De Belgische rol in Rwanda

Luc Marchal was tijdens de VN-vredesmissie in Rwanda (1994) commandant van de sector Kigali. De Belgische kolonel coördineerde er de operaties van Bengaalse, Ghanese, Tunesische en Belgische blauwhelmen. Zijn opdracht eindigde in de totale chaos, nadat de Rwandese president Habyarimana omgekomen was bij een moordaanslag. In de anarchie die volgde werden tien Belgische paracommando's gedood door muitende soldaten van het Rwandese regeringsleger. Het Belgische bataljon kreeg vanuit Brussel het bevel Rwanda te verlaten, op het ogenblik dat honderdduizenden Tutsi's werden gedood. Tegelijk begon het rebellenleger van de Tutsi's met de stelselmatige verovering van het hele land en drie maanden later was Rwanda in handen van generaal Kagame.

Zoals zoveel peacekeepers vóór hem heeft Luc Marchal aan zijn missie een zware kater overgehouden. In Aan de poorten van de Rwandese hel laakt hij niet alleen het roemloze vertrek dat voor hem neerkomt op een verraad aan de Rwandese bevolking. Vrijweel alles wat hij heeft meegemaakt in dat vier maanden durende verblijf in Rwanda, zit hem hoog.

De VN hadden om achthonderd Belgische soldaten verzocht. De Belgische regering zond er 370. Bij aankomst in Kigali bleek dat niet in logement was voorzien. Wanneer Marchal aan zijn oversten in België meer munitie vraagt, doen zijn superieuren in Brussel alsof hun neus bloedt. Raakten zijn militaire oversten geïrriteerd? Hadden ze geen benul van de ernst van de situatie en overheerste de tirannie van het budget? Maar Marchal velt ook een vernietigend oordeel over de VN. Hij heeft problemen met het angstvallige karakter van de rules of engagement die de VN vaststelde. Zo was hij op de hoogte van opslagplaatsen van wapens van Hutu-extremisten. Toch verbood New York nadrukkelijk die op te ruimen, omdat dat wapengebruik vereiste. Voor de kolonel is het nog altijd moeilijk te verteren, te meer omdat hij weet dat met de wapens uit die depots in april 1994 de genocide een aanvang nam.

Het boek van Marchal is natuurlijk een verdediging van zijn eigen rol, en zo moeten we het ook lezen. Want na afloop van zijn missie moest uitgerekend hij voor het militair gerechtshof verschijnen. Hij wordt verantwoordelijk gesteld voor de dood van de tien Belgische soldaten. Blijkbaar had men in Brussel tijdens de vredesmissie een hekel gekregen aan de kapsones van een commandant, die het allemaal veel te menens was geweest. In elk geval verschijnt geen enkele van zijn oversten als getuige à decharge. Maar gerechtigheid geschiedt en Marchal wordt vrijgesproken.

Nu maakt hij met dit boek een ander proces mogelijk. Want wie was tenslotte verantwoordelijk voor de anarchie waarin tien Belgen en misschien een miljoen Rwandezen omkwamen? Het antwoord dat Marchal suggereert: zij die de doelen van de vredesmissie vastlegden zonder de middelen te voorzien die onontbeerlijk waren om ze te verwezenlijken.

Luc Marchal: Aan de poorten van de Rwandese hel. Getuigenis van een peacekeeper. Van Halewyck, 263 blz. eur 19,78