De rivier waar Oranje won

De slag aan de Boyne wordt in Noord-Ierland nog ieder jaar herdacht. Maar het slagveld bevindt zich in de Ierse Republiek.

De rivier, enkele tientallen kilometers van zijn monding in de Ierse Zee, stelt als waterweg niet veel voor. Reigers vissen aan de oever, vogels zingen in de overhangende takken – het is lieflijk, maar allerminst vervaarlijk. Toch is dit de plek, even ten westen van de oude vestingstad Drogheda, die naam geeft aan een ritueel dat in de Republiek Ierland niets betekent, maar dat in het Britse Noord-Ierland elke zomer weer mensen tegen elkaar opzet. De rivier heet de Boyne en een veldslag hier, ruim 300 jaar geleden, duurt in de arbeiderswijken van Belfast en Londonderry en bovenal bij de kerk van Drumcree, tot op de dag van vandaag voort.

De Battle of the Boyne (1690) was een treffen tussen de legers van King James II, een Stuart, en diens Nederlandse schoonzoon, King William, een Oranje en onze stadhouder Willem III.

James, een katholiek, probeerde via de verovering van Ierland weer vaste voet in Engeland te krijgen. Willem van Oranje, een protestant, was door het Engelse parlement te hulp geroepen om dat te verhinderen. De beide koningen en hun legers troffen elkaar bij de Boyne: Willem en de zijnen (Nederlanders, Denen en ,,Inniskillings'', vervaarlijke soldaten uit het regiment van Enniskillen) gelegerd op de hogere noordoever, James en zijn troepen (vooral Ieren en van Lodewijk XIV geleende Fransen) op de zuidoever. In een dag was het bekeken: Williams troepen maakten een schijnbeweging, waardoor de Jacobieten zich lieten afleiden, de Oranjekoning leidde zijn troepen bij laag water de rivier over (en moest door een Inniskilling met paard en al uit de modder getrokken worden) en zo groot was zijn overmacht dat – aldus de versie van een officier-ooggetuige – ,,de Ieren renden als schapen''. James sloeg op de vlucht, gedekt door de Fransen, en William had gewonnen. De uitkomst bepaalde de toekomst van Ierland en die van de Engelse troon. Maar bovenal was de slag bepalend voor het machtsevenwicht in Europa: de expansiedrift van Frankrijk was hier een halt toegeroepen.

Niet dat de leden van de Orange Order, die elke twaalfde juli weer in vol ornaat op straat de overwinning van de protestantse traditie vieren, dit allemaal weten. Niet alleen hebben ze de datum van de slag fout (het was, omgerekend naar de oude kalender, de elfde juli) maar de meesten van hen weten nauwelijks waar de Boyne ligt. ,,King Billy'' prijkt op hun T-shirts, hun vaandels en zelfs hun baby-slabbetjes , een held op een wit paard die de papen veilig buiten hun deur heeft gehouden.

Slagveld-toerisme is in België en Noord-Frankrijk een bloeiende industrie. Aan de Boyne maakt het een primitief begin. Eén uitkijkpunt op de plek waar King William de rivier doorwaadde, een enkel bordje (,,King William's Glen'') en een houten keet waar een tiental bevlogenen uit de omgeving twee vliegen in één klap probeert te slaan. En het Boyne-battlefield-toerisme aanwakkeren én tegelijkertijd langdurig werklozen aan de slag krijgen bij de aanleg van de directe omgeving. Maar juist die liefhebbersaanpak maakt dit zo'n leuk uitstapje, zelfs al heb je je nooit eerder voor militaire strategie geïnteresseerd: waar anders vind je een persoonlijke gids voor zo'n enthousiaste uiteenzetting, die vaker wel dan niet eindigt achter een Guinness in de pub?

De Ierse overheid laat de Boyne-enthousiasten niet helemaal in de steek. Europees geld betaalde de keet en het uitkijkpunt en Dublin heeft onlangs 200 hectare Boyne-slagveld aan de zuidkant van de rivier (James' kant) aangekocht om ervoor te zorgen dat het terrein intact blijft. Het is een minidividend van het voortsukkelende vredesproces in Noord-Ierland. In het Goede Vrijdag-akkoord verplichtte Dublin zich om in de Republiek die plaatsen te beschermen en onderhouden, die belangrijk zijn voor de protestantse traditie op het eiland Ierland. Niet zo'n gekke clausule als je bedenkt dat het leger van de Ierse vrijstaat in de jaren twintig het monumentje voor King Billy op een rots aan de rivier (obelisk rock) van harte aan flarden heeft geschoten.

Diezelfde politieke dooi in het noorden maakt dat er nu voor het eerst ook Oranje-mannen voet op deze heilige grond durven te zetten. Ze komen in bussen, met andere leden van hun Orange Order, op afspraak vooraf. En de enige conditie die door de zuiderburen aan die komst wordt verbonden – je hoeft lokale onverschilligheid tenslotte niet op te stoken tot verontwaardiging – is: ,,Geen triomfantelijk vertoon!''

Barry Flood, een van de drijvende krachten achter het Battle of the Boyne-project, weet heel goed hoe eng dit soort bezoekers uit het noorden een uitstapje naar het land van de paapse Kelten vindt. Hij beschrijft hoe ze, aangekomen op het uitzichtspunt aan de noordkant van de rivier, King Billy's positie, bijna fluisterend aan hem vragen ,,if it is allright to show the colours?'' Omdat op dit punt alleen koeien uit het aanliggende weiland toekijken, mag het. En dus poseren de bezoekers, een voor een, rivier op de achtergrond, met de volle versierselen van hun Orange Order voor de camera. Een Oranjeman aan de Boyne: mooiere opname voor op het dressoir thuis is niet te bedenken.

,,En zelfs dan'', zegt Flood, ,,gaan we met zijn allen naar de pub en menig avond is zo geëindigd: zij doen hun Ulster-Scots-liedjes en wij maken Ierse muziek en opeens blijkt er ruimte voor beide tradities.''

KRUISEN

Het Battle of the Boyne-slagveld ligt 4 km ten westen van Drogheda (drie kwartier ten noorden van

Dublin, langs de N1 naar Belfast). Obelisk Centre: dagelijks geopend van Pasen tot eind september en op verzoek (419838514 of 419843114).

Te combineren met in de onmiddellijke omgeving: Mellifont Abbey (resten van Cisterciënser-klooster uit 1142), Monasterboice (gesticht door Sint Bute in de 6de eeuw, drie prachtige Keltische kruisen en een vroeg-middeleeuwse round tower) en Newgrange, een van de oudste graven ter wereld en een UNESCO heritage site.

Accommodatie: vrijwel om het andere huis een B&B, maar aanbevolen wegens de variatie van zijn cooked breakfast: Castlegaddery B&B, Drogheda.