Saoediërs hebben geen berouw over sloop Ottomaans fort

De Saoedische regering heeft Turkse protesten tegen de sloop van een uit de 18de eeuw daterend Ottomaans fort in de Saoedische stad Mekka van de hand gewezen. ,,Het is geen heilige plaats'', zo citeerde de krant Okaz vanochtend een functionaris van het ministerie van Buitenlandse Zaken, ,,en de protesten van Turkije zijn een poging zijn interne problemen te exporteren''.

De Turkse regering stelde gisteren de Saoedische actie aan de kaak, waarbij de minister van Cultuur een vergelijking trok met het optreden van de Talibaan tegen de boeddhabeelden in Afghanistan. Op de plaats van het fort, dat uitkijkt over de Grote Moskee van Mekka, komt een complex van elf hoge gebouwen te staan, voor 942 appartementen en een vijfsterrenhotel met 1.200 kamers.

De internationale organisatie Erfgoed zonder Grenzen reageerde gisteren ,,ontsteld maar niet verbaasd'' op de sloop van het Al-Ajyad fort. Volgens Said Zulfikar, de Egyptische secretaris-generaal van Erfgoed zonder Grenzen en eerder directeur Erfgoed bij de VN-organisatie UNESCO, zit er aan Saoedische zijde geen enkele bijgedachte tegen de Turken bij – ,,alleen geld verdienen telt''.

Zulfikar weet dergelijk optreden aan het wahabisme, de zeer strikte sekte van de islam die in Saoedi-Arabië aan de macht is. ,,Er is bijna niets meer overgebleven van het erfgoed van de Saoediërs. We moeten niet vergeten dat de sekte van de wahabieten uit beeldenstormers bestaat. Zij hechten niet aan de materie en hebben geen enkel gevoel voor de esthetische waarde.'' Kunstwerken in de paleizen van de Saoedische prinsen ,,zijn alleen als investering aangeschaft''. ,,Nadat de bedoeïenen van Ibn Saud in 1924 Mekka en Medina hadden ingenomen, hebben ze bijna alle historische monumenten verwoest, waaronder zo'n 500 mausoleums van de metgezellen van de profeet Mohammed, daterend uit de 7de eeuw'', aldus Zulfikar. Toen hij in 1976 Saoedi-Arabië bezocht om de leiders opmerkzaam te maken op het belang van de historische wijken van Mekka en Medina, ,,hebben ze me in mijn gezicht uitgelachen''.