Zijn honden in Zuid-Afrika racistisch?

Zuid-Afrikaanse honden in blanke wijken grommen alleen naar zwarten. Kwestie van training? Of zit het in hun genen? Apartheid is voor honden nog niet voorbij.

Poopsy, Dixie en Pixie konden het direct met hun nieuwe buurman vinden, vanaf het eerste moment dat ze hem zagen. Kwispelend zagen de keffertjes hem met zijn koffers binnenkomen. Geen blaf, geen grom, de Hollander was meer dan welkom in de wijk waar vooral blanke Zuid-Afrikanen resideren. De vriendschap kan sinds die eerste dag niet meer stuk. Dagelijks komen ze, alledrie niet veel hoger dan de rand van hun voederbak, schooien om een stuk beschimmeld brood waarna ze in konvooi het pand weer verlaten.

Maar de gastvrijheid van Poopsy, Dixie en Pixie kent zijn grenzen. Toen de man van Telkom, de Zuid-Afrikaanse KPN, de telefoonlijn kwam installeren sloegen bij Poopsy de stoppen door. Grommend zette hij zijn tanden in de tralies, de bovenlip vervaarlijk opgetrokken. Dat had hij bij de Hollander nog nooit gedaan, maar de telefoonman was niet anders gewend. Hij stond erop dat de eigenaresse haar honden eerst veilig achter slot en grendel zette, alvorens hij zich in de wirwar van haar telefoondraden zou storten. De dag ervoor was hij nog gebeten door precies zo'n kleintje. Ook honden van een groter formaat hadden hem een aantal keren goed te grazen genomen.

Overal ter wereld hebben telefoonreparateurs, net als postbodes, problemen met honden. Maar dit is Zuid-Afrika, het land waar acht jaar na het einde van het apartheidsregime ras en kleur nog steeds voor een belangrijk deel bepalen op welke partij je stemt, waar je huis staat, welke taal je spreekt, wat voor een baan je krijgt, of wie je vrienden zijn. De vraag is dus legitiem of Poopsy misschien racistisch is, net zoals Dixie en Pixie die bepaald niet stil bleven toen de zwarte telefoonman verscheen? Of hebben ze geleerd iedereen met een andere huidskleur de stuipen op het lijf te jagen?

De eigenaresse ontkent dat laatste bij hoog en bij laag. Zonder blozen. Al laat ze zich zo nu en dan uit volgens typisch blank Zuid-Afrikaans sentiment ,,The country is going to the dogs.'' Dat zou betekenen dat racisme zich in de genen van de (Zuid-Afrikaanse) hond heeft genesteld.

,,Onzin'', zegt professor Odendaal die in Pretoria het gedrag van honden bestudeert. Volgens hem heeft de zwartenhaat van honden in blanke wijken zijn wortels in wat hij de ,,socialisatie-periode'' noemt. In de eerste drie tot zestien weken na de geboorte leert de puppy wat gewoon en ongewoon is. Honden die socialiseren in een omgeving van bril- en baardlozen, blanken met blonde haren, mensen zonder kinderen, voelen zich na die periode als vanzelf agressief tegen iedereen die niet aan die kenmerken voldoet. Vanaf die eerste vier maanden zijn ze dus brillenhaters, kinderhaters, zwartenhaters. ,,Of blankenhaters'', zegt Odendaal die geregeld in zwarte wijken honden tegenkomt die over de rooie gaan zogauw ze een blanke in zicht krijgen.

Maar daarmee heeft de professor het geval Poopsy nog niet verklaard. Zijn bazin vertelde vorige week trots hoe de teckel nog niet zolang geleden de oorspronkelijke eigenaar had verlaten en sindsdien de mand met Dixie en Pixie deelt. Poopsy was met deze verhuizing niet alleen van eigenaar gewisseld maar ook van kleur. De familie die hij achterliet, is zwart.

,,Aha'' roept professor Odendaal verrukt. ,,Een typisch geval van allomimetisme.'' Professorentaal voor honden die van elkaar leren. Poopsy heeft zijn zwartenhaat dus overgenomen van Dixie en Pixie, daarbij de lessen van zijn 'socialisatie-periode' vergetend.

Honden leren ook van mensen. Odendaal geeft toe dat er vooral tijdens de dagen van de apartheid in Zuid-Afrika veel zwartenhaat is aangeleerd bij honden. Vooral het platteland is er berucht om. Daar komt ook de 'boerbul' vandaan, een tachtig kilo zware kruising van een Dobberman, een Rottweiler en een bloedhond. Het beest schijnt zo gevaarlijk dat buitenlandse Pitbullclubs de afgelopen jaren hebben gepleit voor een verbod op het fokken van het beest. De boerbul is een creatie van het apartheidsregime, dat behalve racistische honden ook biologische en chemische wapenprogramma's ontwikkelde om de zwarte bevolking uit te roeien. In de jaren tachtig adverteerde de rechts-extremistische Herstigte Nasionale Party naar hartelust met de boerbul onder de slogan ,,racistische waakhonden speciaal gefokt voor Zuid-Afrikaanse omstandigheden''.

Waar je een hond racisme kunt aanleren, kun je het hem ook weer afleren. Professor Odendaal geeft cursussen waarbij puppies kunnen wennen aan `de ander'. Met of zonder bril, baard, kind, blanke of zwarte huidskleur. De cursus blijkt in post-apartheid Zuid-Afrika een gat in de markt. Geen progressieve Zuid-Afrikaan die tegenwoordig nog gezien wil worden met zijn hond briesend tegen het hek, bij elke zwarte die passeert. Na de baas is nu de hond aan de beurt om te integreren in het nieuwe Zuid-Afrika.