Politieke basis ontvalt JSF

De PvdA wil voor de verkiezingen geen besluit nemen over deelname aan de Joint Strike Fighter. Het rechtse deel van de Kamer is sterk voor. Maar welke keuze ook wordt gemaakt, iedere uitkomst brengt financiële onzekerheden mee.

Aan de bonte lijst van onderwerpen die het kabinet-Kok II voor zijn opvolgers laat liggen (de WAO, het ziektekostenstelsel, de frequentieveiling en nog zo wat) dreigt een nieuw onderwerp te worden toegevoegd: Nederlandse deelname aan de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter (JSF), het Amerikaanse gevechtsvliegtuig dat de opvolger moet worden van de ook bij de Nederlandse luchtmacht gangbare F-16.

Zeker, achter de schermen zetten twee VVD-bewindspersonen, minister Jorritsma (Economische Zaken) en staatssecretaris Van Hoof (Defensie) dezer dagen alles op alles om, op de valreep van Kok II, alsnog de Nederlandse industrie te betrekken bij de JSF: 800 miljoen dollar Nederlandse overheidsinvestering is daarvoor nodig, die tot tien miljard dollar aan orders voor Nederlandse bedrijven zou moeten leiden.

Maar de politieke basis lijkt onder een dergelijk besluit bij voorbaat uitgetrokken, nu de twee andere regeringspartijen twijfels hebben: de PvdA meent dat de tijd voor de verkiezingen in mei te kort is om nog een verantwoorde besluitvorming in de Kamer te komen. D66 vindt dat onzin, maar twijfelt over de wijsheid van een keuze voor de JSF boven concurrenten als de Franse Rafale en de Duits-Britse Eurofighter.

Want het merkwaardige aan de beslissing om aan de ontwikkeling van de JSF deel te nemen, is dat daarmee in feite ook al gekozen wordt voor de aanschaf door Nederland van de JSF. Wie nu meedoet, krijgt namelijk bij de aankoop te zijner tijd korting. De economische beslissing van nu werkt daarmee sterk prejudiciërend op een militaire beslissing die op z'n vroegst in 2007 genomen moet worden.

In de Kamer zijn de rechtse partijen geporteerd voor een positieve beslissing over de JSF nu: de VVD, het CDA en de ChristenUnie. De argumenten zijn van verschillende aard: het streven de Nederlandse luchtvaartindustrie (Stork) en een aantal sterk gespecialiseerde bedrijven (met name in hoogwaardige elektronica) in de vaart der volkeren te houden, en – de ChristenUnie is hierin het meest uitgesproken – de samenwerking met de Amerikanen op defensiegebied centraal te laten staan.

Maar de aarzelaars hebben niet minder krachtige argumenten. ,,Sinds 11 september bestaat er veel onduidelijkheid over waar het heen moet met de defensie, en wat voor een toestel we straks nodig hebben'', merkt Harrewijn (GroenLinks) op. ,,En dan zou het parlement zich nu even bij zo'n beslissing in het verdomhoekje moeten laten plaatsen?''

Zulke aarzelingen bestaan dus ook binnen de coalitie, bij PvdA en D66, en naar wordt aangenomen ook binnen het kabinet. Zelfs VVD-minister Zalm (Financiën) heeft zich tot nu toe weinig enthousiast betuigd over de kostbare plannen. Door Zalms veto in november jongstleden, eerder door de regering voorgesteld als het definitieve moment voor een beslissing in dezen, is deze tot later deze maand uitgesteld.

Zalm vond de plannen van Jorritsma te duur en dus moesten de beide direct betrokken bewindslieden het huiswerk overdoen: van Hoof heeft in december in Washington aantrekkelijker voorwaarden bij de Amerikanen bedongen; Jorritsma's ministerie probeert dezer dagen de betrokken Nederlandse bedrijven te bewegen tot het nemen van groter financieel risico, en minder afwentelen op de staat.

Wat van dit alles ook de uitkomst moge zijn, elke uitkomst brengt onzekerheden voor de financiële toekomst met zich mee. Want de JSF bestaat nog niet, laat staan dat duidelijk is wat de totale ontwikkelingskosten bedragen en te zijner tijd de aanschafprijs zal zijn.

Ook het heilzaam economisch effect in Nederland is omstreden: het Centraal Planbureau concludeerde in een rapport dat Nederlandse deelname aan de JSF weliswaar duizend mensen aan het werk houdt, maar dat het hoogwaardige personeel in kwestie toch wel aan de slag zal blijven, ook zonder honderden miljoenen overheidsinvesteringen.

Oppositiepartij CDA laakt, bij monde van defensiewoordvoerder Van Ardenne, de `stroperigheid' van de paarse besluitvorming over wat wel op voorhand `de defensie-order' van de eeuw wordt genoemd. Het lijkt inderdaad niet onmogelijk dat meer dan drie jaar voorbereiding en onderhandelen later deze maand in het kabinet zullen leiden tot de beslissing niets te doen en te zijner tijd straaljagers `van de plank' te kopen. Bronnen op Defensie laten deze mogelijkheid nadrukkelijk open.

Dat het rechtse deel van de Kamer vóór de JSF Is, is in dit verband niet écht van belang: gezien de omvang van de investeringen en de vele onzekerheden, streeft de politiek naar breed politiek draagvlak.

Overigens biedt de veelgeroemde toenemende Europese samenwerking op defensiegebied de Nederlandse regering op dit moment van twijfel geen enkel soelaas. Weliswaar houden de Europese bondgenoten lijstjes bij van hun militaire transportcapaciteiten in de lucht, in verband met mogelijke gezamenlijke vredesacties. Maar wat de gevechtsvliegtuigen betreft is het in Europa ieder voor zich – dat wil zeggen ieder voor het toestel waarin de eigen overheid geïnvesteerd heeft.