`Echte' Kashmiri's gehinderd door terroristen

Niet alle guerrillabewegingen die strijden om Kashmir willen aansluiting bij Pakistan. Amanullah Khan van het JKLF strijdt voor een onafhankelijk Jammu en Kashmir.

Verzetsstrijders in Kashmir worden niet gedood, zij omarmen het martelaarschap. Aan de muur van het kantoortje van Amanullah Khan in Rawalpindi hangen vier foto's van zulke `martelaars'. Bebaarde `pioniers', jongemannen, die namens het Jammu Kashmir Liberation Front (JKLF) sneuvelden in de gewapende strijd in `Door India Bezet Jammu en Kashmir'. Die vrijheidsoorlog begon op 31 juli 1988 met twee bomaanslagen in de zomerhoofdstad, Srinagar. Oprichter en leider van het JKLF is Amanullah Khan.

,,Wij begonnen de gewapende strijd eerst met een stuk of vier, vijf man, toen met honderden en later met duizenden'', zegt de 67-jarige voorzitter. De reden om naar de wapens te grijpen: ,,Veertig jaar lang hadden we geprobeerd met vreedzame middelen te bereiken dat de plechtige beloftes ten aanzien van Kashmir (een vrije volksstemming over de toekomst) zouden worden gehonoreerd. Maar niemand luisterde.''

Aan de muur hangt, naast een borduurwerk met de tekst `I love Kashmir' en `Our destination independent Kashmir', ook een kaart waarop het beoogde land is te zien. Het omvat alle gebieden die voor de deling van het Indiase subcontinent in 1947 tot het autonome vorstendom Jammu en Kashmir behoorden, inclusief het semi-autonome Azad (`Vrij') Kashmir, Gilgit-Baltistan én een verloren strook onbevolkt land in Chinese handen.

Hoewel het JKLF in de diaspora is ontsproten – de organisatie in haar huidige gedaante werd in 1977 in Birmingham opgericht valt zijn strijd onder de noemer van `inheemse bevrijdingsbeweging' in Jammu en Kashmir. Pakistan zegt dat het die bevrijdingsbeweging moreel ondersteunt, maar niet met wapens. Toch heeft Pakistan weinig op met het JKLF, want zijn kaart is verkeerd ingekleurd. Het JKLF kiest niet alleen tegen India, maar ook tegen Pakistan. Het wil volledige onafhankelijkheid. Om die reden werden afgelopen zomer bij de verkiezingen in Azad Kashmir kandidaten van het JKLF geweerd. Aanhangers, onder wie Amanullah Khan, verdwenen voor enkele dagen preventief in de gevangenis.

Er is nog een belangrijk onderscheid tussen het JKLF en de meeste strijdgroepen in Kashmir. Inheemse groeperingen als Hizb-ul-Mujahedeen en buitenlandse strijdgroepen als Jaish-e Mohammad, Lashkar-e-Taiba en Harkat-ul Mujahedeen vechten voor een streng-islamitische staat. Het JKLF niet. ,,Wij strijden voor een onafhankelijke federatieve staat die democratisch is en seculier. Ongeveer 25 procent van de bevolking (in totaal zo'n veertien miljoen mensen) is geen moslim. Wat heeft het voor zin hen ons geloof op te dringen?''

De buitenlandse strijdgroepen bestaan uit vooral uit Pakistaanse, Afghaanse en Arabische mujahedeen die na de verdrijving van de sovjettroepen uit Afghanistan (in 1989) hun heilige oorlog verplaatsten naar Kashmir. Nadat het JKLF zijn gewapende strijd was begonnen, kregen deze buitenlandse strijdgroepen al snel de overhand. ,,Als Pakistan zegt dat het die groepen niet heeft gesteund, moeten we dat maar geloven'', zegt Khan. ,,Jaish en Lashkar hebben de afgelopen jaren getoond dat ze zich niet laten dicteren door Pakistan. Maar ze beschikken over veel geld en ze opereren vanuit Pakistan. Ze trekken de bestandslijn over in Azad Kashmir. In die zin zijn ze afhankelijk van Pakistan.''

De opkomst van die strijdgroepen heeft de zaak van de Kashmiri schade berokkend, meent Khan. Ze hebben India een wapen in handen gegeven om de vrijheidsbeweging in haar totaliteit als `terroristisch' te brandmerken. ,,Niemand noemde ons `terroristen' voordat de buitenlandse groepen op het toneel verschenen'', zegt de JKLF-leider. Hij is er dan ook allerminst rouwig om dat de Pakistaanse president Pervez Musharraf extremisten heeft laten oppakken, kantoren van jihad-organisaties heeft gesloten, banktegoeden bevroren en wervingsactiviteiten verboden. ,,Wij hebben daar twee jaar geleden al om gevraagd.''

De `militaire' operaties van het JKLF zelf staan de afgelopen jaren op een laag pitje. Die zijn momenteel ,,zo goed als verwaarloosbaar'', zegt Khan. ,,Ik heb nooit geloofd dat je met wapens alleen de vrijheid kunt bevechten op India. We wilden de aandacht van de wereld op de kwestie-Kashmir vestigen.'' Nu concentreert de organisatie zich weer op de twee andere fronten: als politieke partij en als pleitbezorger voor Kashmir in de internationale arena.

Ook al lijkt de strijd vooralsnog uitzichtloos, Khan blijft volharden. ,,In Kashmir zijn 80.000 mensen om het leven gebracht, en niemand bekommert er zich echt om. In New York worden 3.000 mensen gedood en de hele wereld staat op zijn kop. De Amerikanen nemen wraak door in Afghanistan het dubbele aantal slachtoffers te maken, van wie negentig procent onschuldige burgers. De wet van de jungle regeert'', stelt hij vast.

Dan breekt hij het gesprek af. Hij moet een persconferentie voorbereiden over een opsporingsverzoek dat Interpol op vraag van India heeft uitgevaardigd tegen hem. Al eerder, in 1993, zat hij weken vast in België, maar dat land leverde hem niet uit aan India. ,,Ik zie nog geen licht aan het eind van de tunnel, maar ik blijf geloven in een soort natuurlijke rechtvaardigheid'', besluit Khan. ,,Misschien over een maand, misschien over twintig jaar, maar de onafhankelijkheid komt er.''