Hoenselaar voor het eerst naar finale Embassy

De Nederlandse Francis Hoenselaar speelt vanmiddag in de finale van de Embassy tegen Trina Gulliver. Daarmee krijgt het dartstoernooi in Frimley Green een finale tussen de twee beste vrouwen van de wereld.

Noodgedwongen betrad Francis Hoenselaar al vroeg in de avond de Lakeside Country Club. De 36-jarige dartster lijdt aan de Ziekte van Renaut, een verre verwant van reuma. Grote temperatuurverschillen stoppen de doorstroming in het uiteinde van de bloedvaten. In Frimley Green bedraagt de afstand van het spelershotel naar de speelzaal nog geen driehonderd meter, voor Hoenselaar voldoende om `dode vingers' te krijgen.

De weersomstandigheden in Engeland zijn zeer ongunstig voor de Nederlandse dartster: ,,Ik kan niet tegen kou en ook niet tegen vocht. Dat merk ik niet alleen aan mijn handen. Mijn knieën, voeten en benen hebben er ook last van. Daarom ben ik altijd ruim op tijd aanwezig als ik moet spelen. Wanneer het fout gaat, heb ik pijn. Eerst worden mijn vingers wit, vervolgens zwellen ze op en pas daarna stroomt het bloed terug. Het voelt alsof er allemaal kleine naalden in me worden geprikt.''

Hoenselaar begon in 1982 met darts. Al snel bleek dat ze talent had. Toch emigreerde ze drie jaar later naar Spanje. De warmte bracht haar ledematen rust: ,,Samen met mijn toenmalige vriend zijn we een bar-restaurant ten zuiden van Alicante gaan uitbaten. Driehonderd dagen per jaar zon. Dat deed me goed. Ter plaatse heb ik een dartscompetitie opgezet met Engelse vakantiegangers. Was erg leuk. Al die lallende Engelsen dachten dat ze me wel even van het bord zouden gooien. Niet dus.''

Na vijf jaar ver weg van huis vond Hoenselaar het genoeg. Heimwee naar Rotterdam dreef haar terug naar de Maas. In vertrouwde omgeving pakte ze haar sport weer serieus op. In 1993 bereikte Hoenselaar, bijgenaamd The Dutch Crown, de top drie van de wereldranglijst. Daar is ze sindsdien nooit meer uit weggeweest. Haar prijzenkast barst met 55 internationale en meer dan honderd nationale triomfen bijkans uit zijn voegen. Tussen 1995 en 1998 voerde Hoenselaar, die semi-prof is, de wereldranglijst aan. Totdat ze van haar troon werd gestoten door de Engelse Trina Gulliver. Uitgerekend vanmiddag haar tegenstander in de eindstrijd van de Embassy. Hoenselaar: ,,Trina is een fantastische meid. We kunnen het goed met elkaar vinden. Geregeld trainen we samen en op de internationale toernooien vormen we een koppel. Wie er favoriet is, kan ik echt niet zeggen. De stand in onze onderlinge duels is ongeveer gelijk.''

Hoenselaar begon gisteravond goed aan de halve eindstrijd tegen Sandra Greatbatch uit Wales. Tot aan de laatste leg leek er geen vuiltje aan de lucht. Maar op het moment dat Hoenselaar voor de wedstrijd mocht gooien, sloeg de verlamming toe. Ze miste de ene na de andere dubbel. Omdat haar tegenstandster ook niet uitgooide, kwam ze uiteindelijk met de schrik vrij. Nadat ze was bijgekomen, verklaarde ze: ,,Vorig jaar stond de damesvariant van de Embassy voor het eerst op de rol. Ik werd in de halve finale uitgeschakeld. Daar had niemand rekening mee gehouden, ik zeker niet. Daarom was ik enorm gebrand op een goed resultaat. Met het bereiken van de finale is er een last van me afgevallen. Ik ga morgen ontspannen het podium op. Lekker genieten van mijn eerste Embassy-finale. De enige kroon die ik nog nooit heb gepakt.''

Hoenselaar, regerend wereldkampioene, rekent vandaag op haar bijgeloof: ,,Greatbatch versloeg ik met een dubbel twee. Mijn trouwdatum is 22-02-2000. Mijn opa en oma waren allebei in februari, de tweede maand van het kalenderjaar, jarig. Twee is mijn lievelingsgetal.''

Dit jaar, 2002, is het jaar van de tweede Embassy voor dames, waar ze als tweede geplaatst is. Volgens Hoenselaar kan het eigenlijk niet meer mis.