Bush hervat politieke strijd met Democraten

In Amerika is weer een verkiezingsjaar aangebroken. Verdwenen is de sfeer van eenheid die de Amerikaanse politiek sinds 11 september regeerde.

Amper twee uur terug van zijn kerstvakantie overzag de Amerikaanse president Bush gisteren het Washingtonse politieke slagveld en verklaarde hij dat hij maanden geleden had gezegd dat alleen een oorlog, een nationale veiligheidscrisis en een recessie terugkeer naar begrotingstekorten rechtvaardigden. Hij constateerde nu: ,,We bevinden ons nog in alle drie.''

Meest pikant was de aanwezigheid van de man die zwijgend tegenover de president zat: Alan Greenspan. De voorman van de Federal Reserve Board (de Fed, het Amerikaanse stelsel van centrale banken) was tijdens de Clinton-jaren de apostel van het terugdringen van de door Reagan, Bush sr. en achtereenvolgende Congressen opgebouwde reuzentekorten. Greenspan overtuigde Clinton. Die zette er zijn politieke leven voor op het spel, en stelde zich aan het hoofd van een ongehoorde expansie van de Amerikaanse economie.

Vorig voorjaar was het dezelfde opperheilige van de Amerikaanse staathuishoudkunde die zijn zegen gaf aan de door Bush jr. in zijn verkiezingscampagne vurig bepleite belastingverlagingen. Zijn argument was technisch, maar de gevolgen waren uiterst politiek. Eenmaal president kon George W. Bush dankzij het goedkeuringsstempel van de Fed voldoende conservatieve Democraten meekrijgen om in enkele maanden een uitgebreid pakket belastingverlagingen door het Congres te loodsen.

Tijdens de verkiezingen zei Bush dat de federale overschotten geld van alle Amerikanen waren. Hij wilde de kiezers hun hard verdiende geld alleen maar teruggeven.

Sindsdien is de argumentatie gedraaid. Met het verslechteren van het economisch klimaat verschoof de nadruk naar stimulering. Doel en vorm bleven grotendeels hetzelfde: aanzienlijke belastingverlagingen voor vermogende particulieren en bedrijven.

Sprekend over de noodzaak om in deze tijden van gevaar boven partijdig gekibbel te staan, pleitte Bush tijdens tussenstops op zijn terugkeer uit Texas voor versnelling van de al over tien jaar uitgespreide belastingverlagingen. Hij verweet de Democraten obstructie. Vooral hun leider in de Senaat, Tom Daschle, werd in de schoenen geschoven dat hij de belastingen wil verhogen. Een politieke doodzonde in de ogen van Bush. Volgens Daschle is de recessie verergerd door de gulzige porties overheidsgeld die Bush en de zijnen uit de staatsruif én de sociale kassen hebben gelepeld.

Zwart-wit-kleuring is nooit ver weg in politiek Washington, maar het contrast met de nationale eenheidssfeer in de eerste maanden na de aanslagen van 11 september is opeens heel markant. Het is dan ook weer verkiezingstijd. In november worden verkiezingen gehouden voor alle 435 zetels in het Huis van Afgevaardigden en 34 (van de honderd) Senaatszetels. [Vervolg BUSH: pagina 5]

BUSH

Duel is voorvertoning van verkiezingen

[Vervolgf van pagina 1] De Republikeinen willen graag de meerderheid in de Senaat herwinnen die zij mei vorig jaar verloren toen senator Jeffords de partij van de president verliet. In het Huis staat een Republikeinse meerderheid van elf zetels op het spel.

De uitkomst van deze tussentijdse verkiezingen bepaalt in belangrijke mate hoeveel president Bush de rest van zijn ambtstijd nog kan doen. Hij kan mooi opperbevelhebber zijn en telefoneren met alle groten der aarde, en een overweldigende meerderheid van de Amerikanen prijst hem voor de wijze waarop hij die taken – waarop hij het minst voorbereid leek – in tijden van crisis uitoefent.

Maar opiniepeilingen geven ook aan dat men hem daarom nog niet automatisch ontslaat van zijn sociale beloftes, zoals betere medische voorzieningen voor bejaarden. Om maar te zwijgen van de wensen van zijn conservatieve achterban op het gebied van de medische ethiek en de privatisering van de sociale zekerheid.

Het land verwacht ook dat Bush meer dan alleen maar lippendienst bewijst aan de noden van de honderdduizenden die de laatste tijd zijn ontslagen. Dat is precies wat Tom Daschle, de informele oppositieleider, de president in een stevig getoonzette redevoering vrijdag aanwreef. Bush laat zich graag fotograferen met modale werknemers, maar zijn stimuleringspakket komt opnieuw grote bedrijven en grote inkomens tegemoet.

,,In een tijd waarin de oorlog en de verdediging van het vaderland extra uitgaven vragen'', zei Daschle, ,,missen we ten gevolge van de belastingverlagingen de flexibiliteit die we nodig hebben. We hebben nog maar twee opties, beide verwerpelijk: of de kritische noden van het moment veronachtzamen of de sociale zekerheid plunderen en lenen om de uitkeringen te betalen.''

De hele Republikeinse elite viel het afgelopen weekend over Daschle heen en verweet hem de belastingen te willen verhogen terwijl de bulk van de verlagingen nog moet ingaan, en opvallender Daschle niet eens heeft gepleit voor uit- of afstel van de verlagingen.

Voorlopig durft de even uitgekookte als onschuldig ogende Democraat die impopulaire positie niet aan. Hij probeert begrotingsdiscipline als een Democratisch succesnummer te prolongeren en zegt alleen maar dat de hardst getroffen werknemers snel geld in hun portemonnee moeten krijgen.

Beide partijen zeggen dus niet waarop het staat. Bush heeft gisteren herhaald dat hij in de begroting die hij begin februari zal aankondigen, opnieuw het in de Senaat gesneuvelde stimuleringsplan wil voorstellen dat het Huis van Afgevaardigden eerder aannam. Hij blijft met andere woorden miljarden naar grote donoren van zijn campagnes schuiven, terwijl hij gevoelvol spreekt over de slachtoffers van de economische teruggang.

Daschle van zijn kant trekt niet de consequenties uit zijn harde kritiek en laat de in zijn ogen onverantwoorde belastingverlagingen vooralsnog ongemoeid.

Het prille duel tussen twee politieke realisten kon wel eens een voorvertoning zijn van de strijd die in 2004 om het Witte Huis moet worden gestreden. En juist omdat de macht in het Congres cruciaal is bij het veroveren en uitoefenen van het presidentschap, is het verkiezingsgevecht van dit jaar voor de heren van 2004 veel meer dan een voorprogramma.

Bij gebrek aan wezenlijk nieuwe argumenten én een meerderheid in de Senaat probeert Bush het bovenpartijdige gezag dat hij als oorlogspresident heeft veroverd te verzilveren bij het realiseren van zijn binnenlandse agenda.

Om te ontkomen aan de beleefdheidsverplichting die de oorlog oplegt, vragen de Democraten stelselmatig aandacht voor de sociale en economische crisis. Daarmee kunnen zij Bush portretteren als de man die hij altijd was: een conservatief met een hart, voor grote zaken.