Ideologische scherpte

Het was in de tijd van Den Uyl toen grootindustrieel Alfred Heineken zon op een list, een nationaal alarm tegen de economische crisis waar de PvdA het land in dreigde te storten. Hij verzamelde reclamemensen om zich heen, liet de journalist Ferry Hoogendijk en Hans Wiegel opdraven om te werken aan een paginagroot manifest in de krant. Kosten twee ton, betaald door Heineken.

,,Twee ton, dat was een heleboel geld in die tijd'', concludeerde Pieter-Jan Hagens in een aardig portret van Heineken dat voor later was gepland, maar vrijdag als in memoriam werd uitgezonden. Hoogendijk wist het nog van die twee ton. Ook de reclameman van Heineken kon het bevestigen.

,,Wist u dat daar twee ton voor was betaald?'', vroeg hij aan Wiegel.

Wiegel keek afwezig voor zich uit, alsof hij aan iets anders dacht: ,,Ik weet het niet. Ik hield me daar toen gewoon niet mee bezig.''

,,Kwam het misschien onhandig uit om het te weten?'', vervolgde hij.

,,Wij hielden er ons toen niet mee bezig'', zei hij. ,,Wij vonden het een gezamenlijke meesterzet.''

Zou Wiegel dankzij deze ervaring enthousiast lobbyist voor de brouwerij zijn geworden zodat inmiddels heel Nederland dag en nacht Heineken drinkt? Speciaal op Koninginnedag, het feest voor de met Heineken bevriende collega-miljardair? Hoe klein Nederland is.

Ik vraag me af waarom Wiegel altijd met zoveel egards wordt behandeld op tv, als staatsman uit een vorig tijdperk. Zo bijzonder was hij niet. Maar sinds gisteren heb ik een verklaring. Het is heimwee naar ideologische scherpte.

Gisteren had ik die heimwee ook even in Buitenhof, waar eurocommissaris Bolkestein op bezoek was. Niet iemand die zijn best doet om aardig te worden gevonden. Geen tv-spelletjes, geen nieuwe kookrecepten, verklaringen over de staat van vrouw of kinderen of een nieuwe coiffure voor een beter imago. Hij is tenminste duidelijk en dat is prettig als je moet stemmen. Hij zag niet het poldermodel maar ,,harde politieke strijd'' als basis van het Nederlandse economische succes. ,,Regeren gaat van au'', zei hij. ,,Ik ben voor consensus, maar goed beleid is beter.'' Zijn opvolger Dijkstal wordt al moe van de gedachte om ,,te zeggen waar het op staat'', zoals de VVD-spot voorschrijft.

Bolkestein is nog steeds enthousiast privatiseerder, maar hij kreeg weinig tegenspel. Ik miste vragen over het ondemocratische Europa en over de verzelfstandiging van het spoor, waar hij medeverantwoordelijk voor is. Wil Bolkestein deze failliete boedel nog naar de beurs brengen? Drie Kamerleden, van PvdA, D66 en CDA, die na Bolkestein over de NS discussieerden, waren daar niet helder over.

De cabaretvoorstelling van die avond was ook zo dood als een pier. Ik heb er zelfs niet om kunnen glimlachen. Poelmo, slaaf van het zuiden van Pieter Bouwman, de tekenaar Gummbah en Hans Teeuwen. De vele lege plekken werden opgevuld met schuttingtaal, tot in de kleedkamer toe, waar ook werd gefilmd. Misschien dat het werkte in de zaal waar de aanwezigen zich verplicht voelen om beleefd te lachen. Nooit eens iemand die een rotte tomaat gooit of begint te schelden. Teeuwen zou die Schauspielerbeschimpfung grappig moeten vinden. Maar nee, ook daar consensus. Ik vrees dat de kijkers daar niet in delen.

En later nog meer cabaret. De VARA volgt komieken on tour. Het lijkt wel of elke avond de ene helft van de bevolking kijkt naar de andere die grappig doet op een podium. Ieder zijn persoonlijke clown, dat is pas individualisering. De mijne is Kees Torn. Hij ziet er uit als een verlegen studeerkamergeleerde en hij begeleidt zijn liedjes met klassieke pianostukken. Grapjes over muziek en over wat hij persoonlijk heeft meegemaakt.

Veel cabaret bestaat uit persoonlijke levensgeschiedenissen. Anousha N'zume, een oer-Hollandse zwarte vrouw, vertelde hoe ze als keurig, aangepast hockeymeisje plotseling rap ontdekte. En daarna de mogelijkheid om als N'zume cabaret te maken voor nieuwsgierige Hoofddorpers. Zou de omroep niet moeten afwachten alvorens rijp en groen uit te zenden? Erg vrijblijvend om humor zo te delegeren.