André de V. mag worden vervolgd

André de V, de 34-jarige Enschedeër die van brandstichting bij het vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks wordt verdacht, mag door justitie vervolgd worden. Dat heeft de Almelose rechtbank gisteren bepaald. De verdediging van De V. vindt dat justitie het recht op vervolging heeft verspeeld omdat er undercoveragenten waren ingezet, nadat De V. was aangehouden.

De inzet van undercoveragenten is volgens advocaat A. Moszkowicz te vergelijken met een verhoor waarbij De V. door de agenten niet is gewezen op zijn recht om te zwijgen. Hiermee is volgens Moszkowicz een van de grondbeginselen van het strafrecht geschonden. De V. heeft volgens justitie in het huis van bewaring in Maastricht tegen een van de undercoveragenten een bekentenis afgelegd.

De Almelose rechtbank is echter van mening dat de Wet Bijzondere Opsporingsbevoegdheden de mogelijkheid biedt om politie-informanten in een huis van bewaring in te zetten. Van een verhoor was volgens de rechtbank geen sprake. De V. kon in alle vrijheid praten, net zoals hij dat eerder in het Almelose huis van bewaring had gedaan. Ook in het Almelose huis van bewaring heeft De V. volgens justitie tegenover medegedetineerden de brandstichting bij S.E. Fireworks bekend.

De rechtszaak tegen De V. wordt op 13 februari voortgezet met een verhoor van een deskundige van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Het NFI heeft onderzoek gedaan naar de herkomst van vuurwerksporen op een sportbroek van De V. De inhoudelijke behandeling van de strafzaak is op 26, 27 en 28 maart.