Omrijden loont in driehoek Limburg

In de Limburgse euregio worden de voordelen van de nieuwe Europese munt goed zichtbaar bij het boodschappen doen. Meer dan tien euro verschil op een volle tank benzine.

Bewoners in de grensstreek met België en Duitsland profiteren het meest van de invoering van de euro. De nieuwe munt zorgt voor gemak bij het winkelen over de grens en voor transparante prijzen, zonder wisselkoersen en bankkosten.

Terwijl bewoners van West- en Midden-Nederland hoogstens tijdens vakanties het gemak van de Europese eenheidsmunt mogen ervaren, hebben grensbewoners dagelijks, wekelijks of maandelijks voordeel van de euro. Parkeermeters net over de grens zijn geen barrière meer, en de nieuwe munt schept helderheid bij Aldi, Blokker of Kruidvat die ook in Duitsland of België staan. De euro is ook handig bij de benzinepomp in de buurlanden. Daar wordt nu met één oogopslag duidelijk dat een liter benzine er toch echt goedkoper is.

Neem Maastricht, strategisch gelegen tussen België en Duitsland. De bewoners hoeven maar een paar kilometer te rijden om in het Belgische Vroenhoven een liter eurobenzine te tanken voor 91 eurocent. In hun eigen stad betalen ze 1,09 euro per liter. Dat scheelt op een tank van 60 liter 10,80 euro (23,75 gulden).

Zo maakt de euro ook helder dat Maastrichtenaren niet naar de vestiging van Blokker in het naburige Lanaken hoeven. Die is duurder dan Blokker in Maastricht. Bij Blokker in Lanaken kost een Philips friteuse (model `Comfort') 49,50 euro. Blokker Maastricht rekent 44,99 euro. En de zevendelig kookset Classic van `Le Chef' kost bij Blokker in Lanaken 54,95 euro, in Maastricht 49,99 euro. Het loont wel om voor cd's, elektronica en sterke drank naar Duitsland te rijden waar de prijzen voor deze producten over de hele linie zo'n tien procent lager liggen.

Grensbewoners zullen sneller de grens oversteken met de euro op zak, verwacht J. Maks, hoogleraar economie aan de Universiteit Maastricht. Hij leidt een onderzoek naar de gevolgen van de invoering van de euro voor de Euregio Maas-Rijn. Dat is een gebied van vijf regio's in drie landen: Zuid-Limburg, de Duitse regio Aken, de Belgische regio Eupen en de Belgische provincies Luik en Hasselt.

Het onderzoek wordt gedaan in opdracht van de gemeente Maastricht en officieel gepresenteerd tijdens de conferentie Eén munt, één euregio?. De conferentie is gepland op 6 februari, een dag vóór de speciale vergadering van de Europese Centrale Bank in het provinciehuis van Maastricht. Het is die dag tien jaar geleden dat in het provinciehuis het Verdrag van Maastricht is ondertekend dat de invoering regelde van de Europese munt.

Onderdeel van het onderzoek was een rondvraag onder winkelend publiek in de steden Maastricht, Luik, Hasselt en Aken. Het is volgens Maks een poging om de gevolgen van de euro voor de concurrentiepositie van de detailhandel over de grens heen in kaart te brengen. Maks: ,,Van de invoering van één muntsoort in het Euregiogebied zal zeker een prikkel uitgaan. Opeens worden de prijzen transparant. Dat was ook een van de vragen uit ons onderzoek: verandert de concurrentiepositie van de steden?''

Vooruitlopend op de presentatie van het onderzoek zegt Maks dat het ,,niet onwaarschijnlijk'' is dat uit de vergelijking van de prijzen in de euregio de regio Aken als goedkoopste uit de bus komt. Maks: ,,Dat komt onder meer door het lagere Duitse BTW-tarief. De transparantie van de prijzen kan dan ook in het nadeel van Maastricht werken. Dat betekent dat de stad extra aandacht moet besteden aan bereikbaarheid en eigenschappen als sfeer en entourage.''

Eén euro, maakt nog niet één euregio, zo blijkt ook uit het onderzoek van de hoogleraar. De euro zal niet leiden tot een spoedige integratie in de Euregio Maas-Rijn. Maks: ,,De euro is een prikkel, maar we zijn er nog lang niet.'' Er zijn veel verschillen in de euregio die nog lang blijven bestaan. En wat voor deze euregio geldt, geldt ook voor alle euregio's in Europa. Vijftig jaar Europese integratie heeft niet geleid tot een economische eenwording binnen euregio's.

Maks somt de belemmeringen op: afwijkende nationale regelgevingen, verschillen op de arbeidsmarkt. Juist daar, blijkt uit Maks' onderzoek, is nauwelijks integratie. Zo kampt Zuid-Limburg met een krappe arbeidsmarkt terwijl net over de grens in Luik de markt helemaal niet krap is. Ook nationale distributiesystemen blijven intact. Zuid-Limburg wordt bevoorraad vanuit pakweg Utrecht, in plaats vanuit het nabije Aken.

Ook voor de ruimtelijke ordening zijn de barrières hoog. Maks: ,,Kijk hoe moeizaam het grensoverschrijdende bedrijventerrein tussen Heerlen en Aken van de grond kwam.'' En de euregionale criminaliteitsbestrijding is gebrekkig. Een Duitse agent mag aan de Nederlandse kant van de Duits/Nederlandse Grensstraat in Kerkrade geen foutparkerende automobilist bekeuren.

Toch zijn er ook positieve ontwikkelingen, zoals in de gezondheidszorg. Eenderde van de duizend verpleegkundigen van het Academisch Ziekenhuis Maastricht is Vlaming en de traumahelikopter uit Aken werkt ook in Zuid-Limburg. En sinds Nederlanders de hypotheek van hun buitenlandse woning (eerste woning) in Nederland kunnen aftrekken, is sprake van een heuse mix van de bevolking in de grensstreek.