Afghanistan

In zijn analyse van de oorlog in Afghanistan (NRC Handelsblad, 2 januari) trekt H.J.A. Hofland twee conclusies:

1. Europa is als militaire factor uit het zicht verdwenen. Hofland: ,,West-Europa is de claque waarvan de prestaties in Washington welwillend worden aanvaard; en zonder Europa plus claque gaat het ook.'' Mooi gezegd. Mee eens, ook. Maar wat had en heeft Europa überhaupt te zoeken in deze oorlog? Sinds 9 september heb ik althans nooit een bewijs gezien of gehoord, noch van Bin Laden c.s., noch van zijn gastheren, dat het gehele `vrije westen' verdoemd zou zijn. Maar dat gegeven doet het niet zo best in het vrije westen ik begrijp niet goed waarom. Interessante observatie: wie rond de jaarwisseling de euroforie ook buiten Europa heeft gevolgd, kan met mij beamen dat in het oosten de euro veelal warm is ontvangen, als alternatief voor die duivelse dollar.

2. Door de snelheid en doelmatigheid waarmee Amerika de tegenaanval heeft uitgevoerd, poneert Hofland, heeft het zijn onaantastbare superioriteit, en zijn moreel, bewezen. Is dat zo? Wat was dan feitelijk zo indrukwekkend aan al dat militair vernuft hoog uit de lucht tegen een tegenstander zonder afweermiddelen? Is Al-Qaeda een klap toegebracht? Wie weet. Ja, er zijn een handvol strijders, misschien honderden, duizenden, opgepakt, de Talibaan zijn weg. Maar hoe zit het dan met de rest van het netwerk? En hoezo heeft de supermacht bewezen zich in korte tijd te hebben vernieuwd? Nu, nog geen vier maanden later, is in Amerika veelal hetzelfde gebrek aan zelfkritiek en twijfel teruggekeerd als vóór 11 september. Niets aan de hand. Is dat superieur? Lijkt me niet. Voorlopig is één van de meer zinvolle resultaten van de strijd tegen het terrorisme, de `nieuwe oorlog', de arrestatie van de veronderstelde twintigste kaper. Een beetje mager, dat resultaat.