Sprookje

In reactie op `Woordenrijktentoonstelling', Battus' Taalkundig sprookje nr. 14 (W&O, 29 december).

De kloosters zijn niet alleen bekend vanwege hun bier, ook het deeg van de abt mag er zijn. Er is zelfs een plaats waar een hele wijk leeft van de productie van abtdeeg. Voor het drukwerk heeft men er een lino-pers aangeschaft, een litho-pers was te duur. Op een dag zag de werkster een vuiltje op één van de tuien zitten. `Guts!' zei ze, want ze linografeerde zelf ook wel eens, `die kan wel een wrijfje gebruiken!' En ze gaf een flinke:

abtdeegwijklinoperstuiwryf.

Dat bleef niet onopgemerkt door de plaatselijke letterskundige. Hij telde 18 treffers. Treffers, omdat hij dat treffender vond. Slechts 8 missers.