Pakistaanse christen solidair met moslims

Een christelijke Pakistaanse politicus protesteert op zijn eigen manier, gevangen in een kooi, tegen de Amerikaanse aanvallen in Afghanistan en tegen de Indiase dreiging.

De 53-jarige Pakistaanse ex-minister en ex-parlementariër Julius Salik zit al meer dan vijftig dagen opgesloten. Niet in een gevangenis, maar in een ijzeren kooi die op de laadbak van een vrachtwagen voor zijn huis in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad is getakeld.

In een kleine afgesloten ruimte bevindt zich een toilet, op de vloer ligt een matras waarop hij slaapt, een telefoon is onder handbereik, evenals de bijbel, en om de koude te verdrijven heeft hij een straalkacheltje meegenomen. Eten en drinken krijgt hij door de tralies aangereikt door medewerkers en familieleden.

Over bezoek heeft hij niet te klagen: christelijke buurtbewoners hebben samen met hem kerst gevierd – op een podium naast de kooi stond een plastic kerstboom met flikkerende lichtjes – maar ook een lange stoet islamitische functionarissen en bewonderaars is al langs geweest om adhesie te betuigen.

Salik begon zijn actie in november bij het begin van de ramadan, de islamitische vastenmaand, uit protest tegen de aanhoudende Amerikaanse bombardementen in Afghanistan. De Amerikaanse president George W. Bush, zo fulmineert hij door de tralies, had nooit het woord `kruistocht' in de mond mogen nemen toen hij daags na 11 september de strijd tegen terrorisme aankondigde. Daarmee wekte hij de indruk van een strijd tussen christenen en moslims en dreef hij een kloof tussen beide geloofsgroepen.

,,De kloof gaapt niet tussen christenen en moslims. Het is de Amerikaanse arrogantie versus de Pakistaanse cultuur en die in andere landen, legt hij uit. ,,Ik ben een christen en een Pakistaan. Ik voel mij verwant met mijn islamitische landgenoten en niet met de zogenaamde christenen in de Verenigde Staten die de ware betekenis van het geloof uit het oog zijn verloren. Ik ben solidair met mijn islamitische landgenoten. Wij omarmen dezelfde cultuur en voor die cultuur kom ik op.''

Na het einde van de ramadan besloot hij door te gaan wegens de agressieve opstelling van India tegen Pakistan. ,,Ik kom op voor vrede, vrede, vrede. Ik ben tegen wapengekletter. Zij die de wapens hanteren, zijn terroristen.''

De felle, maar ook goedlachse Salik weet hoe hij aandacht kan trekken velen in Pakistan kennen hem en praten in lovende bewoordingen over hem.

Salik werd vijf maal (als onafhankelijk lid) in het parlement gekozen namens de (aparte) christelijke kiesgroep in Pakistan. Tussen 1994 en 1996 was hij de eerste christelijke minister (voor Welvaart) in een federale regering (van Benazir Bhutto). Toen hij 1996 aftrad, laadde hij zijn hele hebben en houden, plus een collectie van driehonderd schilderijen van winnaars van de Nobelprijs voor de Vrede, op de ruggen van zeven kamelen. Daarmee wilde Salik aan iedereen laten zien dat hij zich niet had verrijkt tijdens zijn ministerschap.

Met zijn stoet kamelen trok Salik van het parlementsgebouw in Islamabad naar de graftombe van de in 1938 overleden maar nog steeds invloedrijke dichter Mohammed Iqbal, die de moslims op het Indiase subcontinent een eigen islamitische identiteit gaf.

,,Ik geloof in de filosofie van Iqbal. Hij gebruikte altijd de havik als symbool en dat doe ik ook'', zegt Salik. ,,De havik is geen aaseter, maar jaagt op levende prooien. Dat betekent dat je niet uit handen van het IMF of de Wereldbank moet eten. De havik vliegt snel, met opgeheven kop, recht op zijn doel af. Dat doet hij omdat hij niet corrupt is en niet gehecht is aan materieel bezit. Hij heeft zelfrespect. Dat is ook de filosofie die de bijbel uitdraagt.''

Slechts één keer tijdens zijn zelfgekozen gevangenschap onder het bewind van onder andere Zia ul-Haq verbleef hij een aantal keren in gedwongen gevangenschap verliet Salik de afgelopen maand Islamabad. In zijn kooi bezocht hij onder meer Sialkot, de geboorteplaats van Iqbal.

Maar toen de Pakistaanse president, generaal Pervez Musharraf, hem onlangs uitnodigde om met andere politieke leiders de huidige situatie in Pakistan te bespreken, liet hij zich verontschuldigen. ,,U bent ervan op de hoogte dat ik met mijn vrijwillige opsluiting mijn solidariteit betuig met mijn moslimbroeders die te lijden hebben van de ergste gruweldaden in Afghanistan, Kashmir, Palestina en elders. Daarom kan ik niet aanwezig zijn'', antwoordde hij in een telegram. Als teken van boetedoening smeerde Salik as op zijn gezicht en trok een juten kleed aan.

In een stortvloed van woorden, af en toe onderbroken door een bulderende lach vanachter zijn zwarte baard, ontvouwt Salik zijn opvattingen over zaken als geloof, hoop en liefde, over de noodzaak van wederzijds respect, mededogen en persoonlijke bescheidenheid.

,,Ik kan dagen achtereen praten, zegt hij. ,,In 1996, toen ik nog minister was, heb ik in het cricketstadion in Lahore eens een toespraak gehouden van vijf uur 's middags tot acht uur de volgende ochtend. Er luisterden 30.000 mensen en iedereen bleef wakker.'' De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat tijdens die marathonsessie ook een loterij werd gehouden, waarbij de minister 2.000 fietsen en tien bromfietsen mocht uitdelen namens de staat.