Samba met schuldgevoel

Correspondent Marjon van Royen leeft alleen in Rio en bericht eens in de twee weken over haar leven.

Teresa is groot en zwart met deinende heupen. Drie keer per week komt ze met die heupen doen wat ik nog steeds niet kan. Orde op zaken stellen. Zwierend gooit ze het bestek weer bij bestek, voorziet ze pannen van hun eigen deksels, en al die rondzwervende papiertroep gaat lekker op één hoop.

Teresa is 63 jaar en woont in de sloppenwijk naast me. Sinds haar zoon bij een drugsbende ging, is ze bekeerd. Ze gelooft in de `Universele kerk van het koninkrijk Gods'. Een enge protestante sekte die veel aanhang in de sloppenwijk heeft. Je mag niet roken en niet drinken en niet dansen en niet zingen. Wel moet je geld geven. Hoe meer, hoe eerder je in de hemel komt: de dure troost van het straks.

Teresa gelooft heilig in die hemel, en betaalt zich blauw. Toch komt haar Braziliaanse bloed soms in opstand. Ik doe het expres. Dan zet ik een mooie samba op terwijl ik aan de computer zit en zij aan de dweil. Swingend lappert ze door het huis. En als de muziek is afgelopen, zingt ze zelf. Dan betrap ik haar dansend met de bezem. Schuldig kijkt ze me dan aan. ,,Ah joh'', troost ik haar. ,,Wat je bij een gringa uitspookt, dat zíét God niet.''

Ze vertrouwt dat niet echt. Maar voor haar is die gringa wel een categorie apart. Die kan niet goed praten, en begrijpt vaak de meest simpele woorden niet. Ragebol, wasbakontstopper, stofzuigerzak. Snapt dat witte mens nu echt niet wat ik bedoel? Maar ja, zegt Teresa vergoelijkend: ,,Jíj kan niet praten, en ík kan niet lezen en schrijven.''

,,Dat blauw met rode'', draagt Teresa me soms op. Dan moet ik de nieuwe toiletreiniger kopen die ze op tv heeft gezien. ,,Maar niet díé blauw met rode'', zegt ze hoofdschuddend als ik met de verkeerde thuiskom. Ik begrijp haar niet, maar omgekeerd is het haar ook een raadsel wat ik toch de hele dag achter dat lichtgevende scherm doe.

Op een dag valt er weer een krant in de bus met een stukje van mij. Ik wijs Teresa de omtrek van mijn artikel aan. ,,Daar heb ik toen die hele dag aan gewerkt'', zeg ik. ,,Weet je nog?'' Teresa zet grote ogen op. Met haar duim en wijsvinger neemt ze de maat van de grijze vlek op. ,,Zó klein'', zegt ze verbaasd, en werpt een blik op de enorme vloer die ze net heeft gedweild. Teresa vergeeft me, maar ze wéét dat de verhoudingen op deze aarde onrechtvaardig zijn.