Nieuwjaarsbrief

In haar column `Nieuwjaarsbrief' (W&O, 29 december) vraagt Marita Mathijsen zich af wanneer de jaarwisseling een markeringspunt en een algemeen feest is geworden. De vraag van Mathijsen heeft een even veelzijdig antwoord als er jaarstijlen zijn of waren, zowel in het kader van de toepassing van de christelijke jaartelling als aangaande de andere tijdrekeningen die thans nog opgeld doen.

De conventie van algemene jaarwisselingviering gaat per jaartelling. Ons beperkend tot de christelijke jaartelling betekent dat gemeenschappelijke vieringen vanaf het moment dat de nieuwjaarsstijl het jaar begint met 1 januari de overhand heeft gekregen, hetgeen wat Europese landen betreft enigermate is na te zoeken in de onvolprezen Grotefend (Hermann Grotefend, Taschenbuch zur Zeitrechnung des deutschen Mittelalters und der Neuzeit (Hannover 1991) 11-14: Jahresanfang).

Hoe gangbaar waren Nieuwjaarsgeschenken? In ieder geval was Erasmus iemand die zijn vrienden met nieuwjaarsgeschenken placht te bedenken. Zo heeft hij het op 1 januari 1506 in een brief aan een Engelse penfriend over de eeuwenlange traditie om op Nieuwjaarsdag een geschenkje te geven. Ook Erasmus' geschenkje `voor zijn oude en nieuwe geleerde vrienden' ter gelegenheid van het jaarbegin van 1508 is dankzij Erasmus' onpeilbaar rijke correspondentie bekend gebleven. Als laatste voorbeeld zij hier Erasmus' Nieuwjaarsgift van 1514 genoemd voor in ieder geval de roemruchte Engelse kerkvorst Thomas Wolsey, die onderweg naar zijn hoogste waardigheid als kardinaal op dat moment nog maar net tot bisschop van Lincoln was benoemd.

Gezien Erasmus' Nieuwjaarsgewoonte is het treffend dat hij zijn goede vriend Thomas More per brief van 1 januari 1519 geen Nieuwjaarsgeschenk schonk, maar hem met klem schreef niets met een bepaald geschrift te maken te hebben. Het ging om de Julius Exclusus, een werkje dat kort tevoren in Keulen was gedrukt en waarvan Erasmus het auteurschap in de schoenen werd geschoven. Het betrof een venijnige aanval op wijlen paus Julius II (gestorven in 1513) die door Petrus bij de hemelpoort werd teruggewezen omdat hij het pausdom te grabbel had gegooid door zich aan uiterst verwerpelijke wereldsheden schuldig te hebben gemaakt. Of was juist die ontkenning Erasmus' Nieuwjaarsgift aan More, die Erasmus als auteur beschouwde maar veinsde dat niet te doen?