Bak thee

Een vrouwelijke chauffeur reed de bus naar L. Ze was een twintiger, geblondeerd, zonder make-up en vrolijk. Vrolijke mensen zie je niet zo vaak, zeker niet in dienstverlenende beroepen, maar zij was er een. We stonden voor het vertrek een minuut of vijf op het stationsplein. De chauffeuse nam eerst omstandig afscheid van een collega die een stukje had meegereden. ,,Nou Ali, ik vond het reuze gezellig, doe de groeten aan je vrouw en je kindjes.'' Ali glunderend af.

De chauffeuse keek door haar voorruit naar het plein, waar zich een groepje collega's verzameld had. We mochten nog niet weg, er moesten enkele saaie minuten gedood worden. Dat duurt een vrolijk mens al gauw te lang. Ze kroop achter haar stuur vandaan en sprong joelend tussen de collega's. Er werden kneepjes en stompjes uitgewisseld, handen gleden vlug langs het vrouwelijke middel, alles in het nette, de busmaatschappij hoeft zich geen zorgen te maken.

De chauffeuse stortte zich nog even in de bus van een collega, sprong er door de zijdeur weer uit en kwam toen briesend van levenslust naar ons terug. We konden vertrekken. Het beloofde een schoolreisje te worden met een juffrouw die gisteren verliefd was geworden.

Maar niet iedereen was ontvankelijk voor haar stemming. Een donkere man van Indiase afkomst kwam meteen na het vertrek achter haar staan. Hij stak in moeizaam Nederlands een ondoorgrondelijk verhaal af, waarin alleen de woorden `een bak thee' af en toe oplichtten.

,,Nu moet u het nog eens uitleggen'', zei de chauffeuse, terwijl ze ons door de straten van het stadje slingerde. ,,U bent iets kwijt. Maar wat?''

,,Een bak thee'', zei de Indiër.

,,Wat is nou een bak thee?''

,,Een bak thee.''

Daar zat iets in, maar het bleef een raadselachtige aanduiding. De chauffeuse sloeg piekerend rechts af. ,,Bedoelt u soms een doos met pakjes thee?'' probeerde ze.

,,Ja!'' straalde de man. ,,Een bak thee in de bus.''

Ze begreep het nu helemaal. ,,En in welke bus bent u dat kwijtgeraakt?''

Ze bleven een minuut of vijf in gesprek over zijn bak thee. Dat ze straks in het chauffeursverblijf zou kijken naar zijn bak, dat ze hem zou bellen als ze iets gevonden had, maar dat hij nergens op moest rekenen en dat de kans groot was dat zijn bak al naar het hoofdkwartier in A. was gegaan, en in dat geval moest hij zelf informeren. De Indiër ging tevreden zitten.

Even verderop stapte een bejaarde man bij een verpleeghuis in. ,,Meneer, heb ik u vandaag al niet eerder gezien?'' vroeg de chauffeuse. De man knikte. ,,Ja'', zei hij zacht, ,,het bezoekuur is jammer genoeg weer voorbij.''

Pas toen we verder reden, merkte ik dat er een mannelijke bijrijder achter de chauffeuse zat die haar moest coachen. Ze was nog in de leerfase. Ik voelde een lichte teleurstelling. Zou ook haar dienstbetoon over een poosje zijn uitgehold door de eeuwige druppels van routine en frustratie, zoals bij veel van haar collega's? Of hadden we hier te maken met een van die zeldzame mensen die vrolijk blijven? Nou ja, ze had er in ieder geval het talent voor, en dat was al heel wat.