogbegaafd te laten vallen omdat het een scheldwoord is. De uitdrukking gaat steeds meer lijken op andere in de taboesfeer geraakte kwalificaties als kreupel of idioot.

Altijd als het woord hoogbegaafd valt op tv, wordt het geassocieerd met persoonlijke problemen. Het gaat over wat een hoogbegaafde niet kan: met gemiddelde mensen omgaan, een gesprek voeren, uitleggen wat hij aan het doen is, voldoendes halen op school.

Ook de kinderen in de documentaire Het Hoogbegaafdenklooster waren mislukt in het reguliere onderwijs. Brabantse en Limburgse ouders hadden daarom uit wanhoop een opvangcentrum opgericht in een naburig kloostergebouw. Maar of hun aanpassingsproblemen typerend waren voor de hoogbegaafde vraag ik me af. En waren alle kinderen wel écht hoogbegaafd? De definitie van de wetenschapper van de universiteit van Nijmegen was ruim. Een hoog IQ of grote originaliteit of heel knap in iets speciaals zoals muziek. Johan Cruyff zou dan hoogbegaafd zijn. Gelukkig is hij vroeger niet naar zo'n klooster gegaan, dan had hij waarschijnlijk nooit bij Ajax gevoetbald. Het doel van de opvang is een harmonisch leven. Een diploma zal niet altijd lukken, zei een bestuurder onheilspellend.

De argeloos registrerende en ondervragende Hans Polak trof een instelling aan in de experimenteerfase met een rommelig programma. Jongens mochten op de muren schrijven. Dat was volgens een lid van het managementteam een goed teken. Een jongen die muziekstukken zo uit het oor op de piano kon naspelen, kreeg 400 gulden van de directeur om het een keertje te doen voor de camera. De traditionele pedagogie gaat dus niet op. Na het eten mochten de hoogbegaafden vrij computeren, terwijl leden van het managementteam en ouders de afwas deden. Een kind vond zichzelf briljant met het computerspelletje Sin, waarin je met een mitrailleur in een gangenstelsel zoveel mogelijk mensen moet neermaaien.

Zo wordt er wat afgedokterd op hoogbegaafden.

Vorige week behandelde het wetenschapsprogramma Noorderlicht het Asperger-syndroom, een vorm van autisme die vaak samengaat met hoge intelligentie. Tussen de wetenschappelijke uiteenzettingen door beschreef een anonieme, hoogbegaafde patiënt hoe moeilijk het voor hem was om gewone emotionele zaken te begrijpen. Ongetwijfeld zaten ook in dat klooster een paar Asperger-gevallen. Niet iets om jaloers op te worden. Vooral mannen lijden onder het Asperger-syndroom, want het heeft te maken met testosteron. In het hoogbegaafdenklooster waren meisjes in de minderheid.

Ik herinner me een leuk gesprek van Sonja Barend in B&W met een aardige, geniale jonge man, student sterrenkunde, die de term hoogbegaafdheid en de problematisering daarvan verfoeide. Uniek programma. Geslaagde hoogbegaafde volwassenen, ook Nobelprijswinnaars, van wie ik weet of over wie ik heb gelezen, zijn in het reguliere onderwijs groot geworden zonder dat ze een 24-uursproject waren van hun ouders. Ik weet ook van een enkel mislukt genie dat sociaal gehandicapt was. Of is de samenleving gehandicapt en het niveau van leerkrachten te sterk gedaald?

Naast hoogbegaafdheid is het mannelijk hormoon testosteron een populair onderwerp. Volgens Noorderlicht vergroot dat hormoon mathematisch inzicht en muzikaliteit en speelt het een rol bij autisme. Zembla liet in een documentaire over Het Adoniscomplex zien hoe onzekere mannen testosteron en illegale diergroeihormonen uit België in hun aders spuiten om dikke spierbundels te ontwikkelen. Hun borstkassen zien er uit als uit dikke slangen samengestelde Medusa-hoofden. Deze mannen zouden een in de media gepropageerd schoonheidsideaal nastreven. Maar op mij wekt zo'n dankzij testosteron agressief geworden locomotief-man met een stierennek onder een klein koppie een zwakbegaafde indruk. In tv-series is de kleerkast zelden de baas, maar de dommekracht die de baas moet beschermen. Hij kan er meteen op slaan als iemand hem voor ,,hoogbegaafde'' uitmaakt.