Filantroop in de kunst

Een van `s werelds grootste particuliere kunstverzamelaars, dr. Gustav Rau, is afgelopen donderdagmorgen overleden in een ziekenhuis in zijn geboortestad Stuttgart. De Duitse tropenarts bracht gedurende zijn leven een unieke collectie van ruim achthonderd schilderijen en sculpturen bijeen, die samen een overzicht boden van vijf eeuwen Europese kunstgeschiedenis.

Rau hield zijn verzameling, met een geschatte waarde van driehonderd miljoen euro, lange tijd voor de buitenwereld verborgen. Pas in 1999 bracht de Duitser de werken voor het eerst in de openbaarheid. Een jaar geleden was een selectie van ruim honderd schilderijen onder de titel `Meesterlijk Verzameld' in de Rotterdamse Kunsthal te zien, met topwerken uit onder meer Renaissance, Hollandse Gouden Eeuw, van impressionisten en fauvisten.

Gustav Rau werd wel `de discreetste miljardair ter wereld genoemd. De ongetrouwde en kinderloze arts was de enige erfgenaam van het imperium van autobedrijven van zijn vader en de textielfabriek van zijn oom, maar liep nooit met zijn rijkdom te koop. Hij studeerde economie en begon in de jaren zestig aan een studie medicijnen, die hij afrondde toen hij 47 jaar oud was.

Na de dood van zijn vader, een jaar later, verkocht Rau de fabrieken en vertrok hij als tropenarts naar Zaïre, het huidige Congo. In het bergdorp Ciriri, vlak bij de grens van Rwanda, stichtte hij in de traditie van Albert Schweitzer een hospitaal met driehonderd bedden, waar hij gedurende meer dan twintig jaar zo'n negenduizend mensen van voedsel voorzag. Bovendien betaalde hij jaarlijks de opleiding van ruim dertigduizend kinderen.Twee of drie keer per jaar keerde Rau terug naar het Westen, om in de grote veilinghuizen van New York, Parijs of Londen een bod uit te brengen op kunstwerken van grote meesters als Ruysdael, Fra Angelico, El Greco, Cézanne of Klimt. Zijn puissante rijkdom maakte het hem mogelijk om meer te bieden dan welke andere collectioneur ook.

Hoewel de arts in feite een leek was op het gebied van de beeldende kunst, liet hij zich nooit adviseren en kocht hij alleen wat hij zelf mooi vond. De aanwinsten werden opgeslagen in een Zwitsers depot, een onderaardse schatkamer die ontoegankelijk was voor het publiek.In de jaren tachtig bouwde dr. Rau aan een eigen museum in Marseille, waar hij zijn hele collectie had willen tonen. Het Gustav Rau Museum is er echter nooit gekomen. Wegens de toenemende conflicten in Congo en Rwanda besloot de arts dat zijn geld voor het hospitaal harder nodig was. Hij deed in stilte bijna honderd schilderijen van de hand en schonk het museumgebouw aan de gemeente Marseille.

De laatste jaren kampte dr. Rau met een slechte gezondheid. Als gevolg van een neurologische operatie was hij aan een rolstoel gekluisterd en kon hij nauwelijks nog praten. In 1999 maakte hij bekend zijn collectie te willen schenken aan UNICEF. De Zwitserse regering, die niet wilde dat Rau's kunstschat het land zou verlaten, stelde de handelingsbekwaamheid van de arts ter discussie. De stichtingen van dr. Rau werden onder curatele gesteld en verschillende rechtszaken volgden. Na twee jaar juridisch getouwtrek kon Gustav Rau zijn collectie in september 2001 toch nog aan het kinderfonds van de Verenigde Naties overhandigen. Daarmee ging de grootste wens van de bejaarde filantroop in vervulling.