Paraplubeheersing

Het regent veel in Tokio en daarom heeft elke openbare gelegenheid een paraplustandaard waarin je je paraplu kunt parkeren, kompleet met sleutel. Wil je je paraplu mee naar binnen nemen, dan is er voor dat doel doorgaans een ingenieus instrument beschikbaar: een koker waar je de paraplu insteekt en hem keurig verpakt in een plastic hoesje weer uithaalt. Zo wordt de binnenboel niet nat.

Ik gebruik echter op de eerste dag van het congres dat ik bijwoon mijn opvouwparaplu van Nederlandse makelij om droog hier te komen en neem niet de moeite dit inpakritueel uit te voeren. Ik klap mijn paraplu eenvoudig in en loop druipend langs de beeldschone, buigende gastvrouw van het hotel, een ware parel van Nippon met een stem als een zilveren belletje.

Ze is echter niet alleen decoratief, maar heeft ook daadkracht, want ze spurt achter me aan, ziet dat mijn paraplu niet in de inpakmachine past en haalt een plastic slang uit eigen voorraad. Met grote handigheid en voortvarendheid begint ze mijn paraplu in haar plastic hoes in te pakken.

Dat valt echter niet mee, want mijn paraplu is in opgevouwen toestand weliswaar veel korter, maar ook dikker dan de doorsnee Japanse paraplu. Hier ligt een maatprobleem. Toch is ze in een oogwenk klaar, de paraplu heeft nu een gespannen huidje van plastic gekregen dat ze er met haar nijvere vingers vaardig omheen heeft gestroopt. Tevreden bekijken we beiden het resultaat.

Plotseling krijgt ze een kleur terwijl ze me in een mengeling van tevredenheid en gêne aankijkt. We barsten allebei in schaterlachen uit. Daarbij houdt ze zedig haar hand voor haar mond, maar haar plezier, en het mijne, is er niet minder om.