In `Vrij Kashmir' is het verrassend vredig

In het Pakistaanse deel van de omstreden bergstaat Kashmir lopen geen islamitische strijders op straat. `We hebben geen behoefte aan de steun van fundamentalisten.'

Dertig, veertig kilometer naar het oosten is de bestandslijn het dichtst bij. In het ruige gebied achter bergruggen waarvan de toppen zijn bedekt met sneeuw, hebben Pakistaanse soldaten zich ingegraven en vinden langs de honderden kilometers lange grens vrijwel dagelijks schotenwisselingen plaats met Indiase troepen.

Maar in Muzaffarabad, de hoofdstad van `Azad Kashmir', het `Vrije Kashmir', is van de vijandelijkheden niets te merken. De inwoners koesteren zich in de winterzon die de temperatuur 's middags tot aangename hoogte doet oplopen, de winkeliers hebben hun waren uitgestald en brommertaxi's banen zich puffend een weg langs de aanhoudende stroom van pick-uptrucks en minibussen.

Op de achterruit van een passerende bus, op weg naar de stad, was een poster van Osama bin Laden geplakt, maar nergens in Muzaffarabad zelf zijn aanplakbiljetten of spandoeken te zien die oproepen tot de gewapende strijd in Indiaas Kashmir. Op straat lopen geen Talibaan of uit Afghanistan overgekomen strijders van Al-Qaeda. Nergens zijn kantoren te vinden waar vrijwilligers zich kunnen melden voor de Heilige Oorlog in Kashmir of waar geld wordt ingezameld voor dat doel. De enige oproep om te doneren, op de ramen van enkele banken, geldt de burgerslachtoffers in Afghanistan.

Zelfs het lokale kantoor van het Jammu and Kashmir Liberation Front (JKLF) bij het oude fort in de stad is onbemand. Anders dan de gevestigde Pakistaanse politieke partijen streeft het JKLF niet naar aansluiting van Indiaas Kashmir bij Pakistan, maar naar onafhankelijkheid van heel Kashmir. Om die reden waren kandidaten van het Front afgelopen zomer al bij voorbaat uitgesloten van deelname aan de parlementsverkiezingen in Azad Kashmir. Volgend op die verkiezingen liet de Pakistaanse leider, generaal Pervez Musharraf, in augustus een vertrouweling uit het leger, generaal-majoor b.d. Sardar Muhammad Anwar Khan, tot president van het semi-autonome Azad Kashmir benoemen.

De afwezigheid van oorlogsspanning betekent niet dat in Muzaffarabad de acute Indiase dreiging onbesproken blijft. Honderden aanhangers van de Pakistaanse Volkspartij (PPP) hebben plaatsgenomen op het platte dak van een betonnen gebouw aan de rand van de kloof die de stad doorsnijdt. Allemaal hameren ze op het verraderlijke gedrag van India en de noodzaak als natie verenigd te zijn, en op de zegeningen van de PPP voor Pakistan en voor Azad Kashmir in het bijzonder.

Belangrijkste spreker is advocaat Sultan Mehmood, tot een half jaar geleden nog premier van Azad Kashmir, maar nu, na pijnlijk verlies bij de laatste verkiezingen, gedegradeerd tot oppositieleider in het regionale parlement. ,,De Kashmiri (in het door India gecontroleerde deel van Kashmir) vechten voor een nobele zaak. India probeert van de gelegenheid gebruik te maken de bevrijdingsbeweging tot een terroristische beweging te bestempelen. Maar het zijn de Indiase troepen die zich schuldig maken aan staatsterrorisme'', zegt hij.

Vervolg KASHMIR: pagina 5

Aansluiting bij Pakistan is het doel, en anders niet

Vervolg van pagina 1

Mehmoods belangrijkste politieke rivaal in Azad Kashmir is Sardar Abdul Qayyum Khan van de Muslim Conference, de grote winnaar van de afgelopen verkiezingen. De 77-jarige Qayyum Khan is een oudgediende met een lange staat van dienst. Hij was vier keer president van Azad Kashmir en één maal premier en hij geldt als een van de belangrijkste pleitbezorgers voor de vrijheidsbeweging in Kashmir.

Er is geen bewijs, zegt Qayyum Khan terwijl een schare medewerkers en bewonderaars meeluistert, dat de Pakistaanse regering islamitische strijders over de grens naar Kashmir heeft gestuurd, zoals India beweert. Iets anders is dat de regering misschien niet altijd in staat is geweest ze tegen te houden. Per slot van rekening slagen 800.000 Indiase veiligheidstroepen er ook niet in hun gebied onder controle te houden, voegt hij er vilein aan toe.

,,Nadat de Afghaanse oorlog was geëindigd (tegen de bezetting van de Sovjet-Unie) ontstond er euforie en kwam vrijwel elke militaire mujahedeen-commandant naar me toe om de oplossing voor Kashmir aan te bieden. Ik was toen president en ik heb steeds gezegd dat ze niet moesten komen'', legt Qayyum Khan uit. ,,De strijd in Kashmir gaat om het verwezenlijken van het recht tot zelfbeschikking, dat de Verenigde Naties de Kashmiri hebben toegekend. Het is geen religieuze strijd. De beweging voor zelfbeschikking heeft geen behoefte aan de steun van fundamentalistische groeperingen uit Pakistan.''

Ook in de ogen van Qayyum Khan kan het einddoel van de vrijheidsstrijd geen andere zijn dan aansluiting van Indiaas Kashmir bij Azad Kashmir, ervan uitgaande dat de bevolking zich daar in een te houden referendum voor zal uitspreken. De optie van niet kiezen tussen Pakistan en India, maar opteren voor onafhankelijkheid is volstrekt onbespreekbaar, zegt hij. Dat was niet aan de orde bij de deling van het subcontinent in 1947 en ook de VN hebben die optie losgelaten. ,,Als je nu opeens onafhankelijkheid tot inzet maakt, kun je helemaal opnieuw beginnen. Dan maak je de zaken alleen maar ingewikkelder en creëer je een heleboel chaos in het hele subcontinent. Dan zullen ook andere groepen onafhankelijkheid gaan eisen, zoals de sikhs in Punjab.''

Ondanks hun politieke rivaliteit zijn Sultan Mehmood en Qayyum Khan eensgezind in hun loftuitingen op generaal Musharraf, die leiderschap toont en een heldere koers vaart. Als de Indiase troepen het toch wagen de grens over te komen, dan kunnen ze rekenen op een bloedbad.

,,Pakistan staat als een rots'', zegt Sultan Mehmood. Zijn studenten van de PPP heffen nog een keer slogans aan. Een jongetje kijkt toe. Hij zit op een madrassa, een religieuze school. ,,Ben jij klaar voor de jihad'', vraagt een student gekscherend. ,,Als zij niet van plan zijn te gaan vechten'', wijst hij op de oudere mannen, ,,waarom zou ik dan moeten?'', antwoordt hij prompt.