`Heleboel 11 septembers bij elkaar'

Tien jaar na de historische conferentie in Rio de Janeiro over duurzame ontwikkeling is nog weinig terecht gekomen van de plannen om de wereld gezonder te maken, zegt het gezaghebbende Worldwatch Institute.

Met enige jaloezie beschrijft het Worldwatch Institute in het zojuist verschenen rapport State of the World 2002 de reactie van de Verenigde Staten op de aanslagen van 11 september. Het gemak waarmee de regering-Bush binnen twee dagen 40 miljard dollar beschikbaar had voor terreurbestrijding, heeft menig milieubeschermer verbaasd.

Dagelijks sterven er mensen door droogte en vervuiling, maar geld om grote milieuproblemen te bestrijden is er nauwelijks. Dat komt volgens het Worldwatch Institute, een gerenommeerde, onafhankelijke instelling die onderzoek doet naar de gevolgen van economische en sociale ontwikkelingen op het milieu, onder meer doordat de gevolgen van het achteloos omspringen met de natuur in eerste instantie zichtbaar worden in ontwikkelingslanden. En die beschikken niet over financiële middelen om er iets aan te doen. Geïndustrialiseerde landen vinden steeds nieuwe, veelal dure technologische oplossingen om milieuproblemen dragelijk te houden. Het probleem zelf woekert intussen voort.

Maar ook als milieuschade in eigen land wel voelbaar wordt, grijpen regeringen van rijke landen niet onmiddellijk naar de portemonnee. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de manier waarop de Amerikanen omgaan met klimaatverandering als gevolg van de overdadige uitstoot van broeikasgassen – volgens het Worldwatch Institute het grootste en ingewikkeldste milieuprobleem van dit moment. Hoewel ook in dit geval in eerste instantie de armste landen worden getroffen – door droogte, ziektes, stijging van de zeespiegel – lijden de Verenigde Staten in toenemende mate ook zelf zware schade. Verzekeringsmaatschappijen beginnen dat te voelen. Ze krijgen te maken met meer schadeclaims door extreme weersomstandigheden. Zo was het aantal claims in 1998 hoger dan in de jaren tachtig als geheel.

Milieueconoom Robert Constanza becijferde in 1997 in een artikel in Nature dat ,,de diensten van de natuur'' (zoals de kracht van boomwortels om grondwater vast te houden en erosie te voorkomen, de bescherming die mangrovebossen bieden tegen overstromingen, het belang van koraalriffen voor de visstand) een waarde vertegenwoordigen van 33 biljoen dollar per jaar – dat is het dubbele van het jaarlijkse bruto nationaal product van de wereld.

Toch wordt er op wereldniveau nog weinig ondernomen tegen bedreigingen van die waardevolle natuur. Zo is de uitstoot van kooldioxide de laatste tien jaar in de VS toegenomen met ongeveer 18 procent. En de Amerikaanse regering is voorlopig niet van plan serieuze maatregelen te nemen; het Kyoto-protocol, volgens deskundigen een bescheiden begin van een aanpak, is door Bush uit economische motieven naar de prullenbak verwezen.

State of the World 2002 constateert dat tien jaar na de `Earth Summit', de historische wereldconferentie in Rio de Janeiro over duurzame ontwikkeling, nog maar weinig is bereikt. In het voorwoord van het rapport schrijft Kofi Annan, secretaris-generaal van de Verenigde Naties: ,,De politieke en mentale doorbraak van Rio bleek niet beslissend genoeg om een einde te maken aan business as usual''.

Het rapport van het Worldwatch Institute dient ter voorbereiding van de grote conferentie dit najaar in Johannesburg, waar de resultaten van Rio – samengevat in de zogeheten Agenda 21 – worden geëvalueerd. Net als de Agenda 21 (,,mensen vormen het uitgangspunt bij de zorg voor een duurzame ontwikkeling'') legt het Worldwatch-rapport een verband tussen milieuproblemen en sociale en economische ontwikkelingen. Hoe warmer het klimaat, hoe beter de malariamug gedijt. Algengroei door het broeikaseffect vereenvoudigt de verspreiding van cholera.

Milieuproblemen kunnen daarom alleen in samenhang met sociaal-economische ontwikkelingen worden aangepakt, aldus het Worldwatch Institute. Infectieziektes in ontwikkelingslanden worden nog veel te vaak alleen met medicatie te lijf gegaan. De oorzaak is echter meestal vervuild water en het gebrek aan riolering. Composteringstoiletten, die geen water vereisen, kunnen helpen ziektes te voorkomen. De daarmee geproduceerde compost zou in de landbouw kunstmest kunnen vervangen, waardoor water minder vervuild raakt.

Er sterven volgens het WorldWatch Institute dagelijks tussen de 14.000 en 30.000 mensen aan ziektes die worden veroorzaakt door vervuild water. ,,Dat zijn een heleboel 11 september tragedies bij elkaar, iedere dag, jaar in jaar uit, zonder aandacht van de media''. De wil om daaraan iets te doen ontbreekt aldus State of the World 2002. Al is de impact van een terroristische aanslag dramatischer, en springen de gevolgen van milieuschade minder direct in het oog ,,op lange termijn gaat het om een veel groter gevaar''.