Weemoedige staalgitaren

Voor countryrock, die typische mengeling van `progressieve' rock en traditionele country, moeten de liefhebbers al lang niet meer in Los Angeles zijn, maar in het Texaanse Austin. Zoals Peter Doggett opmerkt in Are You Ready for the Country: `Bezweken onder de druk van cocaïne en disco gleed de Los Angeles-élite weg in luiheid, hun artistieke integriteit begraven onder een gladde laag cynisme'. De laatste plaat van The Eagles, Hell Freezes Over, is in winkels vooral geliefd als demonstratiemateriaal voor zeskanaals-muziekinstallaties.

Peter Doggett (1957) was zeventien jaar redacteur van Record Collector. Grote verdienste van zijn boek is dan ook dat het niet alleen een compleet overzicht geeft van dertig jaar countryrock, maar ook van de muziek die al daarvoor gebaseerd was op een mengeling van country & western en andere, vooral in het zuiden van de Verenigde Staten populaire muziek. Merkwaardigerwijs begint het eind jaren zestig, (Byrds, Dylan, Gram Parsons), en behandelt het daarna de countrywortels van rock (Elvis Presley, Carl Perkins) en andere artiesten op het snijvlak van pop, country en rock vanaf de jaren vijftig (Hank Williams, Bill Haley). In deel drie, 370 pagina's verder, gaat het door waar het eerste deel ophield, vanaf The Eagles en andere groepen en aan countryrock verwante genres.

Doggett leidt ons door de bijna onontwarbare kluwen van de geschiedenis van The Byrds en aanverwante groepen: The Dillards, The Flying Burrito Brothers, Poco, Loggins & Messina. Allemaal groepen waarvan de leden in wisselende samenstellingen samenwerkingsverbanden aangingen. Pas na veel bladeren, en dankzij een namenregister van 48 pagina's, kan de lezer zelf een samenhangend verhaal reconstrueren van een bepaalde carrière. Wel bevat het boek een schat aan informatie, prikt het een paar hardnekkige mythes door, en geeft Michael Nesmith de eer die hem toekomt.

Want niet Gram Parsons of iemand anders uit The Byrds was de eerste countryrocker, maar Michael Nesmith, lid van die groep waarvoor elke hippe vogel destijds de neus ophaalde: The Monkees (Nesmith was de jongen met het wollen hoedje). Al in juli 1966 schreef hij samen met Carole King en Gerry Goffin `Sweet Young Thing', dat compleet met country fiddle en freak-out fuzz guitar op de eerste Monkees-LP terechtkwam. Met de First National Band maakte Nesmith tussen 1969 en 1972 baanbrekende muziek. Toen die groep uit elkaar viel, huurde Nesmith James Burton, Ronnie Tutt en Glen Hardin in, die met Elvis Presley speelden. Die drie zouden later ook ingeschakeld worden door Gram Parsons voor diens legendarische plaat GP, merkt Doggett fijntjes op. Zo staat dit boek bol van feiten over een muzieksoort die, volgens de niet door bescheidenheid gehinderde Gram Parsons, had moeten leiden tot Cosmic American Music. Het heeft niet zo mogen zijn. De mentaliteitsverschillen tussen Nashville en Los Angeles en New York bleken voor het grote publiek onoverbrugbaar. Voor de muzikanten lag het anders: de Nashville cats ervaarden de losse manier van werken in de studio vaak als een bevrijding, en de rockhelden waren stomverbaasd dat ze in Nashville maar een paar dagen nodig hadden, waar ze elders maanden bezig waren. Maar toch, de anonieme muzikanten in Nashville kropen `s avonds liever in hun eigen bed dan als rockster in hotelbedden. En de rockers waren beducht hun `progressieve' publiek te verspelen.

Peter Doggett: Are You Ready for the Country? Penguin, 562 blz. eur 22,23